Gaatjes boren

De voorkeur geef ik aan een buurman die een pianostuk van Beethoven studeert boven degene die met een boormachine achter de muur staat....

Vaak heb ik gezien hoe men rijtjeshuizen maakt. De muren zijn dun, de tussenmuren van gips. Een bouwvakker kan het in zijn eentje tillen, neerzetten en metselen.

Toch heb ik bewondering voor die muren. Ik woonde in een van die huizen. Rechts en links had ik nooit vaste buren. Mensen kwamen er een jaar of anderhalf jaar en soms zelfs zes maanden wonen, dan kochten ze - denk ik - een nieuw huis en verhuisden. Zo was ik getuige van dertien verschillende verhuizingen. Er waren zeker altijd aardige buurvrouwen tussen. Maar ik heb het nu even over de mannen. Over de mannen en de muren.

Zodra de ene verhuisde, verscheen er een ander. Een man met een aanhangwagen. In werkkleding, met in de ene hand een gebruikte tuinstoel en in de andere hand een krat bier. Mijn beschrijving is niet compleet, ik zal het anders formuleren: een man met een boormachine in zijn linkerhand en een trapje op zijn rechterschouder.

De gaatjes die de ex-bewoners hadden gemaakt, waren niet meer geldig. Ze werden allemaal dichtgestopt. De buurman wilde eigen gaatjes boren.

'Hoeveel gaatjes kan zo'n muur verdragen?', vroeg ik aan Mat. Hij is architect en bouwt van die nieuwe wijken.

'Hoezo? Wat wil je precies weten?'

'Gewoon, het aantal toelaatbare gaatjes in een muur.'

Hij lachte.

Ik heb in veel landen gewoond, maar ik heb nooit zo'n unieke samenhang van dingen gezien. Ik bedoel die aanhangwagens, de witte tuinstoel, het trapje, de oude werkkleding en de kratten bier - in deze fase gebruiken de mannen geen flesopener, ze maken de dop van de fles op een primitieve manier open, met een schroevendraaier bijvoorbeeld of met de scharnier van de deur.

De scène dat een Hollandse man op een aluminiumtrapje gaat staan en een boormachine in zijn hand heeft en met al zijn kracht een gaatje boort, is als een tekening op de rots in mijn geheugen gegrift.

'Boort u soms ook een gaatje in de muur?', vroeg ik aan Alexander Fest, een Duitse uitgever op de Buchmesse.

'Was meinen Sie?'

Toen ik het hem uitlegde, lachte hij om me.

Afgelopen zomer stelde ik de vraag aan Margaret Atwood, de bekende Canadese schrijfster: 'How is the relationship between Canadian men and their drills?'

'What do you mean?'

Voor zover ik weet, gebruiken de Hollandse mannen de boormachine meer dan andere mannen van de wereld. Volgens mijn onderzoekje hebben de Nederlanders de meeste boormachines in hun huis. Eén op de twee mannen die op zichzelf wonen, heeft er een - Jan Albert corrigeerde mij, hij meent negen van de tien mannen.

Bij de Canadezen is het één op vier. Duitsers, twee van de vijf, in India, één op de tienduizend mannen. Ikzelf heb geen boormachine. Ik gebruik de gaatjes van de vorige bewoners.

Nu net stopte er een auto met een aanhangwagen voor de deur. O, ik vergat te vertellen dat mijn linkerbuurman vorige week is verhuisd.

Kader Abdolah

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden