Gaat het goed, pas dan op

Wat heeft de wetenschap te zeggen over de actualiteit? Deze week: vanwaar toch al die volksopstanden?

Het Tahrirplein in Egypte, het Gezi-park in Turkije, en nu Brazilië: wat rommelt er toch, daar in de wereld? Als er één wetenschapstak is die zich daarover het hoofd breekt, is het wel de sociologie, het vak dat ooit ontstond vanuit de behoefte sociale veranderingen te duiden na de Franse en de Industriële Revolutie.


Een oproer ontstaat niet zozeer uit armoede, stelde socioloog James C. Davies al in de jaren zestig; het gaat juist mis als er na een periode van voorspoed opeens een dip is. Net ontstane middenklassen komen dan in het gedrang, vers opgebouwd kapitaal verdampt, en opstand ligt op de loer, aldus deze zogeheten 'J-curvetheorie'. Zo ging het althans in 1917 in Rusland.


Maar vlak de demografie niet uit. De poppen zijn sneller aan het dansen als het aantal jonge nieuwkomers op de arbeidsmarkt scherp stijgt, stelde in de jaren negentig de Duitser Gunnar Heinsohn. De werkloosheid kan dan oplopen, met frustratie, radicalisering en rellerigheid bij de zogeheten youth bulb als gevolg. Van alle opstanden tussen 1970 en 1999 speelde 80 procent zich af in landen met meer dan 60 procent 30-minners, turfden politicologen. En al in 2007, er was nog geen vuiltje aan de lucht, noteerden sociologen dat er vooral in het Midden-Oosten een jongerenballon op knappen stond.


Alleen zegt dat nog niets over het hóé van een opstand: hoe men elkaar vindt, de straat op gaat, de agenda stelt. In een deze week verschenen essay stellen de sociologen Gianpaolo Baiocchi en Michael D. Kennedy dat onlusten als die in Turkije en Brazilië 'een nieuw stadium in de geschiedenis van het protest' zijn. Het zijn apolitieke opstanden, niet aangedreven door godsdienst, vakbond of partijpolitiek: we gaan gewoon de straat op en bouwen een soort festival. 'Horizontalistisch' en 'fluïde' zijn de woorden die in de geleerde beschrijvingen van zulke bewegingen terugkeren.


In een ander recent artikel wijst sociologe Jaquelien Stekelenburg (VU) erop dat de protesten weliswaar 'typisch een product van deze tijd' zijn, maar ook structuur hebben. De strategie van de demonstranten gaat volgens haar terug op de Servische anti-Milosevic-jeugdbeweging Otpor! ('verzet!'): bezet symbolische plekken, probeer politie en leger voor je te winnen, wees vreedzaam. Op het Tahrirplein dook warempel inderdaad het logo met de gebalde vuist van Otpor! op, en in Brazilië gaat het vertaalde handboek van de beweging rond, aldus Stekelenburg.


En nu? In theorie dreigen er onlusten in onder meer China, de VS en Polynesië - maar dat is de theorie: kruitvaten hebben altijd nog een lont nodig. 'Bewegingen hebben cycli en ritmes', constateren Baiocchi en Kennedy, 'maar juist omdat het daden van creatieve wereldvorming zijn, kunnen ze elke verwachting tarten.' Dat geldt des te meer bij ongrijpbare, Occupy-achtige onrust. 'We hebben geen theorie waarop we voorspellingen kunnen baseren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden