Geen reden tot paniek over spermakwaliteit

Klopt dit wel?

Berichten verspreiden zich vaak razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Vandaag: de spermakwaliteit van westerse mannen holt achteruit.

Een donorkamertje van het Medisch Centrum Kinderwens voor de donatie van sperma Foto anp

Er gaat geen maand voorbij of er is grote ongerustheid over de vruchtbaarheid van mannen. In augustus bleek nog dat mannelijk sperma werd vergiftigd, omdat uit indirect bewijs zou blijken dat dit bij honden ook gebeurt. Vandaag meldt het AD dat de spermakwaliteit zeker weten achteruitgaat: een man produceert tegenwoordig nog maar 40 miljoen zaadcellen per milliliter, terwijl dat getal twintig jaar geleden nog 60 miljoen was. Talloze media namen het alarmerende getal over. Gaat het nu echt mis met mannensperma?

De uitspraak komt van een uroloog van het Erasmus MC die deze week een congres over mannelijke onvruchtbaarheid organiseert. Bij navraag is er niet eens een nieuwe studie, maar gaat het hier om een ouder Scandinavisch onderzoek waaruit bleek dat mannen steeds minder spermacellen afleveren. De meest spraakmakende studies komen van de Deense hoogleraar voortplantingsgeneeskunde Niels Skakkebaek. In 1992 constateerde hij dat mannen nog maar de helft aan sperma produceren vergeleken bij de jaren vijftig. Later kwamen ook Franse en Finse onderzoekers met vergelijkbare resultaten.

Maar andere wetenschappers trekken de getallen in twijfel. Het probleem is dat ze doorgaans gebaseerd zijn op eenmalige bezoekjes van mannen aan een vruchtbaarheidskliniek. Niet alleen wisselt de kwaliteit van een zaadlozing met de dag, de grote vraag is of er niet gewoon steeds meer onvruchtbare mannen zulke klinieken bezoeken en zo onbedoeld een beeld schetsen van sperma als aflopende zaak.

Verrassend

Gedegen onderzoek is er gelukkig ook. Een andere Deense groep liet álle dienstplichtige jongemannen, een brede afspiegeling van de maatschappij dus, 15 jaar lang sperma doneren. Het verrassende resultaat: met de zaadcellen gaat alles prima, niets aan de hand. 'Het zou wel heel toevallig zijn als de daling van spermakwaliteit precies is gestopt toen [deze] studie begon', schrijft vruchtbaarheidshoogleraar Allan Pacey.

Een onderzoeker van het Erasmus MC erkent vanaf het congres dat het lastig is om een daling in spermakwaliteit vast te stellen. Waarom dan toch met verontrustende cijfers komen? 'Die getallen doen er niet zo veel toe', zegt ze. 'Die zijn in het interview tegenover het AD genoemd, omdat we specifiek aandacht wilden vragen voor onvruchtbaarheid bij mánnen. Het grote publiek denkt bij onvruchtbaarheid nog altijd te snel aan vrouwen.'

Hoe dan ook: reden voor paniek is er nog steeds niet.

Oordeel

Foto .