Frisse bevlogenheid in een vermoeide sector

Op het eerste gezicht zijn ze totaal ongeschikt voor elkaar. De één, geschiedenisleraar Jelmer Evers, is een enthousiast onderwijsvernieuwer, voorstander van 'gepersonaliseerd leren' met gebruik van ict en veel vrijheid voor leerlingen. De ander, René Kneyber, leraar wiskunde, gelooft in klassikaal lesgeven. Hij vindt dat een leraar structuur moet bieden en gezag uitdragen. Nieuw versus oud leren. 'Ontdek het maar zelf' tegenover 'omdat ik zeg dat het zo is' - de twee eeuwige strijdpunten in de discussie over onderwijs.


Toch vonden deze twee dertigers elkaar. Ze deelden een overtuiging: dat leraren zich niet als makke schappen - of geslagen honden - hoeven te voegen naar alle grillen van hun management en van de overheid. Beiden hebben een afkeer van een cultuur waarin leraren slaafse uitvoerders zijn van beleid dat ze zelf niet hebben bedacht, maar waar ze wel keihard op worden afgerekend. Ze maakten samen een boek, Evers en Kneyber: Het alternatief - Weg met de afrekencultuur in het onderwijs!


De auteurs die ze om een bijdrage vroegen denken heel verschillend over wat goed onderwijs is. Maar ze vinden allemaal dat het de laatste jaren finaal de verkeerde kant is uitgegaan. Scholen zijn bedrijven geworden, die tegen zo min mogelijk kosten hoge productie draaien. Het belang van het bedrijf staat voorop, niet dat van de kinderen.


Die bedrijven worden geleid door publieke 'ondernemers' die ver van de werkvloer staan, grote macht en grote vrijheid hebben, terwijl de overheid, klem gezet tussen autonome scholen en de onderwijslobby, lam toekijkt.


De overheid heeft geen ander machtsmiddel dan wantrouwen: permanente controle, bewaking van protocollen en procedures, naming and shaming van slecht presterende scholen. Als een school slecht scoort bij de Inspectie, op toetsen en rankings, is het de leraar die tekortschiet, niet het bestuur. Als het kind gedragsproblemen heeft of als de ouders klagen ook.


Ouders, besturen en overheid eisen van alles van de leraar, maar die veelgeroemde 'professional' heeft nauwelijks eigen bewegingsruimte. Waarmee dat een loos woord is geworden. 'Docenten zijn die term meer gaan gebruiken, naarmate ze minder professioneel werden' zegt de geïnterviewde Leo Prick terecht. Hij denkt dat veel leraren zo weinig zelfbewust zijn, omdat ze steeds slechter zijn opgeleid. Terwijl het opleidingsniveau van de bevolking steeg, zakte dat van de leraar, net als zijn salaris.


Het mooie aan dit boek is alleen al dat het een initiatief is van leraren. De meeste auteurs in dit boek staan zelf voor de klas. Dat is bijzonder, want bijna overal waar het debat over onderwijs wordt gevoerd, in de Onderwijsraad, bij de commerciële adviesdiensten, aan universiteiten, ontbreken de leraren. Dat is idioot en beschamend.


Leraren lieten zich naar de marge duwen, verwonderlijk voor zo'n hoogopgeleide en ooit spreekwoordelijk eigenwijze beroepsgroep. Met z'n allen hebben leraren ontzettend veel macht. Ze moeten die durven gebruiken.


Nu hebben leraren de naam notoire klagers te zijn. Monkelende slachtoffers. Op blogs en verjaardagsfeestjes spuien ze hun kritiek, op hun vreselijke managers en op onzinnige nieuwe eisen. Maar bij hun directie vallen ze stil. Uiteindelijk laten ze zich alles welgevallen.


Dit boek wijst op het tegendeel van die lafheid. Voor het eerst in zeven jaar - toen in 2006 de vereniging Beter Onderwijs Nederland werd opgericht - komt het initiatief van de leraren zelf. Dat is geweldig nieuws. Ze schetsen ook een alternatief: hoe moet het dan wél?


Vertrouw de leraar, zeggen Evers en Kneyber. Maak hen zelf verantwoordelijk voor hun school en hun lessen. Laat ze zelf hun collega's aanstellen, en hun managers, die dienstbaar aan de docenten moeten zijn in plaats van andersom. Laat leraren die geen managers willen zijn ook carrière maken. Schaf de Inspectie af. Houd op met dat neurotische toetsen. Geef minder uren les, maar beter.


Tegelijk begrijpen Evers en Kneyber ook wel dat leraren dat vertrouwen eerst moeten verdienen. Hoe krijgen we beter opgeleide leraren, die veel weten en kunnen? Op dat punt overtuigen de twee me nog niet helemaal. Evenmin vertellen ze hoe je zonder landelijke toetsen ontdekt welke scholen gevaarlijk onder de maat zijn. Zo zijn er nog minstens tien discutabele punten.


De kracht van dit boek is dat het opwekt tot tegenspraak, tot levendig en fel debat. Die frisse bevlogenheid is zeer welkom in een vermoeide sector.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden