InterviewFrans Vera

Frans Vera kan niet langer zwijgen over ‘zijn’ Oostvaardersplassen: ‘Schande dat de politiek is gezwicht’

‘Als de bedreigingen weer beginnen, dan is dat maar zo. De provincie en Staatsbosbeheer lappen de natuurwetgeving aan hun laars. Dat mogen we niet laten gebeuren.’Beeld Jiri Büller

Na ernstige bedreigingen trok Frans Vera zich terug uit het debat over ‘zijn’ Oostvaardersplassen. Nu het beleid radicaal is omgegooid, kan hij niet langer zwijgen. ‘Hoezo massale sterfte? Dat is totale framing door activisten. En de politiek gaat erin mee.’

Als de bedreigingen ter sprake komen, valt Frans Vera stil. Van achter zijn grijze bril, omringd door dito baard en haar, kijkt de ecoloog met vochtige ogen naar een vel papier. Nee, de digitale drek die hij als geestelijk vader van de Oostvaardersplassen regelmatig over zich krijgt uitgestort, de berichten waarin hem de hongerdood wordt toegewenst, die raken hem niet meer. Het is alleen die ene ‘vileine’, anonieme brief die ruim een jaar geleden werd bezorgd, die hem nog altijd uit balans brengt. Niet hij werd ditmaal met de dood bedreigd, maar zijn kleinkinderen zou iets vreselijks worden aangedaan.

Na de brief besloot Vera zich terug te trekken uit het publieke debat over het omstreden natuurgebied, dat hem zo aan het hart gaat. ‘Dat werkt dus, als je kleinkinderen worden bedreigd’, zegt hij aan zijn keukentafel, waar hij voor het eerst uitgebreid zijn verhaal doet over het afgelopen jaar. De periode waarin ‘zijn’ Oostvaardersplassen onder druk van tegenstanders radicaal werden omgevormd om (vermeend) dierenleed te voorkomen. Nieuw beleid van de provincie Flevoland, waarover de voorzieningenrechter in Lelystad komende week oordeelt of het ingevoerd had mogen worden.

‘Zoveel houd je van ze’, zegt Vera over die ene bedreiging, ‘dat je dan je mond houdt. Maar het is schandalig dat de provincie is gezwicht voor de druk van diezelfde activisten.’

Details uit de brief over zijn kleinkinderen wil hij niet in de krant hebben. Maar de bedreiging is helder: Vera moet publiekelijk afstand nemen van al zijn eerdere opvattingen over de Oostvaardersplassen en moet per direct zijn invloed aanwenden om het bestaan van de grote grazers in het gebied te verbeteren, want anders…

Ruim veertig jaar geleden, hij was net afgestudeerd, legde Frans Vera (70) in een geruchtmakende publicatie in het blad Natuur & Milieu de basis voor het beleid dat tot voor kort gold in de Oostvaardersplassen. Het unieke moeras dat is ontstaan na ontpoldering, op de plek waar een industrieterrein had moeten verrijzen, verdiende volgens hem bescherming. Hij pleitte voor een project waarbij natuurlijke processen leidend zijn en niet het door mensenhanden geboetseerde cultuurlandschap, zoals toen gangbaar was in Nederland. Niet te doen, zeiden tegenstanders: zonder ingrijpen is een moeras niet open te houden.

Wat kon u daartegenover zetten?

‘De algemene tendens was dat je een moeras niet aan zichzelf kon overlaten, omdat het anders bos zou worden. Om het open te houden, zou het dus maaien worden, zoals in de Weerribben-Wieden, wat de Oostvaardersplassen onbetaalbaar zou maken. Daar ging ik tegenin met het vernieuwende idee dat ganzen dit maaiwerk konden overnemen. Maar daarvoor is ook kort grasland nodig, om ze aan het gebied te binden.’

Hoe kreeg u het idee er toch doorheen?

‘Het gebied had geen enkele beschermde status en ik wilde voorkomen dat we het zo weer kwijt zouden zijn. Ik bleek niet alleen te staan. Een jaar na de publicatie – ik was inmiddels ambtenaar bij Staatsbosbeheer – mocht ik met mijn ideeën komen opdraven in de directievergadering. Een snotneus was ik, keurig in pak. Tot mijn stomme verbazing koos de directeur mijn kant.’

Ook in politiek Den Haag bleek steun voor het behouden van het natuurgebied ten koste van een industrieterrein. De weerstand bleef desondanks groot, vooral uit de hoek van de landbouw, die niet wilde dat zoveel vruchtbare grond naar de natuur zou gaan. Maar Vera en andere voorvechters kregen het in de jaren erna zelfs voor elkaar dat het spoortracé van Almere naar Lelystad anders werd aangelegd om ruimte te maken voor hun natuurproject van 6.000 hectare: de Oostvaardersplassen.

Vera’s idee is een getrapt systeem. Grote grazers – aanvankelijk alleen heckrunderen en later ook edelherten en konikpaarden – houden een nat en droog grasdeel open om daarmee foeragerende ganzen aan te trekken. Die zorgen er ook voor dat het grotere moerasdeel openblijft, wat een aantrekkingskracht heeft op tientallen beschermde vogelsoorten.

Beeld Volkskrant Infographics

Hij weet het nog goed, die dag in 1983. Eerst was hij op dienstreis geweest met de dierenarts van Burgers’ Zoo en met geld van het ministerie, om hoogstpersoonlijk 32 heckrunderen te kopen in onder meer Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. En nu zag hij die machtige beesten het gebied inlopen, met al die wildheid nog in hun genen. Dit was de natuur in optima forma. Dit ging werken, Vera wist het zeker.

Een jaar later volgden achttien konikpaarden en begin jaren negentig veertig edelherten. Door zo min mogelijk menselijk ingrijpen bepaalt het gebied de eigen draagkracht. In tijden van overvloed groeit het aantal grote grazers. Later wordt dat gecorrigeerd door voedselschaarste, waardoor sterfte optreedt. Natuurlijke selectie door het recht van de sterkste dus – net de natuur.

Internationaal kijken ecologen met bewondering naar het unieke vogelgebied dat ontstaat in de Oostvaardersplassen. Kritiek van dierenliefhebbers is er vanaf het begin, maar zwelt aan met de intrede van sociale media. Hoezo wilde natuur? Het gebied is immers door mensen ontworpen en er staat een hek omheen, luidt de belangrijkste kritiek de laatste jaren steeds luider.

Dat het hek een probleem zou zijn, noemen ecologen als hoogleraar Han Olff (Rijksuniversiteit Groningen) onzin. Elk wildgebied kent immers grenzen. Als niet door een hek, dan wel door een weg of water. Met andere woorden: als je de redenering van de critici volgt, zouden wildgebieden op eilanden ook verboden moeten worden.

Twee internationale commissies met ecologen concluderen in 2006 en 2010 dat het beleid in het gebied geoorloofd is. Ook de rechter komt in 2006 tot dat oordeel en bestempelt de grazers in een uitspraak in hoger beroep als wilde dieren – en niet als gehouden beesten, wat een zorgplicht met zich meebrengt. Om tegenstanders tegemoet te komen wordt wel het zogenoemd ‘vroeg reactief beheer’ ingevoerd. Dit houdt in dat dieren waarvan duidelijk is dat ze het volgende voorjaar niet gaan halen, worden afgeschoten voordat ze een hongerdood sterven.

‘Dit gebeurt bij ruim 90 procent van de verzwakte dieren’, zegt Vera. ‘Hoezo massale sterfte en onnodig lijden door verhongering? Dat is totale framing van dierenactivisten, die door veel media nog steeds klakkeloos wordt overgenomen.’

Beeld Hollandse Hoogte / Olivier Midde

In 2013 is het gebied al nadrukkelijk onder de aandacht van het grote publiek gekomen. Het is het jaar dat de bioscoopfilm De Nieuwe Wildernis in première gaat. De natuurdocumentaire toont op het witte doek aan bijna 700 duizend bezoekers – en later op televisie – hoe grote grazers leven en sterven in de Oostvaardersplassen. Het leidt tot veel waardering en enige verontwaardiging. Het is ook het begin van de onlinebedreigingen en -beschimpingen aan het adres van Vera. Zoals de bewerkte afbeelding van hem waarop hij met een dood edelhert en Staatsbosbeheer-tenue de Hitlergroet maakt, begeleid door een tekst in bebloede letters: ‘Mein Kamp door Franz Vera’ (met een z). Te bestellen als poster.

Het duurt tot de strenge winter van 2017-2018, waarin ruim drieduizend grazers doodgaan, voor de grote ommezwaai komt in het Europees beschermde Natura 2000-gebied. Tijdens demonstraties worden rouwstoeten en minuten stilte georganiseerd voor de dode grazers. Dierenliefhebbers die de vermagerde beesten in de winter niet kunnen aanzien, worden in hun acties steeds radicaler. Er wordt illegaal bijgevoerd, hekken worden opengeknipt waardoor dieren op de A6 belanden en boswachters worden net als Vera met de dood bedreigd.

Hoe keek u naar die demonstraties?

‘Ik vond het hypocriet. Boerinnen die kruizen neerzetten voor gestorven dieren, terwijl ze zonder enig probleem driekwart van hun kalveren naar de mesterij of het slachthuis brengen. Ik ben niet tegen de landbouw, begrijp me goed, maar natuur en gehouden dieren zijn twee verschillende discussies. Een uitnodiging om mijn verhaal te vertellen bij een demonstratie sloeg ik af, omdat me duidelijk was dat ze me toch niet gingen laten uitpraten.’

Onder druk van de demonstranten gaat de provincie Flevoland om. Na een rapport van een commissie onder leiding van oud-staatssecretaris Pieter van Geel stemmen de Provinciale Staten in de zomer van 2018 in grote lijnen in met de adviezen van de onderzoekers. Die schrijven voor dat uitvoerder Staatsbosbeheer vanaf het eind van dat jaar het aantal grote grazers drastisch zal terugbrengen en jaarlijks op een laag peil houden om grote sterfte en overbegrazing te voorkomen.

U sprak ook met de commissie-Van Geel. Wat hebben zij met uw adviezen gedaan?

‘Niets, maar dat was ook niet te verwachten. Uit de werkopdracht voor Van Geel bleek duidelijk dat de provincie een andere kant op wilde met het beleid en het advies was daarmee in lijn. Maar het saillante was: die ene dreigbrief over mijn kleinkinderen heb ik voorgelezen aan de secretaris van de commissie. Ik vind het schandalig dat daarover met geen woord is gerept. Met de aangiftes vanwege de bedreigingen aan mijn adres heeft de politie ook nooit iets gedaan. Zogenaamd omdat Twitter en Facebook niet wilden meewerken.’

Beeld Jiri Büller

Officieel is de wending in de Oostvaardersplassen volgens de provinciebestuurders nodig omdat de natuurdoelen – het in stand houden van een leefgebied voor 31 beschermde vogelsoorten – niet worden gehaald. Ze krijgen steun van een aantal ecologen, zoals hoogleraar Frank Berendse (Wageningen Universiteit). Maar bij de provincie maken ze er ook geen geheim van dat ze genoeg hebben van de toenemende onrust door activisten langs de hekken. Vermagerde dieren moeten tot het verleden gaan behoren.

‘De omvangrijke sterfte kan worden gezien als een correctie door de natuur, maar daarvoor bestaat in Nederland geen breed maatschappelijk draagvlak’ – het is een zin uit het rapport-Van Geel waar het provinciebestuur blij mee is. En dus zullen edelherten voortaan worden afgeschoten om tot een maximum te komen en wordt het teveel aan konikpaarden verplaatst naar andere gebieden – het aantal heckrunderen is dan al op niveau.

‘Hoezo, geen breed maatschappelijk draagvlak?’, vraagt Vera zich af. ‘Dat zegt de commissie-Van Geel wel, maar uit hun rapport blijkt dat ze daar helemaal geen onderzoek naar hebben gedaan.’ Neem de film De Nieuwe Wildernis. ‘700 duizend bezoekers zonder een onvertogen woord’, zegt Vera. ‘Dan komt een klein groepje in actie en gaat mensen bedreigen die de film willen vertonen, zoals in Harderwijk is gebeurd. Dan kun je toch niet zeggen dat er geen maatschappelijk draagvlak is?’

Sinds het besluit van de provincie om het oude beleid overboord te gooien, laat Vera geen kans onbenut om online zijn ongenoegen te uiten. ‘Het nepnieuws over de Oostvaardersplassen wordt met de dag doller’, reageert hij op een nieuwsbericht.

U werd afgeschilderd als een emotionele man, die te veel betrokken zou zijn bij het gebied en niet meer waardevrij kon oordelen.

‘Ja, dat zijn de trucs. Tot in de rechtszaal werd mijn wetenschappelijke integriteit in twijfel getrokken. Ze bestrijden de persoon. Want wee degene die een andere orde bepleit.’

Vera laat zich er niet door tegenhouden. Tot hij dus in maart 2018 de dreigbrief over zijn kleinkinderen ontvangt. Het valt hem zwaar, maar hij besluit er voorlopig het zwijgen toe te doen.

Was dat ook een opluchting voor uw omgeving?

‘Wat kan ik zeggen? Ze steunden me. De brief had vooral een enorme impact op ons gezin.’

Tot zijn opluchting blijkt Vera de nodige medestanders te hebben in zijn kritiek op het nieuwe beleid. Boswachters laten zich overplaatsen, omdat ze geen gezonde dieren willen afschieten. Kleinere natuurclubs als Dierbaar Flevoland en Fauna4Life stappen naar de voorzieningenrechter om het schieten te voorkomen. Tevergeefs. In een spoeduitspraak oordeelt de rechter eind 2018 dat Staatsbosbeheer mag beginnen met het afschot van zo’n 1.800 edelherten.

Hij is verbijsterd over het gemak waarmee de voorzieningenrechter meegaat in wat hij ‘de leugens van de provincie’ noemt. Vera begint in stilte te werken aan een ecologische onderbouwing voor de procederende natuurclubs. Hij zal pas stoppen als hij 228 pagina’s heeft gevuld met Europese jurisprudentie, sterftecijfers van grote grazers, beschrijvingen van natuurlijke processen, vogelaantallen en detailkaarten van het gebied.

De centrale boodschap: wat de provincie sinds 2018 in het Natura 2000-gebied doet, mag helemaal niet op basis van de Europese Habitatrichtlijn. Ook de argumentatie over de teruggang van het aantal soorten in het vogelgebied deugt volgens hem van geen kanten.

Tijdens zijn uitzoekwerk laat Vera zich af en toe toch verleiden tot het plaatsen van een bericht op sociale media. ‘Weer verspreidt Pieter Hotse Smit in de Volkskrant foute informatie over de Oostvaardersplassen’, schrijft hij op Twitter na artikelen over het nieuwe beleid. En na een verhaal in de Volkskrant over de populariteit van het daar geschoten hertenvlees: ‘Dit is dan kennelijk het summum van nieuwsgaring over de Oostvaardersplassen. Wat een dieptepunt. Journalistiek bestaat klaarblijkelijk niet meer.’

Zijn grootste bezwaar: journalisten houden zich bezig met futiliteiten en gaan niet na of het eigenlijk wel mag, wat de provincie Flevoland Staatsbosbeheer laat doen in het Europees beschermde natuurgebied. En dus gaat hij zich er weer tegenaan bemoeien. ‘Ik dacht op een gegeven moment: ik laat me toch de mond niet snoeren.’

Al die moeite voor het beleid in een natuurgebied. En ten koste van wat?

‘Mijn dochter zei op een gegeven moment tegen me: ga voor je geluk, niet altijd voor het gelijk. Dat is voor mij belangrijk geweest. Maar ik wil me ook niet zomaar opzij laten zetten. Zeker niet op basis van leugens, want dat was gewoon zo. Aan de andere kant: oké, dan gaan de Oostvaardersplassen maar naar de klote. Het is de hele wereld niet.’

Toch gaat u door.

‘Er zijn twee dingen die in mijn ambtelijke leven een rode draad zijn geweest: ik kan niet tegen lafheid en niet tegen onrecht. Beide zijn hier aan de orde. De lafheid van Staatsbosbeheer, dat kritiekloos uitvoert wat wordt opgedragen en onder druk – tegen de adviezen in – de dieren bijvoert. En het onrecht dat er een bijzonder natuurgebied wordt verkwanseld door datzelfde Staatsbosbeheer, het Rijk en de provincie.

‘Alleen maar omdat het de wens is van manegehouders, boeren, jagers en mensen die hun kat zo dik voeren dat de buik over de grond sleept. Waarom mogen wilde paarden niet in kuddes naar hun eigen natuur leven? Met gezonde, natuurlijke sociale verhoudingen, die inderdaad ook gepaard gaan met vermagering en uiteindelijk soms de dood. Maar hoe erg is dat? Dit hoort bij die dieren. Ze zijn erop ingesteld om in de winter hun vetvoorraad aan te spreken.

‘Nee, dan hoe dieren leven op de manege, kluivend op de houten deur van hun hok, en als de baas het behaagt gaat die er bovenop zitten. Of denk aan boeren die uitgemolken koeien na nog geen 6 jaar naar de slacht brengen, terwijl ze gemakkelijk 20 jaar kunnen worden. Mogen deze types in Nederland tegen alle regel- en wetgeving in nu het natuurbeheer uitmaken? Zo werkt Nederland toch niet als rechtsstaat?’

Beeld Arie Kievit / de Volkskrant

Vorig jaar kreeg Vera gelijk. De rechter plaatste zijn 228 pagina’s boven de onderbouwing van het nieuwe provinciebeleid – het rapport-Van Geel en aanvullend onderzoek door ingenieursbureau Sweco. De gerechtelijke uitspraak uit 2018, waarin werd gesteld dat het schieten van herten wel is geoorloofd, is daarmee vernietigd. ‘Het rapport van Frans Vera was er toen nog niet en in de spoedprocedure is destijds uitgegaan van de onderbouwingen door de provincie’, schrijft de rechtbank.

Wat deed die overwinning met u, nadat u zo was bedreigd en een jaar lang een rapport had zitten schrijven op een bovenkamer?

‘Vooral mijn rechtsgevoel werd daarmee hersteld. Dat had een enorme knauw gekregen na de eerdere zaken, waar de rechters niet vatbaar leken voor inhoudelijke argumenten. Het voelde als gerechtigheid toen dit wel gebeurde.’

De vernietigde opdracht tot afschot van edelherten liep tot 1 januari 2020. Voor de komende vier jaar lag al een nieuwe schietontheffing klaar. Om te voorkomen dat de rechter ook deze vernietigt op basis van het rapport-Vera, heeft de provincie inmiddels aanvullend onderzoek laten doen door een groep ecologen, onder meer de al langer kritische Frank Berendse, bleek maandag bij de voorzieningenrechter. Volgende week zal uit het vonnis blijken of het schieten al dan niet kan worden hervat.

Bent u niet bang dat de bedreigingen opnieuw beginnen nu u tornt aan het nieuwe beleid, waartegen amper verzet is?

‘Die kans zit erin. Dat is dan maar zo. Natuurlijk kan ik mijn mond houden, maar het is grensoverschrijdend hoe de provincie en Staatsbosbeheer de natuurwetgeving aan hun laars lappen. Het kan een precedentwerking krijgen als we dit met zijn allen laten gebeuren.’

Met zijn 228 pagina’s wil Vera aantonen dat de provincie niet alleen vanwege het afschot, maar ook met andere aanpassingen in het gebied – zoals het verkleinen van het graasgebied en het drastisch verlagen van het aantal andere grazers – in strijd handelt met Europese wetgeving. ‘Als je in het Natura 2000-gebied iets wilt doen wat niet in het beheerplan staat, zoals in de Oostvaardersplassen het afschieten van edelherten, dan is daarvoor een passende beoordeling nodig. Dat luistert heel nauw. In de Europese Habitatrichtlijn staat dat uit die beoordeling moet blijken dat het boven elke wetenschappelijke twijfel verheven is dat een nieuw project in of om het gebied geen negatieve gevolgen heeft voor de oorspronkelijke doelen en de natuurlijke kenmerken van het gebied. Die zekerheid is er niet. Integendeel.’

De Oostvaardersplassen zijn daarmee verworden tot strijdtoneel voor de clash der ecologen. Collega’s van Vera beweren in hun rapport in opdracht van de provincie dat juist overbegrazing ervoor heeft gezorgd dat de vogelstand in het moeras onder druk staat. Vera legt de schuld vooral bij de ecologen van Staatsbosbeheer, die niet doen wat jaren geleden is afgesproken. Zo is het moeras nooit drooggelegd, wat volgens het Natura 2000-beheerplan uit 2015 wel had gemoeten. ‘Laten ze dat eerst naar de letter uitvoeren voordat ze het beleid radicaal omgooien.’

Wie neemt u het meest kwalijk?

‘De grote natuurclubs laten het helemaal afweten. Het moet allemaal komen van kleinere clubjes, zoals Dierbaar Flevoland en Fauna4Life. Wat heeft de Vogelbescherming gedaan? Het Wereld Natuur Fonds, Natuurmonumenten? Niets. Of het nou stikstof is of de Oostvaardersplassen, de grote natuurorganisaties kijken wel uit hun nek uit te steken.

‘Staatsbosbeheer is een uitvoerende organisatie voor de overheid, maar ook huisvader van de natuur. De directeur had tegen de provincie moeten zeggen: ‘Wat jullie hier willen, kan helemaal niet. Dat afschieten gaan wij ook helemaal niet doen.’ Maar de directeur van Staatsbosbeheer staat kennelijk niet voor de natuur door dat wel te doen. Hij lijkt ook gewoon geen gelazer meer aan het hek te willen.’

Ook minister van Landbouw en Natuur Carola Schouten laat het volgens hem allemaal gebeuren, terwijl het internationale Natura 2000-gebied uiteindelijk haar verantwoordelijkheid is. Bij het ministerie wordt dit bestreden. ‘De provincies zijn bevoegd gezag voor Natura 2000-gebieden.’

Vera stelt dat een lidstaat eindverantwoordelijk blijft voor wat er gebeurt in internationale gebieden en concludeert dat een beschermd natuurgebied bij de provincie niet in veilige handen is. ‘Bij een van de zittingen tussen provincie en natuurbeschermers werd – tegen de Europese wetgeving in – gesuggereerd dat het niet erg was als de zeearend als broedvogel zou verdwijnen uit de Oostvaardersplassen’, zegt hij. ‘Toen was de Vogelbescherming daar niet om dat te weerspreken. Die vond het kennelijk prima.’

De zeearend. Als er een aanjager is van Vera’s natuurliefde, dan is het deze imposante rover. De terugkeer als broedvogel zou de kroon op het werk in de Oostvaardersplassen zijn, zei Vera al vanaf het begin. De ‘vliegende deur’, waaraan hij als jonge vogelaar verknocht raakte door de plaatjesboeken van Verkade. En waarvoor hij in de jaren zestig vanuit Amsterdam op zijn fietsje het hele eind naar de Hoge Veluwe fietste. Want de zeearend kwam wel af en toe in Nederland, maar uit geschriften zou blijken dat de roofvogel hier in de Middeleeuwen voor het laatst had gebroed.

Tot 2006, toen een zeearend op Nederlandse bodem een ei uitbroedde, in een nest van twee meter diep. In Vera’s Oostvaardersplassen. ‘En weet je wat opvallend is?’, zegt hij nu. ‘Vorig jaar, het jaar van het nieuwe beleid – met al die drukte om tot in het broedseizoen van de zeearend edelherten te schieten en verzamelen voor de poelier – was er voor het eerst sinds 2006 geen broedend paartje zeearenden in de Oostvaardersplassen.’

Reacties op Frans Vera

Staatsbosbeheer is het ‘niet eens’ met het rapport dat Frans Vera onlangs heeft geschreven. ‘De feiten spreken voor zich: er is geen parkachtig landschap ontstaan, zoals door Frans Vera werd voorspeld, omdat het ecosysteem qua begrazing niet compleet is én de soortenrijkdom in het gebied neemt af.’ In de rechtszaal zei Vera maandag dat een parkachtig landschap nooit als doel is gesteld in de vastgestelde plannen voor de Oostvaardersplassen.

De Gedeputeerde Staten van de provincie Flevoland houden zich aan het rapport van Van Geel, dat door de meerderheid van de Provinciale Staten is vastgesteld. Over juridische zaken doen ze geen uitspraak, omdat er nog een procedure loopt.

De Vogelbescherming herkent zich ‘absoluut niet’ in het beeld van Frans Vera. ‘De enige reden dat de Oostvaardersplassen een belangrijk natuurgebied is, is vanwege het grote belang van het gebied voor vogels, maar niet voor de grote grazers die er zijn uitgezet vanwege het beheer.’ Vera wijst op de internationale commissie die de grazers in 2010 wel als integraal onderdeel van het systeem bestempelde.

Oostvaardersplassen terug bij af: rechter verbiedt alsnog afschieten edelherten
De discussie over de Oostvaardersplassen kan weer van voor af aan beginnen. Het afschieten van gezonde edelherten, waar Staatsbosbeheer in opdracht van de provincie Flevoland vorig jaar december mee begon om (grootschalige) natuurlijke sterfte van de dieren te voorkomen, is onvoldoende onderbouwd.

Boswachters weg om nieuw beleid Oostvaardersplassen
Twee van de vier vaste boswachters van de Oostvaardersplassen hebben zich laten overplaatsen, omdat zij ethische bezwaren hebben tegen het afschieten van gezonde dieren in het natuurgebied.

Poelier blij met edelherten Oostvaardersplassen
Schipholganzen en edelherten uit de Oostvaardersplassen: poeliersbedrijf Pieter van Meel verwerkt naast ‘regulier’ wild en gevogelte ook afgeschoten edelherten uit de Oostvaardersplassen.  ‘Wild is te lekker.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden