Gebrek aan sjans is erger dan stijgende zeespiegel

Ontbijten in een hotel vind ik een bezoeking. Die stilte, dat zwijgend opscheppen van de cornflakes. Meestal zitten er vertegenwoordigers in software of zoiets, lezend in hun rapporten terwijl de zachte klanken van Vivaldi’s Vier jaargetijden tussen de plooien van de vitrages door zweven....

Vanuit het raam op de eerste verdieping heb ik gezien dat er een dikke laag sneeuw ligt op de stoep voor het hotel hier in Montreal. Met tegenzin begeef ik me naar beneden naar de ontbijtruimte, een krant onder de arm. Niet om te lezen, maar om mijn blik in te verbergen.

Terwijl ik een eitje aan het pellen ben, prikken aan de zijkant van mijn netvlies een paar oogjes. Niet van een leuke jonge meid. Nee helaas, sjans met dames van onder de veertig ligt nu echt in het verleden.

Een voor mij ongemakkelijke waarheid waarbij, laat ik eerlijk zijn, de stijging van de zeespiegel in het niet valt. Nee, het is een man op leeftijd, type Archie Bunker, snelle varkensoogjes, schattend, berekenend. Ik vlucht weer in mijn krant.

De oogjes blijven prikken. Wat moet die man? Zou het een homo zijn? Die herkennen elkaar toch! Dat zeggen ze tenminste altijd. Zouden ze weleens een foutje maken? Lang geleden, op een oudejaarsavond, het sneeuwde ook hevig, spoelde ik aan op een homofeest.

Het was erg gezellig, maar op de top van de avond, klokslag twaalf uur, begon men elkaar hartelijk te zoenen voor het nieuwe jaar. Niet op de wang, dat had ik kunnen verdragen, maar op de mond. En niet zomaar, nee, driftig probeerde men zijn tong tussen mijn lippen te wringen. Stijf op elkaar, alsof ik mijn eerste trompetles kreeg, kneep ik ze bij elkaar.

Na drie zoenen, dook ik omlaag en zogenaamd mijn contactlens zoekend, begaf ik me naar de gang. Daar vluchtte ik de sanitaire ruimte in met meerdere pisbakken. Wellicht gebaseerd op een vooroordeel, maar me toch realiserend dat sanitaire ruimtes de sfeer oproepen van homo-erotiek, rende ik onmiddellijk de straat op, de sneeuw in. Zonder jas, die heb ik laten liggen.

Zo voelt het dus om vrouw te zijn, belaagd door ongewenste intimiteiten, dacht ik, in een opwelling van medeleven. Leerzaam, dat was het zeker.

Archie Bunker blijft maar prikken met die oogjes. Ik besluit om mijn eitje te laten staan en ergens verderop in de straat te gaan ontbijten. Moet ik nog wel even mijn jas boven gaan halen. Dat doe ik. Ik beklim de pluche trappen naar boven. Ga mijn kamer binnen.

Kijk uit het raam nog even naar de sneeuw die met bulldozers langs het trottoir opgehoopt wordt.

Maar op het moment dat ik vanuit mijn kamer de gang instap, passeer ik Archie weer. Met versnelde tred loop ik in de richting van de trap. Doch voor ik om de liftschacht kan verdwijnen, staat hij voor me. ‘Goeiemorgen. Nou weet ik het.’

Hij blijkt dus Nederlander te zijn.

‘Ik heb jou gezien bij De wereld draait door.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden