Garden Museum eert tuingoden uit Nederland

Henk Gerritsen uit Schuinesloot en Piet Oudolf uit Hummelo genieten godenstatus in Engeland, maar zijn niet bijzonder bekend in Nederland. Laat staan dat de gemiddelde Nederlander zou weten wat The Dutch Wave zou kunnen zijn. Veel tuinliefhebbers in Groot-Brittannië weten dat wel - en dat is niet gek in een land waar tuinprogramma's nog steeds prime time worden uitgezonden, en waar miljoenen mensen hun vrije tijd doorbrengen met de schoffel of de grastrimmer in de hand.

Het werk van Gerritsen en Oudolf heeft extra glans gekregen: het wordt geëerd in een expositie in het Garden Museum in Londen. Zo'n vijftien jaar geleden maakten de Britten voor het eerst kennis met wat de 'Hollandse golf' is gaan heten. Ze waren toen nog druk met hun fraai verzorgde cottage gardens, rozentuinen en perken met zorgvuldig gekozen kleurenschema's.


Wat de Nederlandse tuinarchitecten brachten, was iets heel nieuws: op het oog wilde, uitbundige verzamelingen van tot dan toe vrij onbekende planten en grassoorten, die tuinen in georganiseerde chaos, en op ecologisch verantwoorde wijze, leken te overwoekeren.


Sindsdien namen tal van bekende Britse tuinarchitecten de stijl van de Nederlanders over. Dat de Britten, als eersten in de wereld, een museum stichtten dat de geschiedenis van het tuinieren belicht, spreekt voor zich. Zo oud is het echter niet. In de jaren zeventig werden bij de in onbruik geraakte St. Mary-kerk de graven ontdekt van John Tradescant en zijn zoon, twee legendarische tuiniers en plantenkenners uit de 17de eeuw. Liefhebber besloten de kerk om te bouwen tot museum.


Na een ingrijpende verbouwing werd het twee jaar geleden heropend. Het staat op een gepaste locatie, in het symbolische hart van de Britse beschaving: pal naast Lambeth Palace, de Londense residentie van de aartsbisschop van Canterbury ('s lands hoogste geestelijke), een paleis dat op zijn beurt tegenover de Houses of Parliament ligt, aan de overzijde van de Theems.


Veel moet de bezoeker niet verwachten: de vaste collectie bestaat uit enkele vitrines met antiek tuingereedschap. Daarnaast zijn er vaak foto-exposities. Het werk van Gerritsen (1948-2008) en Oudolf (1944) is liefdevol bijeengebracht in een bescheiden zaaltje vol foto's, originele documenten en eerbetoon van Britse collega's.


Voor een Nederlander is het moeilijk een glimlach te onderdrukken, bij het zien van een diashow met de titel 'Piet in Britain'. Gerritsen vergaarde faam met de aanleg van Waltham Place in Berkshire een kleine tien jaar geleden. Oudolf kreeg vanaf medio jaren negentig de ene na de andere opdracht in Groot-Brittannië. Bekend is ook de herdenkingstuin die hij ontwierp in New York, ter nagedachtenis aan 11 september.


Vooral de teksten zijn zeer inzichtelijk om deze landgenoten beter te leren kennen. 'Het paradijs is voor mij de natuur in zijn ware (en niet noodzakelijkerwijs mooiste) vorm', zo wordt Gerritsen geciteerd. 'Mijn manier van tuinieren is een totale breuk met het traditionele tuinieren. Het gaat om simpele en subtiele wilde planten die insecten en vogels aantrekken, om vorm, textuur, verzamelingen planten, die de natuur weergeven zoals die is.' Dus niet: utopische tuinen die veel extra's zoals water, bemesting en pesticiden nodig hebben.


'Ze zijn nog steeds enorm invloedrijk in Groot-Brittannië', zegt Sarah Langton-Lockton, tuincolumnist bij het deftige damesblad The Lady, en vrijwilliger in het Garden Museum. 'De belangrijkste Engelse bijdrage aan het tuinieren zijn de traditionele borders, maar dit bracht iets compleet nieuws.'


Langton-Lockton raakt enigszins opgewonden. 'Ze gebruiken vaste planten in plaats van struiken, die ook laat in het seizoen nog mooi zijn, dit alles met veel oog voor de biodiversiteit. De ontwerpen zijn vaak golvend, zó lovely.'


Een andere dame mengt zich in het gesprek. 'Kijk maar eens naar al die rotondes in dit land. Vroeger waren dat vaak perkjes met afrikaantjes en viooltjes, nu zie je steeds vaker een bonte verzameling hoog opgeschoten grassoorten. Prachtig, de beweging die dat geeft in de wind.'


Gert-Jan van Teeffelen


De expositie Going Dutch in Londen is tot zondag 20 februari 2011 te zien in het Garden Museum in Londen. Informatie op Gardenmuseum.org.uk.


De Priona Tuinen van Henk Gerritse zijn beperkt toegankelijk. Meer informatie op Prionatuinen.nl. Toegang voor volwassenen € 6,50.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden