FRANKRIJK VERSUS AMERIKA

'DE Verenigde Staten kunnen Frankrijk niet uitstaan vanwege haar pretenties. En wij kunnen de Verenigde Staten niet uitstaan vanwege hun hegemonisme.'..

Aldus president Chirac tegenover de Parijse correspondent van Time. De Frans-Amerikaanse relatie is beroerd en zit al sinds mensenheugenis - het begin ligt ergens in de Tweede Wereldoorlog - de westerse samenwerking in de weg.

Chirac geeft de wederzijdse gevoelens treffend weer: de Frans-Amerikaanse onmin is al lang ontsnapt aan het banale niveau van politieke geschillen en strijdige belangen. Het is een manier geworden van hoe de wereld te beleven en - aan Franse kant - een middel tot zelfidentificatie, een ideologie die een eigen leven is gaan leiden en zelf tot motor van de conflicten is geworden.

Als gevolg is het nu al tientallen jaren zo dat Amerika, Engeland en Duitsland in de regel vrij gemakkelijk op één lijn komen en Frankrijk de dwarsligger is. Sinds generaal De Gaulle in 1958 de strijd aanbond tegen 'de Angelsaksische overheersing van Europa' (uitmondend in de weigering Engeland tot de EEG toe te laten, plus het vertrek uit de militaire NAVO-structuur), heeft Parijs weinig kansen voorbij laten gaan van Quebec tot Afrika en het Midden-Oosten de Amerikanen de voet dwars te zetten.

De Franse lijn in Europa liep daaraan parallel. Dáár ligt ook de grondoorzaak van het feit dat het met de politiek-militaire samenwerking in Europa niet wil lukken. Engeland in alle openlijkheid en Duitsland meer omfloerst (omdat het zeker tot de hereniging de Franse rugdekking niet kon missen) zien niets in een Europa dat zich op de grondslag van het anti-Amerikanisme aaneensluit.

Zij willen verdere samenwerking met Amerika, dat een garantie blijft voor de Europese stabiliteit, en koersen vanuit dat vertrekpunt op een nieuwe taakverdeling tussen de VS en Europa. Als obstakel op de weg naar zo'n nieuwe taakverdeling doemt echter meteen weer het ingevreten Frans-Amerikaanse ongenoegen op.

Kan die cirkel doorbroken worden? Wellicht komt hierin nu duidelijkheid. Op de agenda staan namelijk drie in het oog springende gebeurtenissen.

Vandaag praat president Chirac in Washington met Clinton over de Frans-Amerikaanse betrekkingen. Een punt daarbij is de stand van zaken op de Kosovo-conferentie waar morgen de NAVO-deadline voor het bereiken van een voorlopig vredesakkoord afloopt. Deze conferentie wordt in Rambouillet bij Parijs gehouden en Franrijk en Chirac hebben veel prestige in het succes ervan geïnvesteerd. Voltrekt zich in Rambouillet het wonder, dan is dat de opmaat naar een glorieuze viering eind april van het 50-jarig bestaan van de NAVO waarbij tevens de Nieuwe NAVO wordt gelanceerd.

Kernstuk van deze 'NAVO voor de 21ste Eeuw' is een nieuwe strategische doctrine die de NAVO ombouwt tot een alliantie van Amerika met een Europa dat een 'eigen identiteit' opbouwt en bij machte is in en rond Europa zelf stabiliserend op te treden, met Amerikaanse steun op afstand.

Over de nieuwe doctrine, en de herverdeling van de militaire posten, is nog steeds geen overeenstemming bereikt. Opnieuw is de Frans-Amerikaanse tegenstelling struikelblok. De grote vraag is of Chirac en Clinton de patstelling doorbreken. Doorslaggevend is of zij inzake Kosovo tot een gezamenlijk standpunt kunnen komen, vooral voor het geval in Rambouillet het wonder uitblijft.

Meer in het algemeen zijn er factoren die wijzen in de richting van een mogelijk compromis. Ook de Amerikanen zijn ongelukkig met de paradoxale situatie dat zij door hun overwinning in de Koude Oorlog (die het einde van de bipolaire wereldstructuur betekende) opgescheept zitten met de problemen van de hele aardbol.

In ieder geval dringen zij er voortdurend op aan dat Europa meer verantwoordelijkheid op zich neemt en gingen zij er verrassend gemakkellijk mee akkoord dat Engeland en Frankrijk in Kosovo het voortouw namen. Clinton heeft er zelfs mee ingestemd dat in Kosovo Amerikaanse troepen onder Europese generaals zullen dienen.

Aan Franse kant is het beeld minder duidelijk. Aan de ene kant is de Franse diplomatie afgestapt van het rauwe anti-Amerikanisme, wat te danken is aan de huidige minister van Buitenlandse Zaken Hubert Védrine. Aan de andere kant is het nog maar kort geleden dat Védrine in een interview over de verhouding tot Amerika (Libération 24 november) zei dat Frankrijk in staat moet blijven 'meerderheden ad hoc of blokkerende minderheden bijeen te brengen'. De term 'blokkerende minderheden' werd elders onmiddellijk gelezen als 'sabotage'.

Is Frankrijk wel sterk genoeg voor de politiek die het voert? Diplomatiek hoort het tot de verliezers van de Koude Oorlog. Kan Chirac negeren dat voortgezette politieke samenwerking met Duitsland door Schröder en Fischer afhankelijk zal worden gemaakt van een redelijke relatie met Amerika?

Als Chirac en Clinton er niet uitkomen, wordt het hoog tijd voor een Duits-Britse bemiddeling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden