Financiën kende risico's Gasunie

Staatsbedrijf Gasunie kocht in 2007 een Duits gasnet - en verloor 1,5 miljard euro. Financiën zei later niet van de risico's te hebben geweten. Documenten tonen iets anders, schrijft De Groene nu.

AMSTERDAM/GRONINGEN - Het ministerie van Financiën was in 2007 wel degelijk op de hoogte van de risico's die Gasunie liep bij de omstreden aankoop van het Noord-Duitse gasnet BEB. Door strategische blunders van de directie van Gasunie verloor het bedrijf, in eigendom van de staat, zeker 1,5 miljard euro op die transactie.

Hoewel het ministerie later heeft volgehouden de risico's van de aankoop niet te kennen, blijkt uit interne documenten dat ambtenaren kritische vragen stelden bij de overname. Ze stelden de raad van bestuur van Gasunie ook bij voorbaat verantwoordelijk voor het eventuele mislukken van de deal. En in een extern advies van het Britse consultantsbureau LEK werd het ministerie gewaarschuwd dat de voorgenomen prijs van 2,2 miljard euro 'overgewaardeerd' zou zijn als geen rekening werd gehouden met een mogelijke verlaging van de Duitse transporttarieven voor gas.

Dit schrijft het weekblad De Groene Amsterdammer deze week op basis van documenten die op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) zijn verkregen.

Kort na de aankoop verlaagde de Duitse toezichthouder inderdaad de transporttarieven. Gasunie verloor op haar Duitse aankoop direct 1,52 miljard, maar de totale strop door afboekingen en verliezen komt uit op bijna 3 miljard, berekent het weekblad.

Ambtenaren van Economische Zaken concluderen verder dat het bedrag dat de staat in 2005 betaalde voor de overname van 50 procent van de aandelen Gasunie van Shell en ExxonMobile, nooit kan worden terugverdiend. Die aankoop, waardoor Gasunie feitelijk werd genationaliseerd, kostte destijds 2,82 miljard euro. 'Het ministerie staat nog steeds pal achter de destijds betaalde prijs, hoewel de ingrepen in de regulering achteraf ertoe leiden dat deze prijs niet meer kan worden terugverdiend', schrijven ze in 2011 aan hun minister.

Voorafgaand aan de aankoop van het Duitse netwerk in november 2007 kreeg minister Wouter Bos van Financiën het advies van zijn directie financieringen akkoord te gaan met het bod van 2,225 miljard euro van Gasunie. 'Maar', staat in een memo, 'we hebben aangegeven dat we verwachten dat de raad van bestuur zal aftreden als de overname zijn strategische waarde niet zal weten te realiseren'.

Niet iedereen op het ministerie was overtuigd van de waarde van de aankoop. In een interne notitie stellen sceptische ambtenaren drie weken voor de overname de vraag waarom Gasunie zoveel geld zou moeten neertellen voor het netwerk. Voor de ambitie om uit de groeien tot de 'gasrotonde' van Europa is dat mogelijk niet nodig. 'Gasunie is immers nu al aangesloten op dit netwerk. Waarom zou het BEB moeten opkopen?'

Toenmalig bestuursvoorzitter Marcel Kramer van Gasunie heeft zich steeds onthouden van een antwoord op de vraag of de overheid - net als hijzelf - de risico's van de overname kende. Tegenover De Groene zegt hij nu van wel. 'Natuurlijk is er discussie over geweest, intern, met de commissarissen en met de aandeelhouder.'

Hoewel hij net al twee andere bestuursleden moest aftreden, ontving Kramer in 2008 een bonus van ruim een ton, mede als dank voor de 'exceptionele resultaten, met name de acquisitie van BEB'. Hij werkt sinds 2010 voor het Russische Gazprom.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden