Gedrag reclamemakers dwingt tot aanscherping code

Reclamemakers tasten steeds opnieuw hun grenzen af, in de wetenschap dat zij steeds opnieuw mensen zullen kwetsen. Een aanscherping van de regels is daarom onontkoombaar, menen J.T....

SEKS verkoopt. Dat blijkt - bijvoorbeeld - bij de plasseksposter van het Groninger Museum: veel publiciteit en een record aantal bezoekers. Ook geloofszaken blijken een 'prikkelend' effect te hebben. Reclamemakers spelen daar handig op in. Het gevolg is echter dat mensen op hun hart worden getrapt en de publieke ruimte verloedert. De bestaande regels kunnen dat kennelijk niet voorkomen.

Het is niet toevallig dat veel reclameteksten en -afbeeldingen te maken hebben met seksualiteit en geloof. Beide behoren immers tot het meest intieme ofwel heilige in een mensenleven. Mensen zijn daar dus gevoelig voor. In plaats van daar met respect mee om te gaan, wordt er misbruik van gemaakt door reclamemakers.

Wat betreft de seksualisering van de samenleving is de laatste tijd gelukkig sprake van een duidelijk kritische bezinning. Maar reclamemakers lijken zich daar niets van aan te trekken. Nederland heeft een door het christendom gevormde cultuur. Daarom zijn christelijke elementen voor veel mensen nog herkenbaar. Maar dat mag geen reden zijn om met het christelijke geloof te 'spelen' of zelfs te spotten. Dat dit veel christenen echt in hun diepste gevoelens raakt, daarvan heeft men in ons (christelijke?) land nauwelijks nog besef en de reclamemakers hebben er geen boodschap aan.

Met andere godsdiensten, zoals de islam, wordt minder makkelijk gespot. Terecht wordt dat hoog opgenomen. Maar waarom die selectieve verontwaardiging?

Duidelijk is dat veel reclame-uitingen te ver gaan in het misbruik van seksualiteit en geloof. Dit wordt ook regelmatig en duidelijk uitgesproken door de Reclame Code Commissie (RCC). Als daartoe aangewezen orgaan in het kader van de zelfregulering van de reclamebranche, heeft de RCC een breed draagvlak in de samenleving.

Wat dat betreft is de functie van de RCC positief. Hoewel er heus nog wel het een en ander valt op te merken over sommige uitspraken, zijn er een aantal duidelijke aanbevelingen gedaan over het gebruik van bloot en geloofszaken in advertenties.

Dat wil echter niet zeggen dat het allemaal wel goed zit. Want als de ene na de andere reclamecampagne achteraf - als de campagne dus allang voorbij is - door de RCC wordt bekritiseerd, dan gaat het helemaal niet goed. Dan schort er blijkbaar iets aan de regels en de handhaving.

Duidelijke aanbevelingen: prima, maar die moeten wel effect hebben. Het doel van regels is in de eerste plaats het voorkomen van overtreding. En dat doel wordt duidelijk niet bereikt. Reclamemakers zoeken bewust naar de grenzen van het toelaatbare en het liefst overschrijden ze die. Dat levert immers veel extra publiciteit op. Publiciteit die niks kost, want een geldboete hoeft niet te worden gevreesd. De strafrechter begint er niet aan, en de RCC kan het niet.

Voor de SGP-fractie in de Tweede Kamer is dit alles reden om een aantal concrete voorstellen te doen die ongewenste reclamecampagnes moeten voorkomen. De belangrijkste voorstellen zijn, kort samengevat, de volgende.

1. Aanvulling van de Reclame Code ter beperking van het gebruik van religieuze begrippen en van bloot.

2. Invoering van een spoedprocedure, waardoor een reclamecampagne voortijdig of tussentijds kan worden tegengehouden.

3. Invoering van een geldboete.

Vooral een geldboete kan een afschrikwekkende werking hebben. Maar dan moet het wel een boete zijn met een voldoende sterke prikkel. Daarom zou de hoogte van zo'n boete moeten worden gekoppeld aan de kosten van de reclamecampagne zelf.

Een probleem (er zijn er meer) bij zelfregulering is de binding aan de regels. Die berust in beginsel op vrijwilligheid. Dat is een van de redenen waarom wij een voorkeur uitspreken voor het bij wet regelen van zowel de Reclame Code zelf als de Reclame Code Commissie. Indien de reclamebranche bereid is om de gewenste extra prikkels in de zelfregulering op te nemen, is de behoefte aan een wet minder groot.

Tot nog toe toont de reclamebranche die bereidheid echter niet. Daarom moeten regering en parlement duidelijk maken dat een verscherping van de reclameregels noodzakelijk is. Bij reclame voor alcohol en tabak blijft de overheid ook niet afwachtend aan de kant staan. Waarom zou ze dan wel de ogen sluiten voor gevoelige zaken als deze?

De overheid is verantwoordelijk voor de in de publieke ruimte geldende normen en waarden. Die zijn van levensbelang voor een gezonde samenleving, waarin iedereen zich welbevindt. En in een gezonde samenleving hebben respect voor het geloof in God een plaats, evenals respect voor de intimiteit van seksualiteit.

J.T. van den Berg is lid van de Tweede Kamer voor de SGP;

I. Bakker is beleidsmedewerker van de SGP-fractie in de Tweede Kamer en mede-auteur van de studie Krenkende reclame van het SGP-studiecentrum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden