Geen kroon voor Billie Holiday

HET IS EEN mirakel dat de Britse muziekjournalisten Richard Cook en Brian Morton nog niet zijn opgenomen in een rustig gelegen privékliniek, waar ze in een gecapitonneerd kamertje nuttige handwerken verrichten en een streng verbod rust op het gebruik van termen als jamsessie, AABA-tje en Niels-Henning Orsted Pedersen....

In 1992 bracht het duo het eerste naslagwerk op zijn naam dat pretendeerde een kritische bespreking te bieden van 'alle' leverbare jazzcd's. Die turf telde 1287 pagina's en bleek mede door de suggestie van volledigheid zo tot de verbeelding van de (aspirant) jazzliefhebber te spreken, dat een tweede en derde editie al snel volgden - met nóg meer pagina's en nóg meer gevatte, prikkelende en behartigenswaardige cd-besprekingen, waar vele duizenden uren van luisteren, achter-het-oor-krabben en sussen van gekwelde huisgenoten aan ten grondslag moeten liggen.

Inmiddels blijkt het tijd voor de vierde editie, en hoewel de omvang opnieuw is uitgedijd, vertoont het duo nog steeds geen teken van verminderde eetlust. Op montere toon banen de critici zich een weg door de cd-rijstebrij, plaatsen wegwijzers en waarschuwingsborden, wijzen op alternatieve routes en nog onontdekte plekken, en klagen nota bene over de opkomst van de risicoloze smooth jazz, waardoor Amerikaanse platenfirma's minder 'echte' jazz opnemen dan het de auteurs lief is.

In zijn indrukwekkende kwanti- en kwaliteit laat de Penguin Guide alle andere gidsen op dit terrein ver achter zich. Desondanks valt er ook wel wat op het monnikenwerk aan te merken. Fouten uit de allereerste editie keren nog steeds integraal terug (Earl Hines stierf toch echt in 1983 en niet 1989), evenals onverklaarbare omissies: van de stevig aan de weg timmerende Dee Dee Bridgewater is nog steeds geen spoor te bekennen.

Een steekproef leert dat Nederlandse muzikanten beter vertegenwoordigd zijn dan in de eerdere edities, al wreekt zich hier dat het boek uitgaat van 'leverbare' cd's: belangrijke, maar wat minder makkelijk verkrijgbare platen van bijvoorbeeld Han Bennink vallen buiten de boot - hetzelfde zal ongetwijfeld voor vele van zijn buitenlandse collega's gelden. Onder de letter V vinden we (Joop) Van Enkhuizen, (Eric) Van der Westen, (Marc) Van Roon en (Eric) Vloeimans, maar weer geen (Corrie) Van Binsbergen of (Paul) Van Kemenade, terwijl zij toch genoeg goed gedistribueerde titels op hun naam hebben.

Morton en Cook mogen wijze gidsen zijn, het gehanteerde sterrensysteem (1 tot 4 sterren per cd) kan maar beter niet al te serieus worden genomen. Vooral de aan onmisbaar geachte platen toegekende kroontjes wekken bevreemding.

Geen kroon voor Lester Young, Bud Powell, Coleman Hawkins, Billie Holiday of Ella Fitzgerald, wél ereplaatsen voor Thomasz Stanko, Joe Lovano, Krzysztof Komeda, Peter Kowald en Muggsy Spanier?

Tot de nóg weer dikkere vijfde editie verschijnt, is er weer 1745 pagina's lang stof voor vermaak, verbazing, dankbaarheid en discussie.

Erik van den Berg

Richard Cook, Brian Morton: The Penguin Guide to Jazz on Cd. Fourth Edition.

Penguin Books; 1745 pagina's; * 63,25.

ISBN 0-14-051383-3.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden