Flinke stijging in aantal meisjes dat voor bèta kiest

Eindelijk lijkt er schot te komen in de groei van het aantal meisjes dat voor een bèta- of techniekopleiding kiest. Vooral vrouwelijke rolmodellen zijn belangrijk.

Lisa Kalse: 'Ik dacht dat ik niet bèta genoeg was' Beeld Marcel van den Bergh

Het aantal meisjes dat kiest voor een technische en exacte onderwijsrichting is de afgelopen 10 jaar sterk gestegen. Dat blijkt uit de Emancipatiemonitor 2014, die vandaag verschijnt. Betrokkenen juichen: de vernieuwde overheidsaanpak van de laatste jaren werpt z'n vruchten af.

Groei

Op de havo groeide het aantal meisjes met het Natuur en Techniekprofiel sinds het schooljaar 2003/2004 van 9 naar 26 procent. Op het vwo steeg het aantal meisjes met een exact profiel van 17 naar 38 procent. Ook het aantal vrouwen dat een exacte hbo-opleiding doet, neemt toe: van 11 procent in 2003/2004 naar 20 procent in 2013/2014.

De Emancipatiemonitor is een tweejaarlijkse studie van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het onderzoek bevat actuele gegevens over de positie van vrouwen en mannen in onder meer onderwijs, arbeid en gezondheid. De publicatie verschijnt voor de achtste keer. 'De stijging van het aantal bètameisjes zet door', aldus SCP-onderzoeker Ans Merens.

(Tekst loopt door onder foto)

Lisa Kalse (19) Eerstejaars informatica aan de Radboud Universiteit Nijmegen

Natuur en Techniek paste op de middelbare school het beste bij mij, ik vond Frans en Latijn maar lastig. Toch dacht ik dat ik niet bèta genoeg was voor een technische studie als informatica. Mijn eindcijfer voor wiskunde was een 5,4 en dat vond ik te mager. Ook schrok ik een beetje van de kleine hoeveelheid meiden in die opleiding. Ik had een stereotype beeld van computernerds en identificeerde me daar niet mee. Daarom koos ik voor Kunstmatige Intelligentie. Maar al snel bleken de programmeervakken juist mijn favoriet. Die hebben de leuke kant van de wiskunde, het puzzelen. Ik maakte toch de overstap naar informatica: dit ligt me beter dan de psychologievakken die ik eerst had. Ik vind het leuk om te zien dat soms voor hetzelfde probleem meerdere oplossingen zijn. Het is dan een sport om een probleem zo efficiënt mogelijk op te lossen. De opleiding wil een apart groepje opzetten voor meisjes in de informatica, maar daar ben ik geen voorstander van. Ik hoef geen speciale behandeling.'

Overheid

Sinds 2004 zet de overheid in op het interesseren van scholieren voor bètatechniek. Er zijn programma's opgezet om deze studierichtingen voor meisjes aantrekkelijker te maken. Dat slaat blijkbaar aan. Toch doet Nederland het in vergelijking met het buitenland nog steeds slecht, zegt Beatrice Boots van het Platform Bèta Techniek.

(Tekst loopt door onder foto)

Evelien Talsma: 'Als je het eenmaal begrijpt hoef je niet nog urenlang te leren' Beeld Freek van den Bergh

Negatief beeld

Volgens het laatste Europees vergelijkend onderzoek was het aandeel vrouwen in de studies natuur-, wiskunde en informatica in Nederland in 2011 met 22 procent het laagste in de EU. Ook in de richting techniek stond Nederland met 18 procent vrouwen onderaan de ranglijst: alleen Luxemburg en Ierland scoorden lager. 'Scholieren hadden geen of een negatief beeld over wat je met een technische studie kan doen', zegt Boots. 'Juist meisjes vinden het belangrijk om te weten: in wat voor omgeving kom ik terecht?'

Volgens Cristien van Dijk van VHTO, Landelijk expertisebureau meisjes/vrouwen en bèta/techniek, is vooral het gebrek aan vrouwelijke rolmodellen een probleem. 'Als we het in Nederland hebben over een bètawetenschapper of techneut, dan denken we aan een man, omdat in onze samenleving de meeste bèta's mannen zijn. Meisjes groeien daardoor op met het idee dat bèta en techniek iets voor jongens is.'

VHTO brengt daarom meisjes op middelbare scholen in contact met vrouwelijke bètastudenten en professionals. En dat werkt twee kanten op. Van Dijk: 'Bedrijven staan te springen om goed opgeleid technisch personeel. Ook voor meisjes zelf is het fijn als zij niet langer door de samenleving worden beperkt in hun keuze. Goed om te zien dat bètatalent steeds beter benut wordt.'

Op universitair niveau is het aantal vrouwen in de studierichtingen natuur en techniek sinds 2007 gestabiliseerd.

Evelien Talsma (17) 6 Gymnasiumscholiere van het Rijnlands Lyceum in Wassenaar

Vroeger was ik thuis altijd de alfa en mijn zusje de bèta. Pas toen ik naar de middelbare school ging en technische vakken kreeg, merkte ik dat het me goed af gaat. Het motiveert me om nieuwe dingen te weten te komen. Niet eindeloos stampen voor examens, maar lekker sommetjes oplossen. En als je het eenmaal begrijpt, hoef je niet nog urenlang te leren. Mijn ouders zijn ook technisch aangelegd: mijn moeder heeft haar eigen architectenbureau, zij is mijn voorbeeld. In de klas ben ik lang niet het enige meisje met een bètaprofiel. De meesten doen Natuur en Gezondheid, die willen geneeskunde studeren. Ik ga liever technische natuurkunde doen, of nanobiologie. Dat is nog lekker breed, want eigenlijk wil ik nog helemaal niet kiezen. Het klinkt misschien gek, maar ik vind alles veel te leuk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden