Gastcolumn

Gastcolumn: Het recht als snelweg

In plaats van het kind met het badwater weg te gooien, is het zinvoller om de sharia te beschouwen, precies naar de betekenis van het woord: de weg, schrijft Antoinette Vlieger. 'Het is de weg waarlangs men in Indonesië probeert graaiende bankiers een halt toe te roepen en in Afghanistan de vof-overeenkomsten van studenten een rechtvaardiger uitkomst geeft.'

Beeld anp

Er belde een klant. De bank had een voorstel gedaan en hij kon er geen touw aan vastknopen. Moest hij dit tekenen? Mijn intuïtie zei me dat als het onnavolgbaar was, de bank waarschijnlijk iets probeerde te verbergen. Twee uur later kon ik de conclusie onderbouwen dat het een beroerde deal was. Toch is het stuitend dat ik met mijn opleiding er zo lang voor nodig had om uit te zoeken wat het aanbod inhield.

Ons recht gaat er namelijk van uit dat wij weten waar we aan beginnen als we een overeenkomst tekenen. Bij simpele deals is dat natuurlijk ook zo. Ik vraag de bakker om een krentenbol, leg geld neer en weet wat ik krijg. Maar vooral bij overeenkomsten die lang duren, is het idee van weten waar je aan begint een fictie. Studenten die bijvoorbeeld samen een bedrijfje starten, zullen dromen ooit champagne te drinken met de oprichters van Facebook. Maar de juridische complicaties van het feit dat Simon dan misschien alleen nog met de meisjes op stap wil, terwijl Stijn juist tachtig uur per week gaat werken, zijn zo lang tevoren niet te regelen. Gelukkig hebben we het recht om in dit soort gevallen de gaten van de overeenkomst te vullen, of zelfs om de overeenkomst tegen de letter in, aan te passen tot iets redelijks.

Snelweg

Op basis van die wetenschap, stappen we in deals met mensen die we amper kennen, zonder eerst drie maanden samen koffie te hoeven drinken, zoals in Egypte. Het is te vergelijken met een snelweg; omdat we weten dat er geen gaten in de weg zitten, rijden we hard. In Mauritanië, waar rechtssysteem en asfalt beide enorme gaten vertonen, gaat alles langzamer.

Mijn klant had deze overeenkomst kunnen tekenen, want waarschijnlijk had een rechter de deal vernietigd of aangepast. In landen waar het rechtssysteem slecht is, moet je een juridische studie hebben afgerond voordat je zonder gevaar een bedrijfje kunt starten of bankproducten kunt kopen. Regelmatig wordt betoogd dat we minder regels nodig hebben. Aan de bar van de economiefaculteit kreeg ik naar mijn hoofd dat 'ons soort' alleen maar blokkades opwierp voor de economie. Mijn verweer was simpel; eigendom en contracten zijn juridische concepten.

Eigendom

Zonder deze twee is de huidige economie domweg niet mogelijk. Daar komt bij dat onze vorm van eigendom nog een relatief nieuw begrip is; het is pas door de Romeinen ingevoerd. In kleinere samenlevingen beslist het dorpshoofd uiteindelijk over het paard vanwege zijn relatie tot andere dorpsbewoners. Bij ons beslist iemand over zijn auto vanwege zijn relatie tot de bolide zelf. Dat is wat eigendom is; een relatie tot een ding, welke maakt dat je over het ding kan beslissen, ongeacht de vraag of je hoog of laag in de hiërarchie staat. Zoiets is nodig in grote samenlevingen, waar niemand de volledige sociale structuur nog kan overzien.

Voorwaarde is wel dat er een systeem bestaat waarbinnen je kunt afdwingen dat jouw spullen aan jou worden teruggegeven. Maar ook dat ontbreekt in landen als Jemen. Terwijl in Nederland de roep om deregulering luid klinkt, is het dus belangrijk om oog te hebben voor het feit dat we qua ontwikkelingssamenwerking elders juist moeten helpen om een solide judicatuur op te bouwen. Want met een rechtssysteem als een spiegeltje, zal de economie kunnen versnellen, omdat men zonder alles te overzien contracten kan sluiten. En het helpt als we ons daarbij realiseren dat in bepaalde landen het lokale woord voor recht 'sharia' is.

Dat omvat behalve de door ons verfoeide onderdelen ook gewoon eigendoms- en contractrecht, en regels van rechtvaardigheid. In plaats van het kind met het badwater weg te gooien, is het zinvoller om de sharia te beschouwen, precies naar de betekenis van het woord: de weg. Het is de weg waarlangs men in Indonesië probeert graaiende bankiers een halt toe te roepen en in Afghanistan de vof-overeenkomsten van studenten een rechtvaardiger uitkomst geeft. Nee, het is geen zoab (zeer open asfaltbeton) en ook wat mij betreft mag het islamitisch familierecht integraal naar het archief verwezen worden. Maar als we onze afkeuring uitspreken ten aanzien van bepaalde onderdelen, en zaken als Kadaster en KvK eraan toevoegen, zal er op die klinkerweg eerder een mondige middenklasse in beweging komen dan in een land zonder recht. Dat lijkt me winst.

Antoinette Vlieger werkte jaren aan de Universiteit van Amsterdam publiceerde een roman en is nu advocaat in Hilversum. Zij is deze maand gastcolumniste van Volkskrant.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden