Gastcolumn

Gastcolumn: Het discours van de 'bezorgde burger' is volstrekt normaal geworden

Te vaak klinkt het bij het aanschouwen van gruwelijkheden: ach, we leven nu eenmaal in deze wereld, dat gaat niet veranderen, schrijft Aafke Romeijn.

Aafke Romeijn is muzikant en schrijver.
Syrische kinderen in Aleppo Beeld afp
Syrische kinderen in AleppoBeeld afp

Terwijl in Aleppo de evacuatie van burgers is begonnen en duizenden ontheemden worden verspreid over het achterland, kijkt men in België naar absurde politieke slapstick, die grappig zou zijn geweest, ware het niet zo triest. Al maanden wordt geprocedeerd over een humanitair visum voor een Syrisch gezin, dat tijdelijk bij kennissen in België wil gaan wonen.

Vlaams staatssecretaris voor asiel en migratie Theo Francken weigert zo'n visum af te geven, omdat dat in zijn ogen een precedent zou scheppen. Er zijn inderdaad vast duizenden Syrische gezinnen met familie of vrienden in België. Inmiddels heeft het Brusselse hof van beroep besloten dat Francken een visum moet afgeven, op straffe van een dwangsom à 4000 euro per dag. Terwijl het in Amerika inmiddels normaal begint te worden om feiten af te doen als 'ook maar een mening', zo meent Francken dat het oordeel van de hoogste rechter 'ook maar een oordeel' is. Hij ziet het als zijn missie om het Syrische gezin in Syrië te houden, en als hem (en dus de Vlaamse belastingbetaler) dat 4000 euro per dag kost, dan is dat geen straf, maar dan is dat simpelweg wat zijn beleid kost.

Wanneer er tijdens het Journaal op Eén gevoxpopt wordt, hoor je Vlamingen steeds vaker vertwijfeld vragen of Francken zich nou echt niet wil inleven in vluchtelingen, dat hij bereid is een klein fortuin uit te geven om hen het leven zo zuur mogelijk te maken. Je vraagt het je af. Toch is er ook genoeg steun voor zijn beleid, maar die hoor je weinig in het openbaar. Het zijn mensen die, net in Nederland, een veilig toevluchtsoord vinden op Facebookpagina's met gelijkgezinden. Het zijn de 'bezorgde burgers' die zich 'niet gehoord' voelen, en die het idee hebben dat hun opvattingen ondergronds moeten blijven, bang als ze zijn voor negatieve reacties van vrienden, familie en werkgevers.

Wat deze 'bezorgde burgers' niet door lijken te hebben is dat hun discours langzaam maar zeker volstrekt normaal is geworden. Sterker nog: wanneer je je op sociale media uitspreekt voor een soepeler asielbeleid, dan word je al snel afgedaan als 'naïef', of, erger nog, als 'gutmensch'.

Het nieuwe politiek correct

Het nieuwe politiek correct is: zeggen heus sympathie te hebben voor mensen die het minder getroffen hebben, maar je niet wagen aan ook maar het begin van een mogelijke oplossing, hoe klein of schijnbaar onbetekenend ook. Ik, als onbetekenende burger, kan tóch niks doen, en we moeten ook niet doen alsof we een verschil kunnen maken. Doe je dat wel, dan maak je schone schijn. Immers: als al die linkse hipstermeisjes daadwerkelijk zo begaan waren met oorlogskindjes, dan hadden ze inmiddels toch allemaal zes vluchtelingen in huis opgenomen? Hebben ze dat? Nee? Nou, precies: ze lopen alleen maar te janken om te laten zien dat ze deugen, om hun imago van gutmensch op te poetsen.

In mijn vorige gastcolumns schreef ik over de rol van (geëngageerde) literatuur in politiek roerige tijden. Vandaag wil ik daar aan toevoegen: literatuur, en andere kunstvormen, zijn een belangrijk wapen in de strijd tegen zelfverkozen machteloosheid. Verhalen zijn oefeningen in inlevingsvermogen, zowel voor de schrijver als de lezer. Maar, misschien belangrijker nog, kunst is een mogelijkheid om binnen relatief veilige kaders grenzen te verleggen, mogelijkheden te verkennen die in de realiteit lastig of onmogelijk te toetsen zijn. In literatuur is alles mogelijk, het enige waar de auteur mee dient te worstelen zijn praktische beperkingen en de grenzen van zijn of haar voorstellingsvermogen.

Inlevingsvermogen

Ik kan me niet voorstellen dat een politicus als Theo Francken zijn beleid voort zou zetten als hij zelf een paar dagen met vrouw en kinderen in Aleppo had moeten doorbrengen. En wanneer iemand wordt uitgezet die al tien jaar zonder problemen naast je woont, dan ben je als 'bezorgde burger' opeens geneigd te zeggen: ja maar zij hoeven niet weg, zij zijn oké. Waar het volgens mij doorgaans misgaat is bij een fysieke afstand die alleen overbrugd kan worden met inlevingsvermogen. Daarmee bedoel ik niet mee gaan zitten janken, maar je daadwerkelijk zo nauwkeurig mogelijk inleven in een ander, om te kunnen beredeneren wat hij of zij ervaart, en nodig heeft. En inlevingsvermogen is een vaardigheid die je kunt trainen, net als een wasbordje.

Te vaak klinkt het bij het aanschouwen van gruwelijkheden: ach, we leven nu eenmaal in deze wereld, dat gaat niet veranderen. Bovendien: wat kan ik eraan doen? Literatuur en andere kunstvormen kunnen mogelijkheden schetsen, voorbij de maatschappelijke en politieke horizon kijken. Noem me naïef, maar ik geloof dat het debat een stuk minder gepolariseerd zou zijn wanneer we wat meer verbeelding aan de dag zouden leggen.

Aafke Romeijn is muzikant en schrijver. Haar debuutroman Concept M verschijnt in 2017 bij De Arbeiderspers. Ze is deze maand gastcolumnist van Volkskrant.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden