Flow my tears ***

De mens als een dolende krijger bij de Veenfabriek

FLOW MY TEARS, MET O.A. JEROEN WILLEMS EN MARLEEN SCHOLTEN.AMSTERDAM, STADSSCHOUWBURG, 8/2. TOURNEE, VEENFABRIEK.NL. - Dat Jeroen Willems opduikt in een theatervoorstelling die put uit de renaissancemuziek van John Dowland, hoeft niet te verbazen. In zijn eerdere Monteverdiverkenning heeft de acteur immers al laten horen dat een half gecultiveerde stem prima het hart kan pellen uit 17de-eeuwse noten.


De verrassing van Flow my tears, een co-productie van Veenfabriek en Wunderbaum, schuilt dan ook eerder in het onalledaagse milieu waarin Dowlands melancholieke songs de kop op steken. Ze staan op het repertoire van een rondtoerende indianenband, die zich op instrumenten als blokfluit, klavecimbel, contrabas en keyboard bovendien bedreven toont in het jankende Apache van The Shadows en All I Need van Radiohead.


Met lang haar, verentooi en westernbroek hebben de muzikanten zich passend in de kleren gehesen. Hoewel, muzikanten? Je krijgt vooral het idee dat je kijkt naar een stel rare types zoals Joris Linssen ze voor de camera van Showroom haalt, voor de gelegenheid bij elkaar gedreven in de opgeleukte therapieruimte van een gekkenhuis.


Dromers en gekwetsten zijn het, die de wormstekigheid van het leven verbeelden op tekst van Annelies Verbeke. De Vlaamse schrijfster presenteert de mens als een dolende krijger, hunkerend naar een identiteit en worstelend met de liefde, onder het besef dat hij afkoerst op het graf.


De link met John Dowland is zo gezocht nog niet. De beroemdste luitspeler van zijn tijd zwierf jaren door Europa, verbitterd omdat het Engelse hof hem keer op keer afpoeierde. Intussen schreef hij liederen waar de weemoed en treurnis vanaf druipen. Flow, my tears, Weep you no more, In darkness let me dwell: popheld Sting raakte een paar jaar geleden zo onder de indruk, dat hij de bekendste Dowlandhits meenam naar de studio.


Tot de mooie momenten die regisseur Paul Koek smeedt, behoort het Plorate van Giacomo Carissimi, een treurzang die a cappella opklinkt uit brekelijke kelen. Walter van Hauwe, de oude rot, laat fijntjes horen dat hij het smachtende blokfluitspel nog niet is verleerd. En met haar meisjesstem kleurt actrice Marleen Scholten uitstekend bij Jeroen Willems, de wannabe-indiaan die naar believen schakelt tussen dromerige tenor en raspende bas.


Maar ja, die humor van het schooltoneel. De klavecinist krijgt een plakpijl op het voorhoofd geschoten. Het potje linedance gebeurt liggend op de rug. De absurditeit van het leven verlangt iets meer timing en genie.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden