ReportageEindmusical op afstand

Geen eindmusical in een lege gymzaal via livestream. Deze basisschool staat in de schouwburg

'Franka Vonk' laat haar haaienbeet zien tijdens de doorloop. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Op veel basisscholen leek er weinig meer terecht te komen van de eindmusical, maar in Nijmegen schiet de Stadsschouwburg te hulp. ‘Harder zingen! Dit is een veel groter podium, vul de gaten op!’

Sinds de kleuterklas droomt Roos (12) er al van om in de eindmusical te spelen. Dit hele schooljaar, haar laatste op basisschool Brakkenstein in Nijmegen, leefde ze ernaartoe: het moment dat ze op het podium mocht staan met de rest van groep 8, zingend en acterend voor alle ouders en grootouders. 

En toen kwam het virus ertussendoor. Eerst werd de musical afgelast. Vervolgens werden de regels versoepeld en zouden ze de voorstelling alleen via een livestream spelen, in een lege gymzaal. Beter dan niks, maar toch raar. ‘Je ziet dan niet hoe mensen reageren in de zaal’, zegt Roos. ‘Er wordt niet eens geklapt.’

Zover kwam het niet: de Stadsschouwburg Nijmegen bood basisscholen in de buurt aan de eindmusical van groep acht in de grote zaal te doen, waar normaal gesproken negenhonderd man in past. Acht scholen gingen op het aanbod in. Donderdag is het de beurt aan groep acht van Brakkenstein. 

Bureau Bult

Roos speelt Beau, een meisje dat een taakstraf heeft gekregen van Bureau Bult (slogan: ‘Eigen schuld dikke bult’) en in geel hesje en met een petje achterstevoren  in Jongevoets Dierenpark (in plaats van Ouwehands) moet schoonmaken. Precies op de dag dat koningin Minima het park bezoekt om de zeer zeldzame vogel Oelewapper te bezichtigen. 

Hoewel hij ‘niets met zingen’ heeft, vertolkt Roos’ tweelingbroer Lars de hoofdrol, directeur Jelle. Een heerlijke rol voor Lars, want hij heeft geen sololiedjes en mag zich gedragen als megalomane rotzak. Probleem is wel dat op de dag van het hooggeëerd bezoek de Oelewapper zoekraakt. 

Zonder al te veel te verklappen: de ‘klessebessen’ van Aap van Zweden, vertolkt door Ahmed, spelen een cruciale rol. En de bijzondere dag in de dierentuin wordt vastgelegd door vlogger Dylan Hijgens (‘Hé, mensen!’). Ook is er een optreden van de Bakfiets Boys, in goede banen geleid door beveiligers Rico, Badr, Mike en Ali.

Technische doorloop

‘Harder!', roept Manon Alblas, die samen met Yentl Gerrits de regie doet, beiden student dramatherapie. Het is elf uur ‘s ochtends en de kinderen, die extra veel lucht langs hun stembanden pompen om het lied door de zaal te laten schallen, doen een technische doorloop. ‘We hebben dit buiten geoefend, maar dit is een veel groter podium. Vul gaten op als je die ziet!’

Naast Roos en Lars loopt er nog een tweeling op het podium, Roos C. en Sarah (12), identieke sprieten met blonde krullen. De een speelt een dierenverzorger in blauwe overall, de ander is Sheila Snake, een van de rangers van het park die roept: ‘Een beetje ranger kent geen danger.’

In maart werden de rollen verdeeld: iedereen moest een filmpje insturen van een scène met dierenkenner en presentator Franka Vonk, die tijdens de musical meermaals het litteken van haar haaienbeet laat zien. Vlak nadat iedereen een rolletje had gekregen, moest de school sluiten. Tien weken lang.

De voorbereiding, die vier maanden in beslag zou nemen, moest nu in vijf à zes weken. Maakt dat het niet extra spannend, helemaal in zo'n mooie grote zaal? Ja, best wel, zegt Lars. Maar gelukkig hadden ze dankzij corona geen cito-toets en bijna geen lessen meer toen de school weer openging.

Stadsschouwburg Nijmegen.Beeld Marcel van den Bergh / de volkskrant

Roos: ‘De laatste weken heb ik niet heel veel gedaan aan school.’

Lars: ‘Ik heb niets gedaan!’

Docent Daniëlle van Schaijk: ‘Maar dat hoefde ook niet, hoor. Van een musical leer je ook heel veel.’

Bij Roos heeft het acteren iets los gemaakt: het lijkt haar best leuk om later actrice te worden. Maar, relativeert broer Lars: ‘Ik denk niet dat we ooit in films zullen spelen van superbekende regisseurs.’ Zeg nooit nooit, stelt Van Schaijk gerust. Ook Hollywoodsterren zijn ooit klein begonnen. 

‘We vliegen uit’, zingen de leerlingen van groep acht in het laatste lied van de voorstelling. Voelt het ook zo? Een beetje wel. Roos C.: ‘Sommige kinderen gaan straks huilen bij het eindlied.’ 

Roos: ‘En de ouders gaan sowieso huilen. 

Sarah: ‘Bij het eerste lied al.’

Fluit- en roepverbod

Rond zeven uur nemen de ouders op gepaste afstand van elkaar plaats. Contact met de acteurs zit er niet in. Vanwege de maatregelen mogen ze niet blijven plakken. Opa’s en oma’s kijken via een livestream mee, net als broertjes en zusjes. 

Dan opent het rode doek. De leerlingen van groep acht komen energiek op en vullen zonder moeite het grote podium en de zaal met hun geluid. Twee keer vergeet iemand zijn tekst tijdens een liedje, onder wie Roos, maar ze pakt het meteen weer op. ‘Laat je niet kisten’, is geheel toepasselijk haar tekst. 

Aan het eind slaan de ouders het verbod op roepen en fluiten keihard in de wind. Ze houden zich wel aan de coronaregel om geen staande ovatie te geven. Alle leerlingen krijgen een witte roos van de directeur van de schouwburg.

Of de ouders gehuild hebben, was niet goed te zien, zegt Roos na afloop. Na een beetje zoeken zag ze die van haar linksvoor zitten. Waren ze trots? ‘Tuurlijk’, zegt Lars. ‘Zelfs als alles was misgegaan, waren ze nog trots geweest.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden