Geen spijt!

Succesauteur Carry Slee schreef vooral felrealistische kinderboeken. Toch wilde ze iets anders. Nu is er Strijken, haar vijfde roman voor volwassenen. Met expliciete tekeningen. Waarom?

Op het bureau van Carry Slee (64) ligt een stapel dichtbetypte en vergeelde velletjes in een plastic map. Het is het eerste manuscript dat ze schreef, ver voor haar doorbraak als jeugdboekenschrijfster. Een verhaal over fantasieën, wanen en angsten - het leek in niets op het felrealistische proza dat de jonge lezers van Slee tegenwoordig gewend zijn. 'Ik stuurde het naar de Bezige Bij en kreeg het terug met het commentaar dat alleen de realistische stukken goed waren. De rest was, tja, onleesbaar.'


Slee, tot dan toe dramadocente, wilde niets liever dan schrijver worden. Ze nam het commentaar serieus, liet haar wilde fantasieën voor wat ze waren en schreef vanaf toen jeugdboeken over herkenbare onderwerpen zoals pesten, drugsgebruik en verliefdheid. Ze verkocht 4,5 miljoen boeken.


Nuchter: 'Ik had succes met die aanpak, dus ik heb het maar zo gelaten. Maar een paar jaar geleden begon het toch te knagen. Er is nóg iets wat je wilt en kunt, zei een stemmetje. Er is nóg een Carry Slee.'


Anderhalf jaar geleden begon Slee daarom aan Strijken, haar vijfde roman voor volwassenen. Het boek lijkt in veel opzichten op dat eerste manuscript. Strijken gaat over de vastgelopen schrijver Johan van Tongeren, die ondanks zijn succes ongelukkig is en in een psychose belandt. De lezer verkeert gedurende bijna het hele boek in Van Tongerens zeer verwarde brein.


In haar werkkamer in Bergen is een van de wanden grotendeels bedekt met boeken, waarvan Slee de meeste zelf heeft geschreven. Hier zit ze van negen uur 's ochtends tot een uur of vier 's middags, elke dag, nog steeds. Voor en na het schrijven wandelt ze een uur met partner Elles van den Berg en hun twee witte maltezers.


Van den Berg, ooit actrice en redacteur bij een toneeluitgeverij, maar inmiddels al jaren werkzaam in het bedrijf Slee, komt binnen met een dienblaadje; thee, koffie, stroopwafels.


'Alsjeblieft, Car.'


'Lekker, El.'


Hoeveel boeken heeft u geschreven?

'Weet je dat ik dat niet weet? Ik denk zeker 75, ofzo.'


Voelde u de verplichting om steeds weer uw eigen succes te evenaren?

'Op het laatst wel. Vier jaar geleden merkte ik dat ik iets anders wilde, en tegelijkertijd merkte ik hoe moeilijk dat was. De druk die ik mezelf oplegde was enorm. Succes is geweldig, maar ik heb het ook altijd proberen te relativeren. Het is prachtig, maar het is tegelijk ook niets.'


Had u het idee dat u een trucje aan het doen was?

'Het bevredigde niet meer. Ik was bang dat ik Carry Slee van de boeken zou worden, in plaats van gewoon, écht mezelf. Ik was alleen maar bezig met iedereen te plezieren.'


Hoe ging dat? U moest steeds nog een boek van uzelf, en daarna nóg een?

'Ja.'


Waarom eigenlijk? Voor het geld hoefde u het niet te doen.

'Inderdaad, maar als ik op mijn website keek, waren er altijd kinderen die vroegen: wanneer komt deel zes? Ik wilde schrijven, en ik kan het snel. Ik ging gewoon dóór. Onze dochters waren allebei het huis uit, dus qua werk kon ik het zo gek maken als ik wilde. Dat brak me op. Tijdens optredens zat ik er tegen mijn zin, maar dat mocht niemand merken. Ik wil altijd aardig blijven, en dat lukte ook, maar na afloop had ik een leeg gevoel. Het werd een soort toneelstukje. Elk jaar twee of drie boeken, al die optredens, promotie voor boekverfilmingen - het kon niet langer. Toen ik doorhad dat ik toch echt wel een burn-out had, was het al te laat. Ik kon niet meer zitten en ik kon niet meer staan. Alles bewoog. Ik had geen rust meer in mijn lichaam. Mediteren heeft erg geholpen. Tegenwoordig ben ik heel voorzichtig. Ik doe alleen nog wat ik voor honderd procent zelf wil.'


Zoiets was Strijken, zegt Slee. 'Dit moest ik schrijven. Tegelijkertijd is het eng. Bij een kinderboek weet ik van tevoren dat ik het tot een goed eind breng - niet omdat dat makkelijk is, maar omdat ik het al zo vaak gedaan heb. Dat is safe. Dit boek is dat niet.'


Wist u vooraf wat hoofdpersoon Johan van Tongeren zou meemaken?

'Nee, ik heb het beleefd terwijl ik aan het schrijven was. Hij leest voor in de schouwburg als hij wordt meegenomen door een garuda, een mythische vogel. Lichamelijk blijft hij in de schouwburg, maar zijn geest gaat mee - hij komt terecht in allerlei wanen. Die wanen kwamen uit mezelf naar boven.'


Dus we lezen over iemand die gek is?

Meteen: 'Dat vind ik niet. We lezen over iemand die héél erg in de war is. Vastgelopen. Het woord psychose komt van de uitgever. Dat wil nog niet zeggen dat iemand gek is.'


Er zijn raakvlakken: ook u bent succesvol schrijver, ook u zegt dat u vastliep.

'Zeker. Johan raakt in een van die wanen verzeild in een gruwelijk land. Hij wordt gedwongen een duel aan te gaan met een andere, populaire schrijver. In een volle arena moeten ze allebei voorlezen. Het publiek zal bepalen wie er wint, waarna de verliezer in een gigantische papierversnipperaar aan reepjes wordt gescheurd. De schrijver weet: als ik niet beantwoord aan het verlangen van de lezers, kan dat me mijn leven kosten. Toch kiest Johan ervoor een liefdesgedicht voor te dragen. Natuurlijk gaat dat eigenlijk over mij - ook ik heb op dit moment besloten voor mijn eigen inspiratie te kiezen, en niet voor het makkelijke succes.'


In Strijken staan behoorlijk expliciete illustraties.

'Die vader die zich aftrekt in die theaterzaal, denk ik dat je bedoelt..?'


Ja. En er staan nog een paar piemels in. Een naakte vrouw. Bloederige taferelen. Niet direct wat het grote publiek van u verwacht.

'Het zijn beelden die iemand in psychose ziet en die beelden zijn niet zoet. Misschien denken mensen: wat doet Carry Slee nu? Dat kan. Als er ook maar mensen blij verrast zullen zijn.'


Met Rudolf van Maanen, de kunstenaar die de illustraties maakte, had Slee jarenlang een relatie. 'Toen ik zes jaar met Ruud was, ontmoette ik Elles. Daarna hebben we twee jaar met zijn drieën bij elkaar gewoond. Ruud heeft mij die ruimte gegeven. Dat is zoiets moois. Daardoor blijft iemand altijd in je hart. Uiteindelijk moesten we alle drie vaststellen dat het met zijn drieën niet ging. Het was te moeilijk. Tussen Elles en Ruud ging het wel, maar ze hadden nooit echt voor elkaar gekozen; ik zat er altijd een beetje tussenin. Ruud heeft het naar gevonden, dat hij weg moest - weggíng. Hij is altijd een dierbare vriend gebleven. Ik vind het heel bijzonder dat hij zijn werk nu door mijn boek aan een breder publiek kan laten zien.'


Als de hoofdpersoon in Strijken zo op u lijkt, waarom is het dan een man?

'Ja, apart hè? Dat vind ik zelf ook gek. Maar voor mij ís het gewoon een man. Elles zei een keer: waarom geen vrouw? Ik zei: nee, dan kan ik het niet schrijven. Ik was geen genderkind, maar als ik me met iemand identificeer, is het eigenlijk altijd een man. Terwijl ik ook moeder ben en me volop moeder voel. Misschien komt het omdat mijn vader vroeger wilde dat ik een jongetje was - ik heb een oudere zus, na mij kwamen er geen kinderen meer. Hij heeft dat volgehouden tot mijn puberteit.'


Slee groeide op in Amsterdam-West, met een moeder die zwaar depressief was en leed aan allerlei neuroses. Haar vaak afwezige vader ging vreemd. Het was een slecht huwelijk. Ze had een ongelukkige jeugd, waarover ze drie autobiografische boeken schreef. 'Daar is het zaadje van mijn schrijverschap geplant. Ik wilde ontsnappen aan de werkelijkheid en leefde in mijn fantasieën over een ander, zorgeloos leven, een ander thuis, met een vader en moeder die wél sterk en stabiel waren.'


Haar ouders hebben het succes nooit meer meegemaakt, zegt Slee. Ze debuteerde pas op haar 40ste. 'Ja, ik wilde graag succes. Ik wilde kinderen aan het lezen krijgen. Ik wilde iemand zíjn - dat denk ik ook. Als je door je verleden beschadigd bent, zoals ik, is erkenning nog belangrijker. Het heeft mij gelukkig gemaakt, zowel de erkenning als het schrijven zelf. Alleen met de bekendheid heb ik af en toe moeite gehad. Overal kwamen kinderen en ouders naar me toe, zelfs in de sauna stond ik handtekeningen uit te delen. Dat is best lastig voor iemand die eigenlijk verlegen is.'


Slee haalde veel ideeën voor kinderboeken uit het leven van haar dochters Nadja en Masja, inmiddels 34 en 32. 'Toen Elles en ik samen kinderen kregen, was dat een taboe. Ik gaf dramales op een katholieke school en mocht het van de directeur niet aan de leerlingen vertellen. Elles en ik zijn allebei zwanger geweest, Nadja en Masja hebben verschillende vaders. De vragen daarover zijn niet lelijk bedoeld, ik snap het wel, maar zij zijn allebei onze kinderen, het doet er niet toe wie biologisch van wie is.'


Geld was er nauwelijks toen de kinderen klein waren. 'We hadden amper geld voor boodschappen en woonden met twee kinderen in een vakantiehuisje in Schoorldam. Het was prachtig, misschien wel het mooiste huisje waar we ooit hebben gewoond. Bordkartonnen wandjes, je hoorde elkaar altijd. Wij waren vaak de enigen op het vakantiepark. Een enorme vrijheid. Waarmee ik niet wil zeggen dat geld niet prettig is, want het is fijn dat ik nu kan doen wat ik wil.'


Welke uitspattingen permitteert u zich?

'Uit eten. Reizen niet, dat heeft mij nooit geboeid. Hou ik helemaal niet van. Ook niet van vakantie. Elles wil soms wel graag weg, dan gaan we een paar nachtjes. Een weekje naar Frankrijk is het maximum. Elles en ik hielden ervan om vaak te verhuizen. We zijn in twintig jaar tijd zeker zeven keer verhuisd. Steeds weer iets nieuws. Een dure hobby, die nu misschien een beetje voorbij is. Masja heeft een zoontje van 3. Dus we gaan niet meer weg. Kleinkinderen zijn zoiets moois.'


Critici hebben de kinderboeken van Slee nooit gewaardeerd: te vlak, te simpel. 'Van die kritiek heb ik me nooit iets aangetrokken. Ik snapte wel wat de recensenten bedoelden, hoor. Ik weet wat ze willen lezen. Alleen wilde ik dat niet schrijven. Literatuurcritici willen verrast worden. Ik kan me voorstellen dat ze mijn boeken te makkelijk vinden, te dichtgetimmerd. Maar voor kinderen is het leven zelf al één grote verrassing. In boeken zoeken zij herkenbaarheid, een mooi, realistisch verhaal, over iets wat zij zelf zouden kunnen meemaken.


Mijn doel was om kinderen aan het lezen krijgen. Dat dat is gelukt, is veel belangrijker dan welke recensie dan ook.'


En nu, met dit boek?

'Nu ben ik heel benieuwd wat de recensenten ervan zullen vinden.'


Slee pakt het plastic mapje met het manuscript. 'Daar denk ik weleens aan: stel dat iemand hier toen iets in had gezien. Dan was ik een totáál andere carrière tegemoetgegaan. Dat is zo mooi van het leven. Dat dat niet is gebeurd.'








4,5 miljoen boeken


Carolina Sofia (Carry) Slee werd geboren op 1 juli 1949 in Amsterdam.


Ze debuteerde in 1989 met Rik en Roosje en schreef sindsdien 'ongeveer 75' boeken, waarvan ze in totaal rond de 4,5 miljoen exemplaren verkocht. Ze werd negen keer onderscheiden door de Kinderjury en vijf keer door de Jonge Jury. Meerdere van haar boeken zijn verfilmd, zoals Afblijven, Spijt! en Razend. Ook schreef Slee vijf boeken voor volwassenen. Haar nieuwste roman, Strijken, verschijnt morgen bij de Arbeiderspers (euro 19,95), en niet bij haar 'eigen' uitgeverij Dutch Media, 'in goed overleg'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden