Geen onnodige soli

De klassieke muziek vertegenwoordigt een doodse en achterhaalde cultuur, vindt musicoloog John Collins, Brit woonachtig in Ghana. Geef hem maar de Afrikaanse muziek, die zich niet beperkt tot de ratio alleen....

'Zonder de zwarte muziek waren we geestelijk dood geweest.' Gitarist, 'producer en etnomusicoloog John Collins gelooft in de heilzame kracht van muziek, maar dan moet die wel de hele mens weerspiegelen en zich niet beperken tot de ratio. De Afrikaanse muziek vormt volgens hem een tegenwicht voor het elitaire rationalisme in de 'versteende' klassieken van het Westen.

Collins (1944) bekijkt de wereld door Afrikaanse ogen. Hoewel van Britse afkomst is hij geboren in Ghana, waar hij sinds 1969 permanent woont. Hij kwam er in aanraking met genres als palmwine, de akoestische, landelijke Ghanese muziek, en de daaruit voortgekomen elektrische en stedelijke variant, highlife. Hij leerde ze spelen, en toen hij in roerige tijden, compleet met avondklok, niet meer kon toeren, nodigde hij bands uit in zijn Bokoor Studio, en nam daar hun muziek op. Uit zijn archief heeft hij twee onmisbare compilaties samengesteld, Vintage Palmwine en het onlangs op cd heruitgebrachte The Guitar and Gun.

Daarnaast is hij professor in de etnomusicologie, en heeft hij vele publicaties op zijn naam staan, waaronder het standaardwerk West African Pop Roots. Een van zijn theorieën is dat wat wij in het Westen nog altijd zien als de hoogste expressie van onze samenleving, de klassieke muziek, een doodse en achterhaalde cultuur vertegenwoordigt.

'Het is een hiërarchisch raderwerk, geregeerd door de metronoom, alles loopt in hetzelfde tempo dezelfde richting uit, in een rechte lijn van A naar B. Door de nadruk te leggen op mathematische aspecten als de harmonie is de ”westerse” muziek steeds ontoegankelijker geworden. Tot die manier van werken zijn hoogtepunt bereikte met Wagner, en daarmee alle mogelijkheden had uitgeput.'

Collins deinst niet terug voor ferme uitspraken, maar geeft toe dat er 'ruimte voor alles is in de wereld' en dat Stravinsky en Bartók, die zich door de volkscultuur lieten beïnvloeden, met hun folkloristische ritmes voor nieuw bloed in de klassieke muziek hebben gezorgd. 'En toch, wat ooit een geheel was, opera bijvoorbeeld, is in afzonderlijke delen uiteengevallen. De dans, het drama, de poëzie zijn er los van gaan staan. Er ontstond een scheiding tussen componist en uitvoerende, tussen de uitvoerende en het publiek, tussen lichaam en geest. Dat heeft allemaal te maken met de arrogantie van het zeventiende-en achttiende-eeuwse rationalisme, dat de wereld zag als een gesloten systeem met onwrikbare regels, en dat de materie en het ego vereerde.' De ultieme uitdrukking daarvan is volgens Collins het symfonieorkest, met de dirigent aan het hoofd.

Die 'lineaire, hiërarchische en mechanistische' westerse manier van musiceren zet Collins af tegen de Afrikaanse, die hij circulair noemt, die door het klappende, dansende en zingende publiek wordt meebeleefd, waarbij de muzikanten open staan voor swing en improvisatie.

'Afrikaanse muziek is polyritmisch, er is niet één lijn die overheerst. Het is een eenheid van tegendelen. Percussionisten in Afrika maken gebruik van ”gaten” in het ritme, die ze rekbaar maken, met dat wat wij swing noemen. Stiltes zijn even welsprekend als noten. De leider van een groep trommelaars houdt alle onderdelen bijeen door een cyclus aan te geven, de beat.'

Collins hoopt dat de holistische, harmonieuze levensvisie die uit de Afrikaanse muziek spreekt een humaniserende uitwerking heeft op een door technologie overheerste wereld. 'De zwarte stijlen hebben, vooral via de Amerikaanse muziek, het vacuüm opgevuld dat ontstond doordat de westerse klassieke muziek verbrokkelde en het contact met de gewone mens kwijtraakte. In de zwarte muziek zijn lichaam en geest allebei even betrokken. Ze sloeg zo aan omdat mensen op zoek zijn naar nieuwe symbolen. Je ziet het in de eigentijdse dance. Ik ben nooit op een rave geweest, maar ik hoor dat de sfeer daar heel positief is. Een polyritmische trance is een spirituele ervaring.'

Ironisch genoeg is de situatie in zijn geboorteland slecht. In de platenzaken is het vakje Ghanese muziek klein, en bevat voornamelijk historische opnamen. Na de val van de cultureel verlichte president N'Krumah in 1966 hebben alle volgende regimes de nationale popmuziek de nek omgedraaid door de invoer van instrumenten praktisch onmogelijk te maken en het muziekonderwijs af te schaffen. Dit heeft geleid tot muzikaal analfabetisme, een breuk in de traditie en zielloze, door elektronica gedomineerde varianten van highlife, zoals de discoachtige burger-highlife (geproduceerd door in Hamburg wonende Ghanezen) en hiplife, waarin echt spelen taboe is en de als sterren aanbeden rappers zelfs tijdens concerten altijd playbacken tegen een volledig voorgeprogrammeerde achtergrond. 'De Wereldbank is bereid miljoenen te steken in educatie en muziekpraktijk, maar er is niemand om ze aan te geven, want er bestaat geen ministerie van Cultuur.'

Ook Collins' eigen band, Local Dimension, wordt in zijn land nauwelijks gewaardeerd. Toch blijft hij hoopvol, want als Ghanese jongeren de kans krijgen kennis te nemen en te leren van de traditie, denkt hij dat velen weer zullen kiezen voor de manier van spelen die de klanken van het continent zo meeslepend maakt: gezamenlijk, als collectief. 'Het is een egoloze benadering. De meesterdrummer in een ensemble, de grootste virtuoos, is degene die het minste speelt. Alleen het hoognodige, om eenheid te waarborgen. Hij probeert niet te domineren door iedereen weg te spelen.'

Dat was een les die Collins zelf ook moest leren. 'Toen ik vanuit Engeland naar Ghana terugkeerde, in 1969, had ik in rock-en bluesbandjes gezeten, waarin ik me kon uitleven als gitarist. Toen ik met highlife-groepen ging optreden werd de plug uit mijn gitaar getrokken als ik een onnodige solo speelde. Je zag nooit wie het deed, maar het gebeurde wel.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden