Fitheidstest zou 'zap-jeugd' bewust moeten maken van slechte conditie

De lichamelijke opvoeding en de georganiseerde sport slaan beide de plank mis bij het aanbieden van bewegingsactiviteiten aan de 'oudere' middelbare-schooljeugd....

Van onze verslaggever

DEN HAAG

Het is voor het eerst dat er vanuit de rijksoverheid een concrete poging wordt gedaan om de kloof tussen bewegingsonderwijs en georganiseerde sport te dichten. Maar is een fitheidstest niet wat al te concreet? Terpstra vindt het tegendeel. De proeve van lichamelijke vaardigheid is examen noch verplichting. Het is een voorstel. Een 'handvat' dat leerlingen bewust zou kunnen maken van hun achteruithollende conditie.

Uit onderzoek is gebleken dat jongeren tot hun vijftiende, zestiende jaar enthousiaste sportbeoefenaren zijn. Daarna treedt vanwege een verruimde belangstellingssfeer snel het fysieke 'verval' in. De 'zap-jeugd', zoals Terpstra die noemt, verliest de interesse in een 'gezonde levensstijl', en zowel de school als de sportvereniging slaagt er niet in de doorsnee-puber voor de sport te behouden. Daarom moeten sport èn lichamelijke opvoeding hun aanbod verbeteren.

Het probleem van de rijksoverheid, zeggen Terpstra en Netelenbos in hun brief aan de Tweede Kamer, is dat haar invloed steeds geringer wordt. Middelbare scholen kunnen nu bijna autonoom beslissen over hun lesprogramma, en daardoor lijkt het 'facultatieve' bewegingsonderwijs nog meer op de achtergrond te geraken. De projectgroep 'Jeugd in beweging' moet gemeentelijke overheden en schoolbesturen ervan overtuigen dat het wegmoffelen van het bewegingsonderwijs een heilloze weg is.

De staatssecretarissen gaan nog niet zo ver om invoering van het vak 'gezondheidskunde' te suggereren, waarvan de lichamelijke opvoeding dan deel zou moeten uitmaken. Maar 'Jeugd in Beweging' sluit in feite nauw aan bij dat 'oude' idee, ooit geopperd door toonaangevende leraren lichamelijke opvoeding. Belangrijkste doelstelling is de 'leefstijl van de jeugd in Nederland te veranderen' en 'het bevorderen van een bewegingsgerichte attitude'. Het project, onderdeel van een 'veelomvattender toekomstig jeugdbeleid', moet dan ook vorm krijgen door samenwerking van alle partijen: overheden, georganiseerde sport en leraren lichamelijk onderwijs. Ook het bedrijfsleven wordt ingeschakeld, in de hoop dat het zijn eigen belang ziet en en dat zulks leidt tot een aanvulling op het budget van de vijf miljoen gulden dat voorlopig door het rijk beschikbaar wordt gesteld.

Terpstra en Netelenbos stellen in hun brief dat 'sportoriëntatie' een onderdeel van de lichamelijke opvoeding moet worden. Bij de herziening van de kerndoelen in het voortgezet onderwijs zou dat punt aan de orde moeten komen. Die kerndoelen zouden eens in de vijf jaar geijkt moeten worden.

De Stuurgroep Profiel Tweede Fase heeft al eerder voorgesteld een examenprogramma havo/vwo voor het keuzevak bewegingsonderwijs op te stellen. De projectgroep die Terpstra en Netelenbos willen instellen, wordt geacht een 'model-programma' te ontwikkelen om scholen en sportorganisaties gezamenlijk de jeugdsport te laten stimuleren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden