Fikkie stoken

Het belang van een goede brander blijkt uit het dagboek van de Nederlandse Mount Everest-expeditie, die al weken via internet (www.everest2004.nl) is te volgen....

Goeie tip natuurlijk, maar de gemiddelde vakantieganger heeft minder extreme eisen. Die kookt zijn prakje op het comfortabele gasstel in voortent of caravan, kruidenrekje binnen handbereik.

Bij trektochten te voet of bij reizen door afgelegen streken wordt de keuze van een lichtgewicht brander wrelevant, en valt een keur aan brandstoffen te overwegen: gas, (was)benzine, spiritus, of zelfs walmende goedjes zoals kerosine en diesel.

Veel mobiele vakantiegangers kiezen nog steeds voor een pits-gasbrander. Befaamd zijn de blauwe bussen van Campingaz, dat in 1955 zijn 'Bleuet'-brander op de markt bracht. Gas heeft als voordeel dat het makkelijk is. Kraantje van de tank open, aansteker erbij en er kan gekookt worden. De vlam is goed regelbaar. Om ook op grotere hoogte en bij lage temperaturen goed te branden, bevatten de tankjes vaak niet alleen butaan, maar ook propaan of isobutaan.

Op reis zijn tankjes met een ventiel het handigst. In tegenstelling tot zogeheten prikpatronen kunnen deze tijdens vervoer worden losgekoppeld van de branderkop. Ze zijn veiliger, en lichter en handzamer in de rugzak.

Dit jaar baarde het Zweedse Optimus opzien met zijn model Crux. De brander (zo'n 85 euro) weegt een schamele 87 gram, en is zo te vouwen dat hij in de holte onder het gastankje past - minimaal ruimtebeslag dus. Toch is hij krachtig: een liter water kookt (bij goede omstandigheden) in drie minuten.

Bedacht moet worden dat er verscheidene standaarden zijn voor het schroefdraad van de ventieltankjes. Globaal komt het neer op Campingaz tegen de rest van de wereld. Het Amerikaanse merk MSR heeft hier iets op gevonden: de brander SuperFly (rond 75 euro inclusief pi-ontsteker, 144 gram) kan worden gemonteerd op beide typen ventieltanks. Voor optimale stabiliteit kan ook worden gekozen voor een brander die tijdens het koken direct op de grond steunt, en met een slang is verbonden aan het tankje. Minder kans dat die pan pasta in het gras verdwijnt door een onhandige beweging.

Gas heeft echter ook nadelen. In gebruik is het vaak iets duurder. En in afgelegen gebieden en zeker buiten Europa zijn tankjes niet overal te vinden. Bovendien: gastanks mogen niet mee in het vliegtuig. Wie ver weg gaat, is dus aangewezen op lokale brandstoffen.

Hier komen de benzinebranders in beeld. Benzine is immers vrijwel overal te koop, of anders wel ergens af te tappen. De meer kieskeurige modellen branden het liefst op kookpuntbenzine, een zuiver goedje dat onder meer wordt verkocht door het Amerikaanse Coleman (tevens eigenaar van Campingaz). Coleman Fuel kost in Nederland rond de drie euro per liter. 'Voor een weekje met twee personen is een liter ruim voldoende', zegt Marcel van Oene, branderkenner bij Slee Buitensport in Utrecht. 'In de bergen ligt dat anders. Als je voor je water afhankelijk bent van sneeuw smelten, ben je zo een paar liter verder.'

Globetrotters kiezen voor een benzinebrander die ook andere vloeistoffen aankan. Een echte allesbrander is bijvoorbeeld de XGK Expedition van MSR (120 euro). Van Oene: 'Hier kun je zelfs de meest grote rotzooi mee branden, zoals diesel of de dunne teerachtige smurrie die je in India of Nepal tegenkomt.' Nadeel is dat de brander snel vervuild raakt, en schoongemaakt moet worden. 'Culinaire hoogstandjes moet je sowieso niet verwachten. De XGK heeft eigenlijk maar twee standen: aan of uit.' Beter regelbaar maar duurder is de MSR DragonFly (155 euro), die onder meer concurreert met de Optimus Nova (165 euro) en de Primus OmniFuel (180 euro).

Vergeleken bij gas blijft branden op benzine een gehannes. Van Oene demonstreert het: met een pompje brengt hij eerst druk in de brandstoffles. Vervolgens zet hij kort het kraantje open, zodat er wat benzine in de branderkop loopt. Die wordt aangestoken, een hoge gele steekvlam begint te flakkeren. Na een tijdje komt de brander op temperatuur, en kan de kraan echt open.

Wat ging er mis op de Everest? Van Oene vermoedt dat er te hard is gepompt. 'Door de lage luchtdruk komt de benzinedamp er dan te snel uit bij het branden. Samen met het lage zuurstofgehalte en de vrieskou kookt dat niet echt lekker.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden