Galeries op Zuid solidair

Tweeënhalf jaar geleden sloegen de Antwerpse galeriehouders de handen ineen. Er moesten meer bezoekers, meer verzamelaars geïnformeerd worden over het internationale kunstenaarsaanbod dat Antwerpen te bieden heeft....

Lucette ter Borg

Die solidariteit heeft inmiddels haar vruchten afgeworpen, zegt Stella Lohaus, voorzitster van de Antwerpse galeries. De bezoekersaantallen zijn gestegen, de 'Nocturnes' een doorslaand succes. Sinds de opening van haar eigen galerie aan de Vlaamse Kaai in september 1997, brengt Lohaus daar een internationaal avantgardistisch programma.

Deze ouderwetse vlakte vol kasseien is samen met de aangrenzende straten het middelpunt van het galeriekwartier 'op Zuid', zoals het in Antwerpen heet. Hier huizen twee van de drie kunstenaarsinitatieven die Antwerpen rijk is, waaronder sinds een jaar het militante, door Guillaume Bijl geïnspireerde 'Nieuw Internationaal Cultureel Centrum'.

Hier is op het moment een grappige, inspirerende én leerzame tentoonstelling over omstandigheden waaronder hedendaagse kunstenaars werken. Zo'n beetje tegenover Lohaus zit Ronny van der Velde (met een tamelijk lokale tentoonstelling over Antwerpse fotografie in de 19de eeuw), in de straten iets verderop zitten Micheline Szwajzer en Van Laere (met een mooi overzichtje van Michel Huisman - voor wie het recente overzicht in het Stedelijk Museum heeft gemist) en tegenover het suikertaartige Museum voor Schone Kunsten huist Frank Demaegd van Zeno X.

Het zijn galeries die zowel de belangen van Belgische kunstenaars als die van Nederlanders behartigen (Marijke van Warmerdam, Avery Pressman en Stanley Brouwn bij Szwajzer, Job Koelewijn en Erik van Lieshout bij Lohaus, Marlene Dumas bij Zeno X), maar zich ook op de internationale markt begeven.

Bij Lohaus bijvoorbeeld zijn nu de restanten, c.q. beelden te zien die de Duitse kunstenaar John Bock (1965) in de galerie achterliet na een letterlijk spetterende Vortrag.

Bock is één van die jonge kunstenaars die zich op een ongecompliceerde, grijpgrage manier van de kunstgeschiedenis bedient. In het onzichtbare leven dat hij op de vorige Biennale van Venetië leidde - de kunstenaar zat verstopt achter twee tentoonstellingswanden - lonkte hij naar de performances die een onanerende Vito Acconci in de jaren zestig onder de vloer van zijn New Yorkse galerie gaf. In de installatie nu bij Lohaus, Yes Sir, No Sir, der grosse Sir, geeft Bock een anarchistische draai aan de kunstgeschiedenis.

Vertrekpunt is De oneindige zuil van Brancusi, daar althans refereert de houten constructie aan die op de eerste verdieping van de galerie staat opgesteld en is opgetuigd met potten, pannen en allerlei ander gereedschap. Dit is een verwijzing naar wat beneden plaatsvindt: daar wordt het 'echte' werk verricht.

Hier beklom de kunstenaar tijdens de 'Nocturne' van anderhalve week geleden een uitvergrote schakel van de 'Oneindige zuil'. Wiebelend op een 'bed' van kippengaas, zichtbaar boven iedereen verheven maar toch heel ver weg, sloeg Bock aan het koken, eieren werden gemixt met smeerolie, op de draaitafel naast het kookplaatje werd Beethoven afgewisseld door Suzie Quatro. Bock manifesteerde zich in zijn goudgele discotrui als een blasfemische zot die het brave galeriepubliek in een oogwenk aan zijn voeten kreeg en hield.

Bij Zeno X, de galerie van Frank Demaegd, is deze maand ruimte gemaakt voor een bijna totaal onbekende kunstenaar - maar wat een ontdekking. De portretten die de op 25-jarige leeftijd vermoorde Waal Stéphane Mandelbaum (1961-1986) schilderde en bekraste met letters, uitroepen, met woorden in tal van talen, roepen bij eerste aanblik de uitgebeende portretten van Francis Bacon in gedachten.

Dat is raar, want bij nadere bestudering blijken de portretten die Mandelbaum schilderde - van de SA-er Ernst Röhm, van George Dyer, van nachtvlinders met en zonder klanten - helemaal niet zo vervormd, zo uit de bocht gevlogen, als Bacons portretten dat zijn.

Mandelbaum schildert frontaal, licht van onderen, alsof een groothoeklens op het subject gericht staat. Die invalshoek zorgt ervoor, samen met de hectische, soms onleesbare krabbels en kreten op het linnen, dat Mandelbaums figuren lijken te verzinken in het niets, hoe groot ze ook zijn afgebeeld. Hun leven op aarde is eenzaam, hun dood is gewelddadig en verlossing is nooit nabij.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden