Franse politiek is vloeibaar geworden

In de jaren tachtig stemde hij als student nog vol overtuiging links, op president François Mitterrand. ‘Die heeft ons flink teleurgesteld’, blikt onderwijzer Egidio de Falcis, een Fransman van Italiaanse afkomst, terug....

Op 22 april zal hij ‘toch wel weer’ links stemmen, op de socialiste Ségolène Royal, maar die keuze is met twijfel doorspekt. ‘Het is een gok of zij echt dingen wil veranderen. Ik hoor geen coherent verhaal van haar. Ik voel me gefrustreerd.’

Dat gevoel van frustratie deelt de onderwijzer met linkse én rechtse landgenoten. Dit komt onder meer naar voren uit onderzoek naar kiezersgedrag dat dieper gaat dan de oppervlakkige peilingen waarmee politici en kiezers momenteel worden gek gemaakt. De ‘politieke barometer’ van het instituut Cevipof, waarvoor vijfduizend Fransen zijn ondervraagd, toont een ‘vertrouwenscrisis’ tussen burger en politiek. Maar liefst 61 procent van de Fransen zegt links noch rechts te vertrouwen om het land te regeren.

‘Dat gebrek aan vertrouwen raakt het hart van het politieke systeem. Dat is sinds 1958 gebaseerd op een meerderheidsstelsel dat de bipolarisatie (de strijd tussen links en rechts, red.) bevordert’, schrijft de gerenommeerde opiniepeiler Jérôme Jaffré.

Volgens hem plaatst een kwart van de kiezers zich ‘geheel buiten’ dit systeem door niet alleen links en rechts het vertrouwen te ontzeggen, maar ook nog eens te weigeren zichzelf op een links-rechts-schaal in te delen. Nog eens 38 procent kwalificeert Jaffré als ‘wantrouwend’; zij laten zichzelf nog wel indelen, maar in links noch rechts hebben ze nog fiducie. Dat bijna de helft van de kiezers zwevend is op minder dan drie weken van de eerste ronde van de verkiezingen, completeert dit beeld.

Hoe gaan de voornaamste presidentskandidaten om met dit wantrouwen? De centrumrechtse politicus François Bayrou heeft zich opgeworpen als de vertolker ervan. Hij ventileert overal zijn afkeer van ‘het systeem’, dat afwisselend links en rechts aan de macht brengt. De ‘president van het volk’, zoals hij zich noemt, wil af van die eeuwige strijd en scoort daarmee goed onder vooral hoog opgeleide, linkse kiezers. In de peilingen stagneert hij de laatste weken echter – hij volgt op enige afstand van de favorieten, Ségolène Royal en Nicolas Sarkozy.

De laatste speelt in op de onvrede door zich te richten tot wat hij ‘het getergde Frankrijk’ noemt. Die term omvat ‘rechtse stemmers die zich zo vaak bedrogen hebben gevoeld’, maar ook linkse kiezers, vooral uit ‘de meest volkse lagen, die genoeg hebben van een leven zonder vooruitzichten’.

Dat Sarkozy onder traditioneel linkse kiezers een snaar raakt, bevestigt het Cevipof-onderzoek. Vooral laag opgeleide vrouwen met weinig interesse voor politiek vallen massaal voor hem. In de volksmond is Sarkozy synoniem geworden met hard optreden tegen zowel relschoppende banlieuejongeren als immigranten.

Die autoritaire kant ontbeert Ségolène Royal in de ogen van nogal wat kiezers. De socialiste wil de kloof tussen burger en politiek overbruggen door luisteren tot haar handelsmerk te maken. Haar vondst is de ‘participatieve democratie’, waarbij kiezers tijdens debatten hun grieven uiten. Zij werpt zich vervolgens op als de vertolkster daarvan.

Die methode heeft haar de reputatie opgeleverd ‘dichtbij de problemen van mensen’ te staan. Vooral jongeren blijken van haar gecharmeerd te zijn. Maar Royals aanpak heeft nog niet tot een samenhangende visie geleid, luidt de breed gedeelde kritiek. Bovendien betwijfelen nogal wat kiezers, of Royal wel ‘de statuur’ van een president heeft. Dat veronderstelde gebrek verklaart mede de aantrekkingskracht van Bayrou, die deze status wel zou hebben.

De onbetwiste kampioen van het protest tegen ‘het systeem’ is en blijft Jean-Marie Le Pen, de leider van extreemrechts – 78 jaar oud inmiddels, maar nog altijd van de partij. Hij voorspelt dat hij na 2002 opnieuw in de tweede ronde komt, omdat de kiezers zullen inzien dat ‘het origineel beter is dan de kopie’, een sneer naar Sarkozy’s pogingen zijn kiezers af te pakken met thema’s als veiligheid, nationale identiteit en immigratie. Niet ten onrechte constateert Le Pen dat de andere kandidaten zijn kant op zijn gekomen.

Het enthousiasme voor Bayrou noemt hij een hype, die op de verkiezingsdag zal zijn weggeëbd. Niemand durft te beweren dat hij ongelijk heeft. Een enquête onder 21 duizend Fransen geeft Le Pen 18 procent, meer dan vijf jaar terug.

De Fransen schokten in 2002 het politieke establishment voor het eerst door Le Pen boven de socialist Jospin te plaatsen.

In 2005 volgde een tweede waarschuwing, toen het establishment ‘ja’, maar het volk ‘nee’ zei tegen de Europese Grondwet. Die uitslag werd uitgelegd als een terechtwijzing van de elites door het volk.

Inmiddels zijn die elites zélf in de buurt van de proteststem gekomen, nu zij links én rechts hun vertrouwen ontzeggen: elites die het volk volgen, in plaats van omgekeerd. Dan zijn er de kinderen van immigranten, zo’n 100 duizend in getal, die op Le Pen zeggen te stemmen. En het verschijnsel dat de minderheid van de kiezers die ‘het systeem’ nog vertrouwt. Het zijn drie ontregelende constateringen die tonen dat voorheen vaste verbanden vloeibaar zijn geworden. Op 22 april zal zich een tijdelijke stolling voordoen.

Onderwijzer Egidio de Falcis ziet het bezorgd tegemoet. Zijn landgenoten zullen massaal stemmen, want de belangstelling is groot, merkt hij om zich heen. Maar op wie? ‘Jonge immigranten die Le Pen stemmen, de verwarring is compleet’, zegt hij. ‘Ik denk dat ik me maar met het verenigingsleven ga bezighouden. Want van de politiek verwacht ik niet veel meer.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden