Frivoliteiten voor Europese coaches taboe

Acht ploegen gingen afgelopen week in Londen, Liverpool en Manchester op zoek naar het 'gouden doelpunt', maar de queeste van de voetballers leidde in niet een van de vier wedstrijden naar de schat....

PAUL ONKENHOUT

Van onze verslaggever

LONDEN

Pas later, in de serie strafschoppen, vonden vier landen, Nederland, Spanje, Frankrijk en Engeland hun einde. Uitgezonderd Engeland - Duitsland kwamen de wedstrijden ook in de extra tijd niet tot leven. Het zou veel ergernis hebben gescheeld als onmiddellijk met het nemen van de strafschoppen zou zijn begonnen.

Euro'96 sukkelt naar zijn einde en nu al, twee dagen voor de finale tussen Duitsland en Tsjechië, staat vast dat het tiende Europese Kampioenschap niet lang in de herinnering zal voortleven. Er is doorgaans zeer berekenend gespeeld, met de wedstrijd Frankrijk - Tsjechië als historisch dieptepunt.

Het betrof op Old Trafford een duel waarin de winnaar zich kon plaatsen voor de finale van het toernooi. De reactie van de objectieve kijkers in het halflege stadion, de Engelsen, was veelzeggend. Ze gingen, maar niet nadat de spelers waren uitgefloten, ver voor het einde van de wedstrijd naar huis, woedend over zoveel bedrog. Voor een toegangsbewijs voor de halve finale was door de organisatoren minimaal 130 gulden in rekening gebracht. In zijn EK-rubriek in de The Observer verklaarde Franz Beckenbauer zondag dat het toernooi pas in de kwartfinales zou ontbranden, 'dat is namelijk altijd het geval'. Om meerdere redenen was dat een valse voorstelling van zaken van de oud-speler die Duitsland in 1990 als coach naar de wereldtitel leidde. Pas dit jaar werden kwartfinales gespeeld en kregen zestien ploegen een invitatie.

Beckenbauer zou ook moeten weten dat het EK een somberstemmend achterland heeft, het wereldkampioenschap van 1994 in de Verenigde Staten. De twee toernooien hebben gemeen dat de start redelijk veelbelovend was, dat daarna het rekenen begon en aan het slot de vraag moest worden gesteld of het voetbal wel op de juiste weg is. Ook in Amerika verdween de spontaniteit gaandeweg uit het voetbal, maar daar waren de stadions dankzij het ongebreidelde enthousiasme van de Amerikanen tenminste vol.

Omdat twee jaar geleden zeven van de acht ploegen in de kwartfinale uit Europa afkomstig waren, werd het WK'94 beschouwd als een triomf voor het Europese voetbal, ook al wwerd Brazilië wereldkampioen. Het was echter vooral een tactische superioriteit die werd getoond. Dat pad hebben de Europeanen de laatste weken geweigerd te verlaten.

In de 24 groepswedstrijden werd 55 maal gescoord, met de wedstrijd Rusland - Tsjechië als merkwaardig hoogtepunt (3-3). Het gemiddelde aantal doelpunten per wedstrijd was 2,29, een redelijk moyenne. In groep A, de poule van Nederland, werd het minst gescoord (12), in poule C waar Duitsland en Tsjechië uit zijn voortgekomen, het meest (17).

Inmiddels is het gemiddelde gezakt tot 2,03. In de laatste zes wedstrijden werd slechts zes maal gescoord. Drie duels eindigden in 0-0 en werden besloten met een reeks strafschoppen. Zo eindigde overigens ook het WK'94. Brazilië en Italië slaagden er in 120 minuten niet in te scoren.

De kans bestaat dat het doelpuntengemiddelde zondag op Wembley tot onder de twee zakt. Zo laag is het moyenne niet meer geweest sinds 1980 toen het EK in Italië werd gespeeld (1,92) en de rekenmeesters van het toernooi een sportieve sof maakten. In de drie toernooien die aan dat EK vooraf gingen, waren de gemiddelden respectievelijk 2,30 (Italië 68), 2,41 (België 72) en 3,41 (Joegoslavië 76).

In 1984 (Frankrijk) volgde een kleine revanche, 2,60, maar in West-Duitsland (2,26) en Zweden (2,13) in 1988 en '92 werden de doelpunten al weer schaarser. Wie niet lang nadenkt, zoals Beckenbauer vermoedelijk toen hij zijn rubriek in The Observer voorbereidde, is geneigd te zeggen dat aanvallers van wereldklasse in Europa zeldzaam zijn geworden. 'Ik ben ervan overtuigd dat er een gebrek aan goede spitsen is', aldus de Duitser.

Dat geldt echter niet voor alle landen. Shearer, Stoitsjkov, Brian Laudrup, Suker, Klinsmann hebben voor hun ploeg goede daden verricht. Hen treft geen blaam. Zoals altijd zijn het de coaches die schuldig zijn, met de Fransman Jacquet als grootste boosdoener. Steeds meer coaches van nationale ploegen staan nauwelijks nog frivoliteiten toe, snijden hun elftal op de maat van de tegenstander en leggen alle nadruk op de defensie.

Voor spelers die het wagen uit het keurslijf te ontsnappen, is in veel Europese landen geen toekomst meer. Euro'96 bewijst dat het internationale voetbal opnieuw saaier is geworden, doodser en berekenender. Wat dat betreft heeft het toernooi in Engeland de finalisten gekregen die het verdient.

Paul Onkenhout

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden