GEDUMPT

De koers van de platenmaatschappijen wordt steeds meer bepaald door beurs en aandeelhouder. 'Als iemand drieduizend platen verkoopt, wordt hij beschouwd als een mislukking', zegt saxofonist Branford Marsalis, die zijn eigen label begon....

'De grote labels zijn vergeten hoe het is om creatieve muziek te maken', zegt Branford Marsalis. En: 'De economische realiteit van grote platenlabels loopt nu eindelijk gelijk met de artistieke realiteit.'

Die realiteit is: jazzartiest na jazzartiest wordt aan de dijk gezet. Platenmaatschappijen doen nauwelijks moeite hun beste producten onder de aandacht te brengen.

Verve bijvoorbeeld, een van de weinige grote Amerikaanse labels die zich nog met jazz bezighield, heeft drastisch in zijn artiestenbestand geschrapt. 'Core jazz-musici als Nicholas Payton, Christian McBride en Russell Malone liggen eruit', vertelt Albert Grootoonk van Universal, dat de de platen van Verve in Europa uitbrengt. 'Ze zijn met hun mainstream-jazz redelijk succesvol in Europa, maar in Amerika verkochten ze van hun recente cd's slechts enkele duizenden exemplaren. Afgezet tegen de enorme Amerikaanse markt is dat voor Verve veel te weinig.'

Het bedrijf steekt voortaan alle energie alleen nog in toch al goed verkopende sterren als zangeres Diana Krall (wereldwijd drie miljoen cd's) en oude rot Al Jarreau. Zelfs de alom geliefde saxofonist Chris Potter is door Verve doorgeschoven naar de Franse afdeling van Universal. 'Voor ons is dat wel gek', aldus Grootoonk. 'Hier in Europa wordt zo iemand gezien als ster, maar in Amerika denken ze daar anders over. De standaard ligt er veel hoger.'

De industrie mag graag met een beschuldigende vinger wijzen naar cd-branders en naar het kopiëren via internet, maar daar kan de financiële malaise niet alleen aan liggen. Vooral niet bij jazz, waar de gemiddelde luisteraar het cd-branden en downloaden lang niet vanzelfsprekend vindt. De jeugd kopiëert, de oudere liefhebber wil nog altijd het origineel.

De oorzaak lijkt eerder te liggen in de toenemende schaalvergroting en in de macht van de beurs, meent Branford Marsalis. Hij vertrok onlangs bij 'major' Columbia en heeft nu met zijn vader, de pianist Ellis Marsalis, zijn eigen label Marsalis Music opgericht. Branford Marsalis is niet alleen bekend als mainstream-jazzmuzikant maar ook van de jazz-hiphop-band Buckshot LeFonque, van klassieke projecten en als saxofonist bij popartiesten als Sting. Zijn jongere broer is de wereldberoemde trompettist Wynton Marsalis.

'Ik wist wel dat ik muzikaal niet gewaardeerd werd bij mijn maatschappij', zegt de enigszins verbitterde Marsalis in de tuin van het luxe Amsterdamse hotel The Grand. 'Maar er was tenminste een marketingplan en er werd aan promotie gedaan. Plotseling hield ook dat op, mijn cd's lagen niet eens in de winkels.'

De omslag kwam toen Columbia steeds meer werd opgeslokt door moedermaatschappij Sony, een beursgenoteerd bedrijf. Er ontstond een toenemende druk om geld te verdienen voor de aandeelhouders. Marsalis: 'Dus werden zakenmensen ingehuurd in plaats van creatieve producenten. Dat snap ik, maar dan zeg ik: het is leuk geweest, tijd om te gaan.'

'Grote labels kunnen het zich gewoonweg niet meer veroorloven om jazz uit te brengen. Hetzelfde gebeurt in de klassieke muziek. Geweldige musici en orkesten worden vervangen door twaalfjarige meisjes die slecht zingen. Eindeloze stromen tangoplaten worden uitgebracht, klassieke musici die country & western liedjes spelen. . . belachelijk.'

De vraag is waarom het voor een klein label als Marsalis Music wel winstgevend zou zijn om jazzmuziek uit te brengen. 'Ik denk niet op de korte termijn, zoals grote bedrijven tegenwoordig doen. Als iemand drieduizend platen verkoopt, wordt hij beschouwd als een mislukking. Maar neem nu eens de plaat Thelonious Monk Plays Duke Ellington. Dat is tegenwoordig een van de best lopende cd's. Toen hij uitkwam in 1955 zijn er achthonderd stuks verkocht, een jaar later zeshonderd. Nu roepen de grote maatschappijen: 'Geweldige plaat! Hoe kan het dat deze wel verkoopt en de platen van de jonge gasten niet?' Geef ons veertig jaar, maar dat doen ze niet. Ze geven ons er vijf, of één. Als je een plaat maakt op Marsalis Music verwacht niemand dat je er tienduizend van verkoopt. Het is een investering in de toekomst, waar ik niet onmiddellijk resultaat van verwacht.'

Waar Branford Marsalis net mee begint, daar is de Nederlandse saxofonist, componist en bandleider Willem Breuker al jaren mee bezig, zij het op een nog kleinere schaal. Ruim twintig jaar lang gaf hij op zijn label BV Haast improvisatiemuziek uit die bij grote maatschappijen geen gehoor vond. Daarnaast distribueerde hij een tiental kleine labeltjes van musici en groepen als de Instant Composers Pool, Michael Moore, Ig Henneman en Jaap Blonk.

Begin dit jaar stootte hij alle sublabels af, om zich weer te concentreren op zijn eigen muziek. Veel had te maken met het vertrek van zijn onvermoeibare personeelslid Suzanna von Canon, maar ook de veranderende maatschappij is er volgens Breuker debet aan: 'Mensen betalen hun rekeningen niet, dat is nu de nieuwe mode. Voor een klein bedrijfje is dat heel vervelend.'

Hoe heeft BV Haast het dan toch zo lang volgehouden? 'Door de verkoop van de platen van mijn eigen Willem Breuker Kollektief. Daar steunde de hele zaak grotendeels op. Kijk, het is natuurlijk altijd heel makkelijk om bij iemand achter op de fiets te gaan zitten en zelf niet te hoeven trappen. Maar op een goede dag vliegt de ketting eraf, om even filosofisch uit de hoek te komen, en dan flikker je met zijn tweeën op de grond. Ik wilde het niet zo ver laten komen.'

Inmiddels hebben de meeste gedumpte sublabels zich gegroepeerd in ToonDist. De stichting beheert zo'n 75 titels die voorheen door Breuker werden gedistribueerd. Er zijn cd's bij waar vanuit heel de wereld een weliswaar kleine, maar continue vraag naar is. De eerste bestellingen zijn bij ToonDist de deur uit. Onlangs verschenen drie nieuwe titels. Er is een startpagina in de lucht en er wordt gewerkt aan een internetwinkel.

De toekomst lijkt te liggen in de kleinschaligheid van muzikantencollectieven als Marsalis Music en ToonDist. De economische kloof tussen massa-artiesten en originele, vooruitstrevende muzikanten wordt groter. Onder Diana Krall en Herbie Hancock zit een hele tijd niets, daarna kom je terecht bij een rijke voedingsbodem vol diversiteit. Uiteindelijk zal de consument door alle marketing-offensieven heen moeten kijken, en zelf op zoek moeten gaan naar bijzondere muziek. Het door platenmaatschappijen zo gehaatte internet zal daarbij een belangrijke rol kunnen vervullen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden