Weblog

'Fijn toch, die starre Duitse gewoontes, waarbij niemand zich assertief afvraagt of het ook sneller en beter kan'

Na weer eens een Nederlandse rij te hebben ervaren, valt het correspondent Merlijn Schoonenboom in Berlijn op hoe rustig Duitse rijen eigenlijk zijn.

Merlijn Schoonenboom
Wachtende passagiers op het vliegveld van Tegel, vorig jaar. Beeld EPA
Wachtende passagiers op het vliegveld van Tegel, vorig jaar.Beeld EPA

Ik sta graag in een Duitse rij; in die lange rijen voor een Berlijnse kassa, waarbij je niets anders kan doen dan je gelaten aansluiten. Of, beter gezegd: ik begin de Duitse rijensystematiek opnieuw te waarderen, sinds ik laatst voor het eerst na maanden buitenland weer in een Nederlandse rij stond.

Het was in een welvarend Zuid-Hollands forensendorp, bekend om haar oude en nieuwe rijken, en om Boudewijn Büch, Theo van Gogh en Connie Breukhoven. Ik moest er naar de bank, omdat mijn Nederlandse bankpas in een Berlijnse automaat was ingeslikt.
De rij ontstond omdat de bankmedewerker alleen was, en de heer vooraan zich langdurig zorgen bleek te maken over de veiligheid van zijn spaargeld. Daardoor kon de dame in bontmantel die haar aandelen wilde verkopen niet geholpen worden, en daardoor begon de groep dorpelingen achter mij dreigende vormen aan te nemen.

Van een rij was al snel geen sprake meer; de vermogende gepensioneerden drentelden ongedurig naast elkaar in de startblokken, en hun onvrede over de rij, de bank en het hele land in het algemeen verspreidde zich grimmig door de ruimte.

Eén dametje duwde zich naar voren, een pakketje honderdjes in haar hand. 'Hoor 'ns', riep ze assertief zoals alleen Hollanders dat kunnen, 'ik ga hier toch niet op iedereen staan wachten'. Ze liep ferm op de balie af. Totdat de bankmedewerker ineens zijn stem verhief. Hij was jong, maar deed een onverwacht ouderwetse uitspraak: 'Mevrouw, u dient in de rij te staan, net als iedereen'.

Het was een afmattende rij, daar in Nederland, met zoveel assertieve burgers die vonden dat ze hem mochten omzeilen. Terug voor de Berlijnse kassa's sloot ik mij dan ook met extra veel overtuiging aan. Steeds schoven we heel keurig één plekje verder op, om langzaam maar zeker ons doel te bereiken.

Starre gewoontes
Lyrisch begon ik te denken hoe fijn het toch is, die oude, starre Duitse gewoontes, waarbij niemand zich assertief afvraagt of het wellicht ook sneller en beter kan. Een misverstand natuurlijk; Duitsers zijn ook mensen, en als men de kans krijgt glipt men ook een plaatsje naar voren.

Alleen: die kans doet zich minder makkelijk voor. Misschien is het door de sociale controle, of misschien gaat het in de Duitse rij alleen goed zolang er een duidelijk systeem, met begin en einde, is.

Onrust blijkt er namelijk wel degelijk te ontstaan, als er onduidelijkheid over het verloop is. In mijn buurttheater in Berlijn stond ik bij een uitverkochte voorstelling voor de deur in de rij. Het probleem bleek hier al snel: de mogelijkheid tot zij-instroom, waardoor het onbuigzame concept van de rij verstoord werd.

Opnieuw was het een oud dametje dat zich als eerste achter een grote zuil naar voren poogde te wurmen. Anders dan de Nederlandse deed ze het in stilte. Ineens stond ze voor me. Ze draaide zich om, en keek me schichtig aan. Ik keek terug, heel bestraffend. Dat bleek voldoende. Ze heeft me keurig voor laten gaan in onze rij, die na dit eerste aftasten in alle rust naar binnen schoof.

Merlijn Schoonenboom is correspondent voor de Volkskrant in Berlijn

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden