Fiets, fietser, fietst

NIEUWE FIETSSNUFJES RAKEN SNEL GEDATEERD. FABRIKANTEN GEVEN VEEL UIT AAN PRODUCTONTWIKKELING...

Ze staan er allemaal op de FietsRai, de Gazelles, de Batavussen en de Sparta's van deze wereld. Nederlands belangrijkste fietsbeurs, die deze keer niet in de Amsterdamse Rai maar in de Jaarbeurs in Utrecht plaatsvindt, kreeg onderdak bij de toeristische Uit & Actiefbeurs. Er schijnt ruzie te zijn tussen fabrikanten en Raimensen. En misschien blijven de fietsmensen nu wel definitief in Utrecht.

Even wat naakte feiten: weinige landen kennen een zo fijnvertakte infrastructuur van fietspaden als Nederland; jaarlijks worden meer dan 1,3 miljoen fietsen verkocht; consumenten doen bijna zes jaar met hun nieuwe fiets (waarna het in het tweedehandscircuit terechtkomt); 60 procent van de nieuwe fietsen is een gewone toerof stadsfiets met een gemiddelde prijs van 550 euro; Gazelle en Batavus zijn de twee grote merken, beide goed voor ongeveer 30 procent van de markt - op afstand gevolgd door Sparta, Giant en sportieve merken als Koga.

Nu de ontwikkelingen: die gaan snel, razendsnel. Trapte je je vroeger lens op een stuk staal met twee dikke rubberen banden, een fiets anno 2005 is een licht aluminium frame opgetuigd met hightech snufjes. Niet alleen aan dure terreinen racefietsen wordt geschaafd, ook gewone fietsen zitten vol toeters en bellen die 'comfortverhogend' werken.

Daarbij moet men denken aan verende voorvorken, ultrasoepele schakelsystemen met acht versnellingen in de achternaaf, bijnalekvrije banden en superzuinige ledverlichtingen. Die dingen zijn het stadium van het simpele aan/uitschakelaartje plus ordinaire batterij voorbij. Tegenwoordig heb je helder witte leds voor in de koplamp die aangaan als het donker wordt. Automatisch. Honderden rijuren houden ze het vol op een paar batterijen. En nog beter: er zijn netjes weggewerkte, weliswaar dure naafdynamo's die het risico op draadbreuk (fietsfrustratie nummer één) nagenoeg tot nul reduceren.

Een automodel mag vijf tot tien jaar meegaan, een nieuwigheidje in de fietserij is na een of twee jaar al niet nieuw meer, weten ze bij Batavus. Voortdurend moet er aan de veranderende wensen van de consument worden voldaan. Dertig tot veertig jaar geleden zag het fietsassortiment van een fabrikant er simpel uit: er waren damesen herenfietsen, elk in twee kleuren en hooguit drie maten.

Bij fietsfabrikant Batavus in Heerenveen kan de consument inmiddels kiezen uit achthonderd verschillende fietsen. De fiets is een massaproduct. Toch proberen fabrikanten zoveel mogelijk maatwerk te leveren, zegt directeur Rob Beset van Batavus.

Consumentenpanels, fietsenmakers, ze worden continu geraadpleegd bij het in kaart brengen van de wensen van de consument. Batavus maakt zelfs proefcollecties, soms van enige honderden exemplaren, en laat die door klanten uitproberen. Conceptexemplaren worden in speciale proefwinkels verkocht. Op basis van ervaringen van klanten worden ze geperfectioneerd. Ontwikkelingskosten in de fietsindustrie nemen sinds een paar jaar onevenredig toe, bij Batavus bedragen die nu 3 procent van de omzet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden