Ga je harder rennen als je wordt ingehaald?

Wat gebeurt er als de overwinning nabij lijkt in een zwem-, ren- of roeiwedstrijd? Zet je dan nog een tandje bij of ga je achteroverleunen? En als je tegenstander je inhaalt, wat doet dat met je?

Ianthe Sahadat
Deelnemers aan de Marathon van Rotterdam. Beeld ANP
Deelnemers aan de Marathon van Rotterdam.Beeld ANP

Tijdens een wedstrijd gaan sporters door een uiteenlopende reeks emoties en gedachten die hun prestaties beïnvloeden. Psycholoog Ruud den Hartigh doet onderzoek naar de psychologie achter sportprestaties en de rol van momentum. Hij ontdekte dat sporters gedurende een wedstrijd meerdere momenten hebben waarop hun doel - de winst - dichterbij of verder weg lijkt te zijn. Dat heeft grote invloed op hun geloof in de winst en daarmee ook op hun prestaties.

'Vooral een negatief momentum, waarbij een voorsprong uit handen wordt gegeven, heeft veel effect', zegt Den Hartigh, die hierop vorige week promoveerde. 'Sporters proberen in eerste instantie een tandje bij te zetten als ze worden ingehaald, maar we zagen in onze metingen dat hun kracht vrij snel afnam, hun coördinatie en vooral ook hun geloof in de winst.'

Positief momentum

In een van zijn studies liet Den Hartigh roeiers in teams van twee aan een gesimuleerde wedstrijd deelnemen op roeimachines. Ze keken naar een scherm waarop hun positie en die van hun tegenstanders te zien was. Wanneer de roeiers achter lagen maar ze hun tegenstanders wisten in te halen - een positief momentum - droeg dit bij aan hun kracht, energie en overtuiging van de kans om te winnen. Hadden ze echter in eerste instantie een voorsprong maar werden ze ingehaald, dan werkte het omgekeerd.

'Dat blijkt ook uit onderzoek bij tafeltennissers, fietsers en zwemmers: als je al op je toppen aan het presteren bent en je wordt toch ingehaald of voorbijgestreefd, is het heel moeilijk nog te geloven in de winst. Je ziet dat er soms een korte spurt komt, dat de sporter even alles geeft, maar als dat niet baat, werkt het momentum in het nadeel en verslechtert de prestatie zelfs.'

Geloven in winst

Bij topsporters is dit mechanisme waarschijnlijk niet anders dan bij amateurs die willen winnen, vermoedt Den Hartigh. Wel hebben topsporters een grotere buffer. 'Topsporters die al ervaring hebben met winst in eerdere wedstrijden, komen minder snel in een negatief momentum dan degenen die een paar keer op rij slecht hebben gepresteerd.'

Het omkeren van een negatieve spiraal is daarom niet eenvoudig. Het is de kunst te blijven geloven in de winst. 'Zodra dat idee kwijt is, nemen de prestaties namelijk af', zegt Den Hartigh.

Tijdens zijn onderzoek met roeiers waren er zelfs twee deelnemers die gewoon stopten toen ze niet meer geloofden in de winst. 'In eerste instantie baalde ik, omdat ik hen niet meer als onderzoeksmateriaal kon gebruiken. Maar uiteindelijk is het denk ik heel illustratief voor de conclusie dat een negatief momentum grote gevolgen kan hebben.'

Ook een vraag voor deze rubriek?

Mail naar gezond@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden