Fraude in milieusector is simpel

Opdrachtgevers kunnen voor hen gunstige milieuonderzoeken kopen van laboratoria. In haar studie Wie betaalt, bepaalt geeft onderzoekster M. van den Anker daarvan dertig voorbeelden die niets aan duidelijkheid te wensen overlaten....

Het kostte sloper Besta weinig moeite om aan een vals certificaat te komen waarmee zijn afval vrij van asbest werd verklaard. Een verzoek aan het bevriend laboratorium Astlab bleek genoeg om de nepverklaring per fax toegezonden te krijgen.

Handig voor het in asbestverwijdering gespecialiseerde Besta. Zijn met asbest vermengde sloopafval kon nu zonder de voorgeschreven beschermende maatregelen verwijderd worden. Dat drukte de kosten enorm. Het storten van het 'asbestvrije afval' op een gewone vuilnisbelt werd een stuk goedkoper.

Over de gevolgen voor de gezondheid van haar medewerkers maakte de leiding van Besta zich geen zorgen. De directeur van Astlab, een internationaal opererend laboratorium, spreekt over de vervalsing als was het de gewoonste zaak van de wereld.

Het voorbeeld van Besta en Astlab komt voor in de maandag gepubliceerde studie Wie betaalt, bepaalt naar milieucriminaliteit onder laboratoria en adviesbureaus. De namen van de bedrijven zijn gefingeerd. Onderzoekster Marianne van den Anker citeert uit strafrechtelijke dossiers. En zoals in bijna al haar dertig voorbeelden heeft het onderzoek in deze strafzaak niet tot een veroordeling geleid.

Beide bedrijven werden wegens gebrek aan bewijs niet vervolgd. De zaak tegen verdachte personen werd met schikkingen afgedaan. Als de studie van Van den Anker iets duidelijk maakt, is het de onmacht van het Openbaar Ministerie in deze milieuzaken. Het blijkt in Nederland kinderlijk eenvoudig in de milieusector te frauderen en daarmee weg te komen.

Het op- en overslagbedrijf Calo bedacht samen met een handelaar een creatieve oplossing om van duizenden tonnen zwaar vervuild afval af te komen. De financiële situatie van Calo stond kostbare legale storting niet toe. Wegens het hoge zwavelgehalte mocht het spul in Nederland niet gebruikt worden als brandstof. Dus werd laboratorium Rische ingeschakeld.

Rische bestempelde de partij als 'ballastcoal'. Onder die noemer werd het afval verkocht als brandstof voor een kolengestookte centrale in een Oost-Europees land. Daar bleek uit onderzoek dat de partij voor slechts 28 procent uit kolengruis bestond. De rest was puin, zand, water en een olie-achtige substantie. De Oost-Europeanen noemden het afval, geen brandstof. Het spul werd geweigerd en teruggestuurd.

Calo werd verantwoordelijk gesteld voor de schade. Er werd ook een strafrechtelijk onderzoek ingesteld tegen het bedrijf. De hulpvaardige handelaar was na incassering van twee ton contant van opslagbedrijf Calo met de noorderzon vertrokken. De rol van het laboratorium Rische bleef buiten beschouwing.

Vorige week werd bekend dat het onderzoek van Van den Anker aantoont dat laboratoria en adviesbureaus zich gemakkelijk laten gebruiken voor analyses die de opdrachtgever goed uitkomen. Uit het 400 pagina's tellende rapport blijkt hoe het er in de praktijk aan toe gaat.

In de ondoorzichtige milieuwereld is lang niet altijd duidelijk wie verantwoordelijk is voor illegale handelingen. In 'Wie betaalt, bepaalt' staat het voorbeeld van een aannemer die vrijwel alle schakels in de verwijderingsketen van het afval zelf beheerst. Het bedrijf verwijdert afval en geeft milieuadviezen.

Ook aan zichzelf.

Het was daarom eenvoudig om een partij gevaarlijk chemisch afval op papier te veranderen in een onschadelijke lading. Dat scheelde 400 duizend gulden. Tegen het bedrijf is een strafrechtelijk onderzoek ingesteld.

Dat leidde niet tot vervolging. De kwestie werd met enkele tonnen afgekocht.

De economische belangen van de betrokken bedrijven lopen als een rode draad door de dossiers. Naarmate de financiële positie van een onderneming wankeler wordt, neemt de verleiding om fraude te plegen toe.

Van den Anker beschrijft de zaak Meslib, een bedrijf dat gespecialiseerd is in het bewerken van zuiveringsslib tot organische meststof. Meslib zet daarvan honderdduizenden tonnen af in binnen- en buitenland.

Door verscherping van de milieunormen voor slib dreigde Meslib in problemen te komen. Op verzoek van het bedrijf paste een laboratorium het zinkgehalte in een analyse aan, waardoor het mogelijk werd het vervuilde slib als mest af te zetten. Justitie deed een groot, complex en langdurig onderzoek.

Dat verliep moeizaam, omdat onduidelijkheden in de wet- en regelgeving de bewijsvoering vrijwel onmogelijk maken. Met Meslib is een schikking aangegaan, het lab bleef buiten schot.

Curieus is het dossier van het afvalbedrijf dat door Van den Anker Geuro is gedoopt. Deze onderneming levert al jaren slag met de overheid over stank- en geluidsoverlast. Om de klachten van gemeente en omwonenden te weerleggen, zijn stapels rapporten gemaakt, meestal door externe adviseurs.

Tijdens het juridisch onderzoek bleek dat de interne rapportages een veel negatiever beeld gaven dan de analyses die extern werden gebruikt. Verschillende laboratoria en adviesbureaus zijn Geuro behulpzaam geweest bij het 'aanpassen' van testen. Ze maakten zich schuldig aan delicten.

Tegenover de buitenwereld gedroegen ze zich als onafhankelijken. Ze belegden en notuleerden openbare hoorzittingen en traden zelfs op als getuige-deskundigen. Tegen deze adviseurs is nooit vervolging ingesteld, de zaak van het Openbaar Ministerie tegen Geuro eindigde met een forse schikking.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden