GEACHTE REDACTIE

Ik verbaas mij over de term die gebezigd wordt voor het dodelijk geweld waaraan bijvoorbeeld Meindert Tjoelker ten prooi gevallen is of de filosofiestudent in een Heerlens tunneltje: zinloos geweld....

Willekeurig

Beter wordt dan ook een andere term bedacht. Daarvoor is nodig, dat wordt vastgesteld wat typisch is aan dit geweld. Dat is niet de zinloze dood die de slachtoffers ervan sterven. Ook iemand die in eigen huis wordt gedood door een inbreker, sterft zinloos. Net als ieder ander die voortijdig om het leven komt, en niet ergens voor sterft, waarvoor hij of zij het waard vond om te sterven.

Typisch aan het zogenoemde zinloze geweld is ook niet de doelloosheid ervan. Weliswaar dient het geweld de daders geen enkel verder doel, bijvoorbeeld het bemachtigen van geld of goederen. Ze plegen het zomaar, om de kick, het botvieren van hun agressie. Maar dát is dan ook precies wat ze ermee willen bereiken. Zouden ze werkelijk zonder enige bedoeling of enig motief handelen, dan zouden zij ontoerekeningsvatbaar en dus verontschuldigd zijn.

Typisch aan het geweld is wel dat men het gevoel heeft dat iedereen het zomaar overkomen kan. Dat het uit het niets komt. Dat men het dan ook niet vóór kan zijn, men zich er niet tegen wapenen kan. Daarom ook wordt het zo sterk verafschuwd: de volstrekte willekeur ervan doet vrezen voor het eigen leven. Beter wordt dan ook voortaan over willekeurig geweld gesproken.

HEILIGE LANDSTICHTING

Frans van Agt

Vies

De column van Kees Schuyt, 'Vieze organisaties' (Forum, 7 januari) bevat behartenswaardige opmerkingen, zeker met betrekking tot bepaalde organisaties. Maar waar hij schrijft: 'Een collegezaal heeft overdag de aanblik van een smerig slagveld: ingedeukte plastic bekertjes, broodresten en appeltjes die nog geschild moeten worden, verdwaalde kranten en papier, stapeltjes ongelezen folders, omgevallen stoelen', past een tegenwerping.

Alle genoemde euvelen zijn mensenwerk en hadden met heel weinig moeite door diezelfde mensen voorkomen of verholpen kunnen worden, gedrag dat ook op andere plaatsen zeer is aan te bevelen. Men is kennelijk bereid tien kilo spijs en drank diep het bos in te slepen, het mee terugnemen van een halve kilo verpakking blijkt onoverkomelijk zwaar.

De kaboutertjes ruimen de rotzooi niet op, maar ze hebben die ook niet gemaakt. Laten we het dus zelf doen.

ZWOLLE J. Vermeulen

Vol

Nederland moet voller.

Nederland moet nog véél voller.

Nederland moet zó vol dat er geen plaats meer is voor discriminatie.

DEN BOSCHEllen Gieles

Wilhelmus

De populariteit van het Wilhelmus neemt af, volgens een Nova-enquête (de Volkskrant, 5 januari). Nog maar 14 procent van de Nederlanders kan het meezingen. Persoonlijk maak ik mij meer zorgen over de nog immer toenemende populariteit van enquêtes, en vooral over het klakkeloos overnemen van de resultaten.

Volgens een onderzoek in 1992 kende nog 42 procent van de Nederlanders het volkslied. Uitgaande van 15 miljoen Nederlanders waren dat er dus zo'n 6,3 miljoen. Het overgrote deel van deze mensen zal nog steeds levend en wel in Nederland wonen. Nu het nieuwe resultaat: nog maar 14 procent, dus 2,1 miljoen Nederlanders over die het volkslied kennen. Ruim vier miljoen mensen zijn in zes jaar het volkslied vergeten!

Wat er ook precies gemeten mag zijn in 1992 en in 1997: het is duidelijk niet hetzelfde geweest. Kunt u het Wilhelmus meezingen? Kunt u het Wilhelmus in uw eentje zingen? Kent u de tekst van het Wilhelmus? Het zijn allemaal verschillende dingen.

Als je zo'n opvallend resultaat krijgt, ga dan eerst eens na of het misschien aan je eigen onderzoeksmethode kan liggen, voordat je de Nederlandse bevolking van massaal geheugenverlies beschuldigt.

UTRECHT Saskia Idzerda

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden