Filipijnse oppositieleider Sison blijft vrij

De Filipijnse oppositieleider José Maria Sison blijft op vrije voeten. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag woensdag bepaald...

ANP

De oppositieleider werd eind augustus opgepakt in zijn woonplaats Utrecht op verdenking van betrokkenheid bij moordaanslagen op de Filipijnen. Justitie kwalificeert de verdenkingen die ze tegen Sison heeft ook als oorlogsmisdrijf.

De rechtbank liet hem vorige maand echter vrij omdat er onvoldoende bewijs tegen hem is. De raadkamer van het hof onderschrijft die conclusie nu. Volgens deze kamer van het hof bevat het strafdossier tegen de oppositieleider onvoldoende concrete aanknopingspunten die wijzen op enige vorm van diens directe betrokkenheid bij de moorden.

Opvallend in de beslissing van de raadkamer is dat het hof de belastende verklaringen van getuigen waarover het Openbaar Ministerie (OM) beschikt, niet ‘zonder meer’ als betrouwbaar wil aanmerken. Het rechtscollege wijst op de mogelijkheid dat ze uit politiek motief kunnen zijn afgelegd. ‘Daarmee bedoelt het hof dat ze bewust vals kunnen zijn om ‘politieke tegenstander’ Sison uit te schakelen’, meent de advocaat van Sison, Michiel Pestman.

De raadsman ziet de uitspraak als een ‘enorme terechtwijzing’ aan het OM. Hij ziet zijn kritiek dat justitie zich voor het karretje van de Filipijnse autoriteiten heeft laten spannen, onderstreept door het hof. Pestman: ‘De Filipijnse autoriteiten hebben in 2005 een dossier met belastende verklaringen bij het OM gedropt. Justitie heeft zich vervolgens in deze kwestie laten meeslepen. Het hof geeft nu ook aan dat je dit niet zomaar kunt doen.’

Het OM zelf meent wel degelijk aanwijzingen te hebben dat Sison vanuit Nederland opdracht heeft gegeven twee van zijn vroegere medestanders op de Filipijnen te liquideren. Daarom blijft het onderzoek naar hem doorgaan en blijft Sison verdachte, laat een woordvoerder van het landelijk parket weten.

Sison is oprichter van de Filipijnse communistische partij CPP. De CPP en de gewapende tak van die beweging, het New Peoples's Army (NPA), voeren volgens justitie al jaren een gewapende strijd tegen de regering van Manilla.

De slachtoffers van de moorden waarmee de Filipijnse oppositieleider in verband wordt gebracht, waren Romulo Kintanar en Arturo Tabara. Kintanar was een voormalige leider van het NPA en werd in januari 2003 doodgeschoten in een restaurant. Hetzelfde noodlot trof Tabara in september 2004 toen hij samen met zijn schoonzoon uit zijn auto stapte. Ook Tabara verkeerde in de top van het NPA. Sison ontkent betrokkenheid bij deze moorden met klem.

De oppositieleider vluchtte in de jaren tachtig naar Nederland. Hij woont hier sinds 1987. Sison vroeg politiek asiel aan, maar dat werd afgewezen. Omdat hij na terugkeer op de Filipijnen voor zijn leven zou moeten vrezen, heeft Nederland hem echter niet uitgezet.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden