Geen spijker te zien

Doorgaans is het ‘gebouw van het jaar’ iets groots. Dit jaar zitten er ook kleine projecten onder de blikvangers. Zoals een zwembadpaviljoen, zwevend in een tuin.

Anderhalf jaar heeft hij met eigen handen aan het zwembadpaviljoen in zijn tuin gebouwd. Elk weekeinde. Dat nu ‘zo’n klein, particulier object’ meedingt naar de titel ‘gebouw van het jaar’ ziet architect Paul van den Heuvel als een hele eer, een erkenning. Zijn gebouw is deze week tot winnaar uitgeroepen in de regio Zuid, gekozen uit 25 genomineerden.

Meestal is het gebouw van het jaar, elk jaar uitgeroepen door de Bond van Nederlandse Architecten (BNA), een groot project. Vorig jaar het nieuwe station Bijlmer in Amsterdam, het jaar daarvoor de 90 meter hoge woontoren Smalle Haven in Eindhoven.

Dit jaar is er ook oog voor kleinere objecten. De jury had veel waardering voor de liefde die uit het paviljoen van Van den Heuvel spreekt. ‘Consistent, liefdevol en tot in ieder detail perfect uitgewerkt. Het ontroerende paviljoen is een ode aan het architectenvak.’

Wie bij het huis van Van den Heuvel in de omgeving van het Brabantse Rijsbergen aankomt, ziet geen strak architectenhuis, maar donkere kleuren, een landelijke stijl en veel verschillende kamers en hoeken.

De bouw van het paviljoen is pas een eerste stap naar zijn ideale woonomgeving. ‘Dit huis? Jaren zeventig, totaal niet mijn stijl. Ik zou het ’t liefst helemaal weghalen en opnieuw beginnen.’

Architect Paul van den Heuvel is gevallen voor de plek. Er is bos, weiland; er zijn weinig buren. Die vrijheid deed hem en zijn vrouw vier jaar geleden Breda verlaten.

‘Less is more’, komt regelmatig over zijn lippen. Als architect is hij voortdurend bezig om exterieur en interieur van gebouwen zo sober mogelijk te maken.

En dat is te zien aan het paviljoen in zijn tuin. Een langwerpig object van 2,5 bij 20 meter, waar het absolute minimum richtlijn is. Geen spijkers in de muren, geen stopcontacten in het zicht, vooral geen lelijke elektriciteitsdraden; een verwarming is weggewerkt in het keukenblok. Zelfs de scharnieren van de deuren zijn onzichtbaar.

Het resultaat is een ingetogen bouwwerk, dat zijn hele karakter put uit muur, materiaal en ruimte. Ondanks de smalle, langgerekte vorm is er wel ruimte voor een glazen patio, waar een oude eik door de vloerbalken heen komt. ‘Het hele gebouw is zwevend, maar deze boom zorgt voor contact met de grond.’

Omdat hij zelf opdrachtgever, architect en aannemer was, beantwoordt het paviljoen helemaal aan de persoonlijke stijl van Van den Heuvel. Het grenst aan het eveneens gerenoveerde zwembad, maar is naast zwembadhuisje ook meditatieruimte annex logeervertrek. Er is een minimum aan verschillende materialen gebruikt; speciaal door hem bewerkte polyester platen met honingraatstructuur vormen de zijwanden.

‘Het gebouw is van buiten gezien heel gesloten, maar door de structuur van het polyester valt het licht door de wanden heen naar binnen. Als je binnen staat, is je silhouet door de muren heen te zien.’

Het enige raam kijkt uit over de weilanden die aan de tuin grenzen, en naar het bos. In de tuin is een hovenier bezig planten te verwijderen. ‘Alles moet weg. Mijn tuin moet zo overlopen in het bos.’

Het is minimalisme tot het uiterste, en dat hoopt hij voor zijn woonhuis ook te bereiken. Het moet een open gebouw worden, met veel glas, zwevend op een paar palen. ‘Dat zou een mooi contrast vormen met het introverte van het paviljoen.’

Over drie jaar is alles hopelijk verbouwd, maar dit keer huurt hij wel een aannemer in. ‘Anders krijg ik ruzie met mijn vrouw.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden