Geachte redactie

In het artikel over het gebiedsverbod (Ten eerste, 9 november) wordt verslag gedaan van wat er gebeurt op het Columbusplein in Amsterdam-West op een maandag of dinsdag.

Gebiedsverbod

Drie vrienden van 19, 20 jaar staan voor het buurtcentrum, dat alleen op woensdag, donderdag en vrijdag geopend is. Kennelijk hoeft het drietal niet naar school of werk. In de tijd dat de journaliste op het plein verblijft, komen een wijkagent, twee straatcoaches, een jongerenwerker en twee oudere buurtbewoners voorbij, die de jongens schijnbaar goed gezind zijn (terloops wordt vermeld dat buurtbewoner Schouten eens op hetzelfde plein in elkaar geslagen is).


Een gebiedsverbod lijkt me hier overbodig, want hoe kan het met zoveel toezicht en vriendelijkheid nog fout gaan?


H.E. Stapel, Limmen


Tweede nationaliteit

Dan zijn er eindelijk Nederlanders die een tweede (Marokkaanse) nationaliteit niet willen en dan krijgen ze die van de Nederlandse overheid opgedrongen (Ten eerste, 10 november). Hoezo integreren? De burger wil wel, nu de overheid nog.


A.P.M. Broekhuisen, Pijnacker


Bureautjes

In de Volkskrant van 10 november verschijnt weer een vrouw met 'een eigen coaching- en trainingsbureau'. Hoeveel van dit soort bureautjes zijn er wel niet? Ik krijg soms de indruk dat de ene helft van Nederland de andere helft moet vertellen hoe hij leven en werk moet inrichten, gezond moet leven, kinderen moet opvoeden, et cetera.


René Appel, Amsterdam


BV Gezin

Ik heb bewondering voor ouders die in hun gezin duidelijke regels hanteren (Wonen, 10 november).


Ik heb bewondering voor ouders die niet vinden dat hun intelligente 6-jarige zoon een grappig eigen willetje heeft omdat hij niet naar muziekles wil, maar inzien dat hij eigenlijk bang is en geholpen moet worden. Niks eigen willetje, maar bang om naar die vreemde groep kinderen en nieuwe juf te gaan.


Ik heb bewondering voor de ouders die na de diagnose ADHD meer structuur en regels aanbrengen, om vervolgens te merken dat dit tot betere resultaten leidt. Ouders van te dikke kinderen die de verantwoordelijkheid nemen en het kind een appel of een boterham mee naar school geven in plaats van een vetmakend caloriehoudend drankje.


Maar waar zijn de ouders van zich in coma zuipende kinderen? Natuurlijk kan het gebeuren dat je op een gegeven moment de greep op je kind kwijtraakt, maar komt dit niet doordat ouders een beetje bang zijn geworden om op te voeden? Bang voor de huilbuien, driftige reacties van hun 2-jarige kind, waardoor het kind al op zeer jonge leeftijd de regie overneemt?


Ik heb bewondering voor de ouders die inzien dat opvoeden echt noodzakelijk is. Ouders die op vaste tijden naast hun kind gaan zitten om te helpen met taal, rekenen of muziek. Ouders die erop toezien dat het kind verstandig eet en op tijd naar bed gaat.


Het doet me goed dat steeds meer ouders weer gaan opvoeden volgens vaste regels, veel structuur en respect voor elkaar. Ik geloof er heilig in dat dit op lange termijn een gunstige maatschappelijke ontwikkeling tot gevolg heeft.


Dinie Goedhart, Foudgum muziekdocent


Advocatuur

De fine fleur van onze advocatuur werd door de VPRO vlijmscherp voor het voetlicht gebracht in de documentaire Kijken in de ziel van 10 november. Ik kreeg gaandeweg de uitzending intens medelijden met deze mensen. Zij zijn de gevangenen van hun eigen doctrine en slechts één van hen besefte dat en leek er enigszins onder te lijden. 'De overwinning van de rechtsstaat', zo noemden zij het, als de verdachte met hun hulp wordt vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs, terwijl de advocaat weet dat deze schuldig is.


Mijn rechtsgevoel verzet zich hier hevig tegen, ik word er onpasselijk van. In hun redenering staat de letter van de wet centraal en niet het recht.


Hoe ver moet je als mens gaan als je met de wet in de hand kunt rechtvaardigen dat iemand wordt vrijgesproken van moord, terwijl jij weet dat hij schuldig is. Hoe ver moet je gaan als je het risico dat hij een volgende keer weer toeslaat, accepteert. Hoe ver moet je gaan als je zegt dat je hem dan weer zult verdedigen.


Zo verwordt het recht tot een schaakspel waarbij het slachtoffer altijd de verliezende partij is. Zo verwordt een mens tot het werktuig van het onrecht.


In mijn optiek is dit onmenselijk en onrechtvaardig. Als onze wetten dit ooit beoogd hebben, wordt het tijd ze te herzien. Dit kan nooit de bedoeling van de wetgever geweest zijn. Ik zou bijna een voorstander van juryrechtspraak worden.


Heel illustratief voor de scheefgroei in het denken van de strafpleiter vond ik de slotzin: 'Het allerergste wat je kan overkomen als mens: opgesloten worden.' Nee, nee, nee! Het allerergste wat je kan overkomen als mens is dat je kind misbruikt en vermoord wordt, en de dader dat vertelt aan de advocaat en mede dankzij diens strategie wordt vrijgesproken zodat je nooit zult weten hoe en door wie jouw kind is gestorven. En dat die dader dan nog een kind doodt, en dat je dan als strafpleiter je schouders ophaalt: 'zoiets kan gebeuren...'.


Anneke van der Sluis, Katwijk aan Zee


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden