Ga daar dan ook niet wonen

Talloze Nederlanders lopen in hun dagelijkse leven meer risico's dan in de wet is toegestaan. Omdat meer veiligheid te duur is of ingewikkeld....

Wie in Nederland dagelijks passief meerookt, in de buurt van Schiphol of onder een hoogspanningsmast woont, regelmatig in de whirlpool van het zwembad ontspant of in een huis woont met veel natuursteen, loopt risico's die hoger zijn dan in de Nederlandse wet is vastgelegd.

Geen enkele burger mag worden blootgesteld aan een kans op sterfte die hoger is dan één op de miljoen, werd in 1989 bepaald in de nota Omgang met risico's van het milieuministerie VROM. Maar voor passief meeroken is die kans op overlijden al één op de vijftigduizend, en voor tienduizend omwonenden van Schiphol is hij wegens de toegenomen kans op ongelukken inmiddels berekend op één op de honderdduizend.

Ook de kans op leukemie bij kinderen die wonen onder hoogspanningsmasten, is hoger dan toegestaan, evenals de kans op een fatale legionellainfectie in openbare zwemgelegenheden. Relatief onbekend is het risico op overlijden vanwege het radioactieve gas radon. Dat ontsnapt van nature uit bouwmaterialen, maar veroorzaakt in de goed geïsoleerde huizen van tegenwoordig meer gezondheidsschade dan voorheen. Statistisch goed voor achthonderd doden per jaar.

Stuk voor stuk worden deze risico's door de overheid geaccepteerd, wat formeel weliswaar onjuist is, staat in de nota Nuchter omgaan met risico's van het rijks milieu-en natuurplanbureau RIVM. Maar begrijpelijk is het wel. Anders dan we in 1989 dachten, kost het reduceren van alle risico's namelijk meer geld dan overheid en bedrijfsleven zich kunnen permitteren.

Soms is de gewenste veiligheid in de praktijk zelfs onbereikbaar. Politiek en samenleving zijn de afgelopen jaren dan ook stilzwijgend akkoord gegaan met hogere risico's dan wettelijk is toegestaan, bijvoorbeeld in de regelgeving rond Schiphol. Het wordt dus tijd, aldus het rapport, om die nieuwe werkelijkheid te accepteren en het beleid erop aan te passen.

De nota is bedoeld als discussiestuk, zegt RIVM-onderzoeker Guus de Hollander die hem samen met zijn collega Aldert Hanemaaijer schreef. 'Wanneer je enerzijds normen vastlegt en je er anderzijds niet aan houdt, ben je fout bezig. Dan moet je discussiëren over de vraag hoe we daarmee verder moeten.'

Maar erg levendig is dat debat tot dusver niet geweest, erkent hij. En dat terwijl het op de helling zetten van de oude veiligheidsnorm enorme consequentiesheeft. Ze staat aan de basis van wetgeving voor voedselveiligheid, voor veiligheidszones bij grote industrieën, voor transport van kernafval en voor gevaarlijke stoffen en straling.

Kan dat dan allemaal onveiliger? Over het algemeen niet, stelt het RIVM. Waar de norm relatief gemakkelijk kan worden behaald, zoals bij voedselveiligheid en de veiligheid rond grote industrieën, moet hij zeker blijven bestaan. Maar zodra de kosten te hoog worden, de complexiteit en de wetenschappelijke onzekerheid groot zijn of wanneer de feitelijke sterfterisico's 'geen goede maat zijn voor maatschappelijke onrust', zou de overheid moeten kiezen voor een andere strategie om de burgers gerust te stellen.

Het RIVM produceerde de nota op verzoek van staatssecretaris Van Geel van Milieu, die al eerder heeft aangekondigd dat hij minder strak wil omgaan met milieurisico's dan zijn voorganger Pronk. Omwonenden van Schiphol bijvoorbeeld weten wel dat ze niet op de Veluwe wonen, en accepteren volgens hem per saldo grotere risico's dan elders. There aint no such thing as a free lunch citeerde Van Geel de Amerikaanse econoom Edwin G. Dolan - die daarmee overigens bedoelde dat voor elke economische activiteit een vaak verborgen ecologische prijs wordt betaald.

Die boodschap komt niet onverwacht voor Wim Zwart Voorspuij, voorzitter van de Vereniging voor Medische Milieukunde waarbij onder anderen de medischmilieukundigen van de GG & GD's zijn aangesloten. In de praktijk wordt al geëxperimenteerd met het uitruilen van risico's, zegt hij. 'In het project Stad en Milieu van VROM is het mogelijk gemaakt normen enerzijds te overschrijden, bijvoorbeeld door te veel geluidhinder toe te staan, en die elders te compenseren, bijvoorbeeld door de aanleg van meer groen in de wijk. Binnen bepaalde grenzen ben ik daar niet tegen.'

Ook de doelmatigheid van milieu-en gezondheidsnormen staat al langer ter discussie, is zijn ervaring. Ook voor Zwart is duidelijk dat de overheid moet kiezen: óf miljarden besteden aan legionellabestrijding, óf de varkenssector saneren waardoor er minder stank-en milieuoverlast is op het platteland. 'Puur geredeneerd vanuit gezondheid is het niet gewenst. Maar laten we reëel zijn. Soms is het te duur om ook dat laatste beetje veiligheid te waarborgen.'

Bij de stichting Natuur en Milieu ziet men dat met lede ogen aan. 'Het is een merkwaardig vertrekpunt voor de discussie', vindt prof. dr. Lucas Reijnders, beleidsmedewerker van de stichting. 'Het RIVM heeft al vaker berekend dat de externe risico's in Nederland toenemen. Je zou denken dat de politiek dan redeneert: hoe zou dat komen en wat moeten we doen om dat te verminderen? Maar het omgekeerde gebeurt. Wettelijke normen worden niet gehandhaafd en wordt een nota geschreven die bedoeld is om de normen te verruimen.'

De norm dat burgers geen kans hoger dan één op een miljoen mogen lopen, is geen exclusief Nederlandse aangelegenheid, benadrukt Reijnders. Ook in de Verenigde Staten en andere Europese landen is hij in de milieuwetgeving opgenomen. Dat heeft de veiligheid van burgers enorm vergroot. 'Wanneer zelfs een chemische industrie als DSM in een dichtbevolkt gebied in staat is die norm te halen, moet dat elders ook lukken. Je hebt strenge normen nodig om te zorgen dat er echt iets verbetert.'

Dat de veiligheidsrisico's nu soms groter zijn dan toegestaan, komt doordat verzuimd is tijdig maatregelen te nemen. 'Neem de kans op legionellabesmetting, een probleem dat nu te duur zou zijn om echt op te lossen. Maar hoe is het daarmee zover gekomen? Het probleem dateert uit de jaren zeventig. De overheid heeft het twintig jaar laten versloffen. Hetzelfde geldt voor met ongelukken met LPG. Daarover is men pas gaan nadenken toen er in Spanje een volle LPG-tankauto op een camping met Nederlandse toeristen reed.'

Eén van de oplossingen die het RIVM aandraagt, is beter communiceren met burgers die verhoogde risico's lopen. Daarbij kunnen die burgers duidelijk maken waarom ze precies ongerust zijn en of ze misschien zelf een oplossing hebben, die dan mag afwijken van de wettelijke norm. Reijnders: 'Maar die burger heeft niet om de risico's gevraagd. Hij is er vaak niet eens van de op de hoogte. Iemand woont heus niet in de buurt van Schiphol omdat hij daar een hoger risico wil accepteren, maar omdat daar zijn werk is of omdat zijn vrienden daar wonen.'

Maar dat is het 'heilig uitgangspunt' waartegen het RIVM-onderzoek zich verzet, reageert De Hollander. 'Het is de filosofie dat een onschuldige derde nóóit hogere risico's mag lopen dan die magische kans van één op een miljoen. Dat recht gold vijftien jaar geleden als heilig, maar de praktijk is nu eenmaal anders. Ongelukkige samenlopen van omstandigheden zullen zich altijd voordoen. En zoals blijkt hebben we die in de praktijk soms ook al geaccepteerd.'

Volgens de onderzoeker kan opnieuw nadenken over veiligheidsnormen óók leiden tot strengere regels. 'De dierziekte BSE bijvoorbeeld laat zien dat de feitelijke kans op sterfte er niet zoveel toe doet. Daar gaat het niet om de norm, maar onder meer over de perverse manier waarop we omgaan met dieren en vlees'. Ook kan volgens hem in een nieuw veiligheidsbeleid beter rekening gehouden worden met het opstapelen van risico's voor sommige delen van de bevolking.

Daar is RIVM-man De Hollander namelijk erg vóór. 'Zoals in wijken met een laag opgeleide bevolking en slechte huisvesting. We weten dat allerlei gezondheids-en risicofactoren daar nu al groter zijn dan elders. Daar zouden we specifiek rekening mee moeten houden. Teveel nadruk op efficiëncy betekent dat veiligheid terechtkomt bij de mensen die het het minst nodig hebben.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden