Opinie

'Geef de burger toegang tot besluiten-in-productie van overheid'

Openheid van informatie is één ding, maar dan moet het wel begrijpelijk zijn. Sibout Nooteboom bepleit daarom een Wikipedia-structuur om informatie en werkprocessen van overheden voor burgers toegankelijk èn inzichtelijk te maken.

Ambtenaren van het ministerie van Justitie. Beeld ANP

Kent u het programma Aircrash Investigation? Een vliegincident wordt achteraf onderzocht, en de gang van zaken wordt gereconstrueerd. Meestal blijkt dat een ongeluk in een klein hoekje zit, dat omstandigheden een grote rol speelden , en dat de gezagsvoerder er weinig aan kon doen, evenmin als enig ander persoon. Het publiek krijgt een kijkje achteraf in de cockpit, en krijgt meer begrip voor de complexiteit van het vliegbedrijf. Het is net een parlementair onderzoek naar, zeg, de bouwfraude of de kredietcrisis. (Hoewel burgers daar minder begripvol lijken dan bij piloten.)

Op zich nuttig om van het verleden te leren. Maar wel achteraf. De overheid is complexer dan een vliegtuig, en heeft met meer situaties te maken. Omdat iedere situatie anders is zijn de geleerde lessen ook nog eens zelden direct van toepassing op toekomstige situaties.

Daarom is evaluatie achteraf onvoldoende om burgers vertrouwen te geven dat de overheid al het mogelijke doet. Burgers, of hun vertegenwoordigers, zouden ook in de cockpit moeten mogen meekijken als er nog geen ongeluk is gebeurd. Bij sluipende ontwikkelingen bijvoorbeeld, zoals de groei van Schiphol. De situatie rond Schiphol, waar grote spanning is tussen de economische belangen en de milieubelangen van omwonenden, is relaxter geworden nadat leden van het publiek een kijkje in de keuken konden krijgen. Ze hebben vragen kunnen stellen, en soms suggesties kunnen doen waar de luchthaven zelf nog niet aan gedacht had. De ontspanning is begonnen aan de zogenaamde Alders-tafel (zie www.kwartiermakersvandetoekomst.nl): de open cockpit, in contact met het publiek. Uiteraard bereikt dit niet alle burgers, en velen blijven sceptisch. Ze bekritiseren de - meestal hardwerkende - ambtenaren, en er ontstaat een wij-zij gevoel.

Rutte
Op het congres Open en Bloot (op 10 november 2011), speciaal voor ambtenaren, gaf premier Mark Rutte aan dat hij openheid belangrijk vindt om te voorkomen dat er een wij-zij gevoel ontstaat. De overheid is voor, niet tegen, de Nederlanders. Ambtenaren, wees duidelijker, wees eerlijker, zei Rutte. Bij veel onderwerpen zou het inderdaad niet 'wij tegen jullie' (burgers tegen ambtenaren), maar 'wij samen tegen de toekomst die we niet willen' moeten zijn (of eigenlijk 'voor een toekomst die we wel willen' - maar daar zijn we het meestal minder over eens). De Commissie Wallage, ook aanwezig op het congres, vond onder andere dat de cockpit veel vaker open moet staan. Eigenlijk altijd open, tenzij er een specifiek belang gemoeid is met geslotenheid.

Dat valt niet mee. De historisch gegroeide grenzen, tussen overheid en burgers, maar ook tussen ministeries, kan Rutte niet even open zetten door op een knop te drukken. De ICT-systemen laten dat alleen al niet toe. Je moet echt moeite doen om gegevens open te zetten. Dat soort barrières zijn er ook niet voor niets: alle overheden werken deels met gegevens die echt vertrouwelijk moeten zijn. Voor de zekerheid zijn alle datasystemen daarom "op slot" gezet. Ook de officiële websites zijn omgeven met regels en standaardisatie, en zijn primair bedoeld voor het communiceren over staand beleid en genomen besluiten, maar niet over besluiten-in-productie.

En dat laatste is nou net de cockpit waar het om gaat, en waar burgers best wat vaker in zouden moeten kunnen kijken. Ambtenaren kunnen dat wel omzeilen, maar dat kost moeite, is niet officieel, en ambtenaren, net als alle mensen, gaan zich vaak automatisch gedragen volgens barrières die toevallig ontstaan zijn. Zoals de Rijn de grens van het Romeinse Rijk was, zo is het eigen systeem voor interne gegevensuitwisseling de natuurlijke grens van een overheid. Een ander kan er niet bij. Zolang je die knop niet omzet blijft het wij-zij gevoel gevoed worden, is er kans op onnodige achterdocht, en wordt de kans dat ambtenaren informatie met burgers delen juist kleiner in plaats van groter.

Vertrouwelijk versus open
Er is dus behoefte aan een mix van vertrouwelijke ICT-systemen en "open" ICT-systemen. Wat zou voor een ambtenaar het heerlijk zijn als die een memory stick (of een tablet) in de trein laat liggen, en als iemand daar mee naar de pers gaat dat hij dan gewoon kan zeggen: maar die informatie is helemaal niet vertrouwelijk. Of geslotenheid van specifieke gegevens noodzakelijk is hangt samen met de rol die de overheid op dat moment met die gegevens speelt. Beheerder van privégegevens, onderhandelaar over uitbestedingen, handhaver van regelgeving, besluitvormer, onderhandelaar over beleid (de overheid is steeds vaker eerder één van de partijen dan de centrale partij die sterk genoeg is om de anderen zijn wil op te leggen), of mogelijk maker van maatschappelijke discussie: het een leent zich meer voor transparantie dan het ander. Algemene informatie delen is vaak goed mogelijk, informatie over specifieke gevallen delen kan het proces van onderhandelen, handhaven, etc. verstoren.

Burgers zouden in 'de overheidscockpit' wellicht beter dan nu moeten kunnen zien welke van de genoemde rollen de overheid speelt, en dat vertrouwelijkheid een reden heeft. Als ambtenaren en burgers elkaar meenemen in hun denken en niet onnodig mysterieus doen, kan het vertrouwen toenemen. Paradoxaal genoeg is het ook weer goed dat ambtenaren daar in besloten sfeer met elkaar over kunnen praten: de moed om je kwetsbaar op te stellen bouw je van binnen uit op, ook als ambtenaar. Dat het uiteindelijk loont, kunnen we leren van het voorbeeld van Schiphol.

Er zit wel een adder onder het gras. De overheid is veel ingewikkelder dan een echte cockpit. De werkprocessen in de overheid zullen, als je alles op internet zet, er rommelig uitzien. Wikileaks laat zien wat er gebeurt als je zomaar een systeemdump doet: losse brokken informatie die niet in context geplaatst kunnen worden en een eigen leven kunnen gaan leiden. Het is lastig om alle informatie te kanaliseren via een overzichtelijk centraal punt (zoals www.rijksoverheid.nl). Dan krijg je allerlei extra ambtenaren die informatie moeten structureren. Dat wil je ook weer niet.

Misschien zijn er manieren om het niet-vertrouwelijke deel van werkprocessen over grenzen van overheden en burgers heen op een natuurlijke manier automatisch te structureren. Een soort Wikipedia-aanpak? Mijn inschatting is dat hier een grote stap naar een krachtiger en gewaardeerde overheid mee gezet kan worden. Mensen gedragen zich immers naar toevallig getrokken grenzen. Haal je die weg, en laat je burgers meekijken in de cockpit, dan groeit het vertrouwen. Dan hoeven we minder vaak de oorzaken van een crash achteraf, en tegen hoge kosten, te onderzoeken.

Sibout Nooteboom schrijft dit in zijn rol als onafhankelijk bestuurskundige. Een eerdere versie van deze column verscheen in Virtueel Bestuur, de digitale nieuwsbrief van de Vereniging voor Bestuurskunde.

 
Wikileaks laat zien wat er gebeurt als je zomaar een systeemdump doet: losse brokken informatie die niet in context geplaatst kunnen worden en een eigen leven kunnen gaan leiden.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden