Fini werd van een gehate neofascist tot man van eer

Gianfranco Fini maakte carrière bij een omstreden partij, maar distantieerde zich nadrukkelijk van haar verleden. Nu wordt hij, dankzij bondskanselier Schröder, door alle Italianen op handen gedragen, want hun Fini is geen Haider....

Willem Beusekamp

HET WAS ergens in de jaren zestig dat Gianfranco Fini in zijn geboortestad Bologna naar de nieuwe film van John Wayne, De Groene Baretten, wilde. De toegang werd hem ontzegd door communistische activisten, die de Amerikaanse Vietnamfilm besmet hadden verklaard. 'Op dat moment besloot ik lid te worden van de jeugdorganisatie van MSI, de neofascisten van Giorgio Almirante.'

Zo vaak vertelt Fini (48) de anecdote niet meer, maar tot zo'n vijf jaar geleden was dát zijn antwoord op de veel gestelde vraag waarom zo'n intelligente politicus zich bij zo'n verkeerde partij had kunnen aansluiten. Op 1 april 1994, hij was inmiddels partijvoorzitter, liet Fini zich nog een keer gaan. Benito Mussolini was wat hem betreft de grootste politicus van de eeuw.

Een maand later zat zijn partij met vijf ministers in de nieuwe regering van zakenman Berlusconi. Het kabinet hield niet lang stand, na zeven maanden belandden Berlusconi en Fini weer in de oppositie.

Inmiddels is Fini een gerespecteerd gesprekspartner, zelfs voor de postcommunisten van premier D'Alema. Als links-Italië mocht kiezen tussen Fini en Berlusconi, de nummer 1 van de oppositie, werd het Fini.

De waarschuwing van de Duitse bondskanselier Schröder - hij dreigde Italië donderdag met een zelfde boycot als tegen Oostenrijk zodra 'de neofascisten aan de macht komen' - heeft Fini alleen maar geholpen. Door alle partijen wordt hij thans als man van eer op handen gedragen.

In het officiële protest tegen Berlijn schaarde zich zelfs president Ciampi. 'In de Italiaanse oppositie zitten uitsluitend democraten', aldus Ciampi.

Eind '93 - de gevestige politieke elite was inmiddels hopeloos verstrikt in corruptie - leek Fini door te breken toen Berlusconi hem presenteerde als kandidaat-burgemeester van Rome. Fini verloor, maar sloeg niet veel later zijn slag. Tijdens de vervroegde parlementsverkiezingen van maart 1994 behaalde hij 13 procent van de stemmen.

Pas in januari 1995 rekende Fini af met zijn neofascistische verleden. Op het partijcongres in Fiuggi werd de naam MSI officieel gewijzigd in Alleanza Nazionale (AN). Fini verklaarde zich overtuigd aanhanger van de parlementaire democratie, veroordeelde het fascisme als een totalitair en onmenselijk systeem en verontschuldigde zich voor de jodenvervolging.

Vorig jaar tenslotte bezocht hij zonder mediaophef het concentratiekamp Auschwitz, waar hij zich opnieuw verontschuldigde voor de deportatie van joodse landgenoten onder het Mussolini-regime. Van Haider moet hij niets hebben: 'Een gevaarlijke xenofobe nationalist.'

Fini - hij zit tevens in het Europarlement - is een tacticus, iemand die weliswaar aan de late kant, maar toch nog op tijd de bakens heeft verzet om ter rechterzijde het gat op te vullen dat de geïmplodeerde christen-democraten achterlieten.

De socialisten, eveneens kopje onder in Tangentopoli, het grote Italiaanse corruptieschandaal uit begin jaren negentig, werden vervangen door de postcommunisten van D'Alema. Wat Gerhard Schröder over Fini zei, aldus een partijgenoot van de premier, is net zo erg als D'Alema uitmaken voor stalinist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden