Geen drinker, wel marihuana-roker

Totale consensus, ook meer dan zestig jaar na zijn dood: Charlie Christian (1916-1942) was de eerste die de elektrische gitaar als solo-instrument in de jazz gebruikte....

Ook in de 21ste eeuw roepen bijna alle gitaristen - jazz, blues of rock - hem nog altijd als hun grote voorganger aan.

'Charlie Christian was amazing', zegt B. B. King. 'Hij heeft de elektrische-gitaarsolo echt op de voorgrond gezet.'

'Charlie Christian wordt terecht beschouwd als de invloedrijkste elektrische jazzgitarist van zijn tijd of welke tijd dan ook', zegt Walter Becker van Steely Dan.

'Luisteren naar zijn platen geeft je altijd een dreun.'

'Ik hoorde hem toen ik een jonge jongen was, maar zijn volwassen sound en zijn vermogen tot swingen, zitten tot de dag van vandaag aan me vastgelijmd', zegt George Benson.

'Iedere keer dat ik hem hoor, klinkt zijn muziek dieper en dieper en moderner', zegt Bill Frisell. 'De invloed die hij op de gitaar heeft gehad is duizelingwekkend.'

'Zijn spel is nog altijd inspirerend, fris, harmonisch en ritmisch geavanceerd', zegt John Scofield.

'Het begint allemaal met hem: Charlie Christian is De Vader', zegt Vernon Reid.

Meer dan zestig jaar na zijn dood heerst totale consensus: Charlie Christian (1916-1942) was de uitvinder van de elektrische gitaar als solo-instrument in de jazz. Maar waar haalde hij zelf zijn muzikale ideeën vandaan? Dat hij grote bewondering had voor de ritmische souplesse en de zelfverzekerde frasering van saxofonist Lester Young, staat buiten kijf.

Onderzoek van de Britse Charlie Christian-kenner Peter Broadbent heeft echter een gecompliceerder beeld van de oorsprong van zijn muziek opgeleverd. Gitariste Mary Osborne vertelde Broadbent hoe zij Christian voor het eerst hoorde. 'Hij speelde noot voor noot Django Reinhardts solo in St. Louis Blues.' Dat was in september 1938 in Bismarck, North Dakota, een jaar voor Christian beroemd werd. Een obscure zwarte streekmuzikant uit het Midden-Westen van Amerika, die een Franse zigeuner als voorbeeld kiest: jazz was al vroeg muziek van the global village.

Maar Broadbent legt een nog verrassender verband. Christian groeide op in Oklahoma City, waar de hill-billy muziek domineerde, die later Western Swing ging heten. Dat ging meestal in de bezetting lead-gitaar, ritme-gitaar en bas, en Christian luisterde goed naar gitaristen als Claude 'Chicken' Burns en Merl Lindsay. Hij speelde zelfs mee tijdens after hours jam-sessies van country-muzikanten in de blanke buurt van Oklahoma City - een fascinerend spiegelbeeld van de conventionele jazzgeschiedenis.

Peter Broadbent heeft de vrucht van zijn jarenlange research verzameld in het boek Charlie Christian: Solo Flight, waarvan zojuist een tweede, sterk uitgebreide editie verscheen. Wie op zoek is naar feiten en data, is bij hem aan het juiste adres. Ook laat hij een kolossaal aantal getuigen aan het woord, die hij met bewonderenswaardige vasthoudendheid tot in de verste uithoeken van Oklahoma en Texas heeft opgespoord. En hij doet grote moeite om de vele legenden rond Christians plotselinge faam als stergitarist bij het blanke Swing-idool Benny Goodman te verifiëren.

Van sommige verhalen kan ook Broadbent het waarheidsgehalte niet vaststellen. Wilde Goodman in augustus 1939 eerst helemaal niet luisteren naar de gitarist die producer John Hammond zo warm bij hem had aanbevolen? Moest Hammond zijn toevlucht nemen tot een kunstgreep, door Charlie Christian het podium op te smokkelen toen de klarinettist-bandleider even was gaan eten? Besloot Goodman vervolgens het nummer Rose Room in te zetten, in de verwachting dat Christian het niet zou kennen? En duurde die vertolking uiteindelijk 47 minuten, waarna Goodman de gitarist ogenblikkelijk engageerde?

Vast staat wel dat Charlie Christian na dat debuut in Los Angeles binnen vijf maanden een nationale beroemdheid was geworden. In januari 1940 won hij met overmacht de lezers-poll van het vakblad Down Beat als beste jazzgitarist. En de rest van zijn leven zou de voorsprong op zijn collega's alleen maar groeien. In januari 1942 kreeg Christian meer dan drie keer zoveel stemmen als de nummer twee, terwijl hij toen al een half jaar ziek was en niet meer optrad.

Broadbent geeft een gedegen carrière-overzicht: de successen met het sextet van Benny Goodman, die hem het voor die tijd genereuze salaris van tweehonderd dollar per week betaalde, en ook de onbedwingbare speeldrift waarmee Christian voorjaar 1941 in de New-Yorkse club Minton's samen met pianist Thelonious Monk en drummer Kenny Clarke de eerste fundamenten voor de bebop legde.

Toch toont Broadbent zich eerder een documentalist dan een biograaf. Zijn boek levert een overvloed aan feitelijke bouwstenen, maar de hoofdpersoon krijgt geen contouren. We komen niet veel meer te weten dan dat Charlie Christian een vriendelijke, bescheiden jongeman was - geen drinker, wel marihuana-roker - die dag en nacht niets liever deed dan gitaar spelen. Wat was de impact op zijn persoonlijkheid van de plotselinge cultuurshock die hij in augustus 1939 onderging? Broadbent waagt zich niet aan karakterinterpretatie.

Gelukkig hebben we naast dit boek Charlie Christians platen, waarop zijn muzikale stem luid en duidelijk klinkt. De opnamen met Benny Goodman, inclusief een aantal niet eerder uitgebrachte alternatieve versies en repetitie-fragmenten, zijn recentelijk verzameld in de vier cd's tellende box Charlie Christian: The Genius of the Electric Guitar, die terecht is genomineerd voor een Jazz Edison.

De geluidskwaliteit is bewonderenswaardig verbeterd vergeleken met alle voorgaande lp- en cd-uitgaven. En behalve de bekende sextet-stukken met vibrafonist Lionel Hampton, of met trompettist Cootie Williams en saxofonist George Auld, biedt deze box ook de vijf prachtige vertolkingen uit oktober 1940 met Goodman, Lester Young en vijf andere leden van de Count Basie-band, die pas in 1972 voor het eerst werden uitgebracht.

De laatste opnamen dateren van 13 maart 1941, negentien maanden nadat de gitarist bij Goodman was begonnen. In juni van dat jaar stortte hij in. De tuberculose waarvan een jaar eerder littekens bij hem waren ontdekt, bleek te zijn teruggekeerd. Charlie Christian belandde in het Seaview-sanatorium op Staten Island, New York, maar in die tijd bestond er geen andere remedie voor die ziekte dan goed eten, melk en frisse lucht. Op 2 maart 1942 stierf hij, 25 jaar oud.

De laatste woorden van Peter Broadbents boek luiden: 'Ik geloof dat iedereen die tegenwoordig op een elektrische gitaar speelt, behoort te zeggen: Thank you Charlie Christian.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden