Geachte redactie

Geboeid las ik het essay ‘ ’t Is rot, maar vlees is zo lekker’ over de psyche van de vleeseter (het Vervolg, 28 augustus), geschreven door Roos Vonk, hoogleraar psychologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen....

Ook ik vind het intens droevig dat zelfs intellectuelen, vaak fijnbesnaarde mensen, die bijvoorbeeld prachtige muziekstukken componeren of mooie schilderijen maken, meedoen aan de collectieve verdringing van het enorme dierenleed dat dagelijks plaatsvindt in de vee-industrie, door vlees te vaak en klakkeloos te kopen.

Op Google kun je precies zien (nog niet horen) hoe het leven van een industriekip of een industrievarken vanaf de geboorte tot de slacht verloopt. Dus onwetend kun je in deze tijd niet meer zijn. En toch leven we met z’n allen bewust en gewild in een staat van meervoudige onwetendheid, zoals Vonk schrijft.

Gelukkig zijn er wel mensen die zich wel degelijk bewust zijn van het enorme leed in de vee-industrie, en die zich vertegenwoordigd weten door de Partij voor de Dieren. Ik krijg pijn in het hart wanneer ik vrachtwagens langs zie komen met vleeskippen die afgevoerd worden voor de slacht. In en in trieste vleesproppen op doorgezakte pootjes en met gebroken vleugels door het ruwe vangen de dieren. Je hart schreeuwt: nee. Stop met die dolgedraaide vleesindustrie die maar intensiever en intensiever wordt, ondanks het feit dat toch een steeds groter wordend gedeelte van de bevolking in Nederland deze manier van exploitatie niet meer wil.

Maar de Raad van State , het hoogste rechtscollege van Nederland (bevolkt door hoogopgeleide juristen) keurt, onder het mom van zogenaamde ‘groenlabelstallen’ (ontworpen door hoogopgeleide ingenieurs) waarin dieren het nauwelijks beter hebben dan in de gangbare loodsen, uitbreiding goed.

Wanneer het CDA en de VVD het voor het zeggen krijgen, zullen alle initiatieven tegen vee-industrie de grond in worden geboord.

Schofterige partijen jegens dieren, met een inktzwarte inborst.

Stress
Aan de discussie over de vee-industrie zou ik nog iets willen toevoegen. Er wordt tegenwoordig vaak gesproken over de nadelen voor het milieu die het eten van vlees met zich meebrengt, zoals de ontbossing om veevoer te telen, de verontreiniging van de bodem et cetera.

In deze discussie moet volgens mij niet ondergesneeuwd raken dat wij dieren niet alleen om dat soort redenen niet zo intensief moeten houden. De vee-industrie (en andere vormen van dierenmishandeling) is ook verwerpelijk, omdat we langzamerhand wel behoren te weten dat dieren veel meer bewustzijn hebben dan we ooit dachten. De wetenschap komt met steeds meer bewijzen daarvoor. Dieren hebben nogal wat met de mens gemeen, of we dat nu leuk vinden of niet. Ze kunnen lijden onder stress en pijn, onder een benauwde huisvesting, onder verveling, ze hebben gevoelens.

Dat alles wetende, zouden we ook uit louter moreel oogpunt de vee-industrie met onmiddellijke ingang moeten afschaffen.

Vleesetende tunneldenkers
Mevrouw Vonk toch! Van u had ik een psychologisch verantwoord verhaal verwacht. U afficheert zich als ideologische dwarsligger tegenover vleesetende tunneldenkers. Maar eigenlijk komt u zelf over als een tunneldenker. Vleesloos. Dat wel. En een tikje onwetend. Mag ik u er op wijzen dat mensen omnivoren zijn met een natuurlijke behoefte aan zowel plantaardig als dierlijk voedsel?

Probleem is dat ook hier de consumptie is doorgeslagen van noodzakelijk naar overmatig. Zo onwetend zijn we nu ook weer niet. We weten ook dat een vleesloze dag per week genoeg is om het probleem voor een belangrijk deel op te lossen. Dat doen we hier thuis dus maar.

Net als vaker biologisch verantwoord en niet al te dieronvriendelijk geproduceerde groenten en vlees eten. Al vergeet ik het nog wel eens bij het boodschappen doen. Immers, oude gewoonten inruilen voor nieuwe valt niet mee. Volgens mij heeft u daar elders wel eens over geschreven. Dat had hier ook gemoeten.

Een exposé over gedachteloos en ongebreideld consumentisme en hoe daar iets anders voor in de plaats kan komen. Ik zie uit naar uw volgende bijdrage.

Hufters
Wat Roos Vonk met haar artikel voor heeft, is mij een raadsel. Overtuigde vegetariërs zullen in het artikel alleen maar bevestigd worden in hun opvattingen. Voor hen was het dus overbodig.

Maar als liefhebber van vlees en vis, want dat ben ik, word ik onmiddellijk ingedeeld bij de groep burgers die zich niets gelegen laten liggen aan klimaat, milieu volksgezondheid, dierenwelzijn (wat dat dan ook moge zijn) en de derde wereld. Mijn verdere levenswandel is kennelijk niet van belang. Verderop in het artikel word ik tot de stommelingen en hufters gerekend.

Door deze kwalificaties heeft het artikel van Roos Vonk mij niet direct overtuigd van de juistheid van haar standpunt. Ben je echt bezorgd over de toekomst van onze planeet, dan moet je je medemensen toch op een andere wijze benaderen.

De hoogleraar psychologie zou dat moeten weten. Of wil zij niet echt het gedrag van mensen veranderen, maar juist de wereld naar de verdoemenis helpen, opdat haar gelijk wordt bewezen? Van dat laatste wil ik niet uitgaan.

Maar een werkelijk informatief artikel ‘over de gevolgen van vleesconsumptie’ zou wellicht ‘het huidige armzalige niveau’ van de voorlichting hebben kunnen doorbreken. Het Volkskrantartikel lijkt me contraproductief.

Kuddegedrag
Roos Vonk beschuldigt in haar essay de vleeseter van kuddegedrag. Tegelijkertijd is haar streven erop gericht om zo veel mogelijk mensen haar verhaal te laten volgen.

Dit is toch niets anders dan mensen aanzetten tot, jawel: kuddegedrag. Is dit geen psychologisch dubbelspel?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden