Gauloises

Ik zal een jaar of veertien zijn geweest toen ik mijn eerste sigaret opstak. Ik had hem zelf gerold, van Matrozenshag....

Martin Bril

Vijfentwintig jaar geleden was Gauloises nog een groot merk in Frankrijk – behalve de bekende lichtblauwe pakjes waren er groene pakjes, gele pakjes, witte pakjes – allemaal met andere dan de donkere, zware tabak die in de blauwe Gauloises zit. Amerikaanse en Engelse merken waren er ook wel, maar ze waren veel duurder dan de sigaretten van Seita, het Franse staatsbedrijf dat behalve Gauloises ook Gitanes produceerde, met filter, zonder filter, met mais- of gewoon wit papier. Dan was er, tot slot, ook nog Boyards – een merk dat niet van de staat was, maar wel Franser dan Frans; een heel dikke sigaret, bijna een sigaar, alleen zonder filter verkrijgbaar, wit of geel. De sigaret van Sartre en Jean-Luc Godard. Al jaren geleden van de markt verdwenen, maar laatst kwam ik op Ebay iemand tegen die een pakje zocht voor een stervende vriend die graag nog een laatste keer zijn favoriete sigaret wilde roken.

Ook van Gauloises is weinig meer over – het merk bestaat nog steeds, maar de productie vindt al lang niet meer in Lille plaats. Seita is opgegaan in het Spaanse bedrijf Altadis. De grote merken van Frankrijk zijn Marlboro en Camel. Donkere, zware tabak is uit. De bestsellers van Gauloises zijn tegenwoordig blonde sigaretten. Alleen oude mannen roken nog de klassieke Gauloises. Een heel enkele keer zie je nog wel eens iemand met een gedoofde Gitanes-mais tussen de lippen. Dat is namelijk de makke van dat maispapier – je sigaret gaat uit als je er niet aan trekt.

Enfin.

Altijd als ik in Frankrijk kom, is mijn eerste aanschaf een pakje Gauloises, zonder filter. Niemand in het gezin houdt van de bijbehorende geur, maar voor mij is er geen Fransere lucht dan die van brandende Gauloises. Niets is ook zo Frans als ergens in Parijs aan een bar staan, een espresso drinken, door de krant bladeren en roken. Alle mannen om je heen roken ook, drinken ook koffie (sommigen een kleintje rode wijn), kijken ook vluchtig in de krant, sportuitslagen, paardenkoersen. Iedereen is onderweg naar elders – als je twintig minuten blijft staan, bevind je je aan het einde daarvan in een heel ander gezelschap dan dat waarmee je begon. Alleen de barkeeper is niet veranderd.

Het is moeilijk uit te leggen wat nou precies de charme van dat verpozen aan een Franse bar is. Misschien is het voor Fransen zelf wel helemaal niet interessant; niet meer, maar ook niet minder, dan een korte stop onderweg naar de metro en het werk en aan het einde van de dag, als bier en wijn de koffie vervangen, een korte stop op de terugweg. Ik denk dat het voor mij zo betekenisvol is omdat het voelt alsof ik er bij hoor, bij al die Fransen en hun land. Een plek aan de bar, in de ochtendspits, en niemand die zich afvraagt wie je bent. Gewoon een iemand onderweg, een man met een sigaret tussen zijn vingers en een kopje koffie aan de mond.

Nog een paar dagen en het is 1 januari. Dan mag er in de Franse horeca niet meer worden gerookt. Nog een paar jaar en Frankrijk zelf zal ook wel niet meer bestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden