Analyse Fiat en PSA

Fiat heeft eindelijk zijn droompartner in fabrikant van Peugeot en Citroën

Fiat heeft ten langen leste een partner gevonden. De Italiaanse automaker gaat samen met de Franse fabrikant van onder meer Peugeot en Citroën. Nu kan het op weg naar de elektrische auto.

Geparkeerde auto's voor de locatie van de Franse automaker PSA. Beeld AFP

Je zou bijna medelijden krijgen met Fiat, zo wanhopig was het op zoek naar een partner. Afgelopen voorjaar deed het autoconcern een aanzoek bij Renault, maar al na een week was de verkering voorbij: de ouders – de Franse staat, grootaandeelhouder – zagen het huwelijk niet zitten. Eerder al waren de Italianen (en Amerikanen, want Fiat is al samen met Chrysler) langsgegaan bij Ford en General Motors, die het bedrijf hooghartig de deur wezen. Ook Volkswagen zou zijn benaderd, met dezelfde kille reactie tot gevolg.

Nu is het dan eindelijk gelukt. Fiat gaat verder met het Franse PSA, met merken als Peugeot, Citroën, Opel en DS. Door de fusie (die nog goedgekeurd moet worden door aandeel- en toezichthouders) ontstaat in grootte het vierde autoconcern ter wereld.

Op eigen houtje

Waarom waren de Italianen zo naarstig op zoek naar een partner? Omdat zonder Fiat op termijn vermoedelijk niet kan overleven, voorspelde wijlen topman Sergio Marchionne. Die stelde in 2015 dat de auto-industrie geld weggooide doordat alle merken op eigen houtje allerlei technologieën ontwikkelden. Zoals elektrificatie en autonoom rijden, maar ook de ontwikkeling van platforms, de ‘onderkant’ van auto’s waar een ‘koets’ op wordt gezet. 

Fabrikanten steken vele honderden miljoenen euro’s in zaken waarmee merken zich nauwelijks kunnen onderscheiden bij de klant. Doe het samen en enorme besparingen liggen in het verschiet, aldus Marchionne. Fiat was bovendien te klein om het allemaal zelf te doen.

Marchionne, die vorig jaar onverwacht overleed, lijkt het gelijk aan zijn zijde te krijgen. Overal zijn autofabrikanten het afgelopen jaar samengeklonterd voor nauwe samenwerking of fusies. Neem Volkswagen, dat zijn elektrische platform gaat delen met Ford. Hierdoor rijden over een paar jaar in Europa auto’s rond die van buiten een Ford lijken, maar waarvan de basis een VW is.

Lopende band robots in de FCA Mirafiori fabriek in Turijn, Italië. Beeld EPA

Elektrificatie

Dit was tot voor kort ondenkbaar. De reden dat het nu wel kan is elektrificatie. Vroeger konden autofabrikanten zich onderscheiden met hun verbrandingsmotoren. Een zescilinder benzinemotor van BMW klonk en presteerde nu eenmaal anders dan de kleine tweecilinder die Fiat in zijn Panda bouwt. Nu auto’s elektrisch worden, verdwijnt dit verschil: elke elektromotor is stil, krachtig en snel. Om zich te kunnen onderscheiden, kunnen fabrikanten hun geld dus beter steken in een mooi design, een fraai interieur en – dit onderdeel wordt steeds belangrijker – software en onlinediensten.

Fiat en Chrysler zaten hier klem. Beide concerns hadden te weinig geïnvesteerd in elektrificatie. Voor Chrysler was dit minder noodzakelijk, omdat de CO2-eisen in het Verenigde Staten van president Trump minder streng zijn. Fiat, in Europa ooit heer en meester met zuinige kleintjes als de Fiat 500 en de Panda, zit lastiger. Over een paar jaar dreigt het mis te gaan, omdat de Italianen niet kunnen voldoen aan verregaande CO2-begrenzing die Brussel eist. Boetes van vele honderden miljoenen zijn mogelijk het gevolg, die het toch al kwakkelende concern verder richting de afgrond duwen.

PSA kan Fiat helpen met de broodnodige elektrificatie, en daarmee lijkt de Italiaanse autobouwer gered.

Ieder eender

Voor consumenten doemt intussen een andere vraag op: als al die autobedrijven samen klitten, rijden we dan straks allemaal dezelfde auto? Het antwoord is ja. De basistechniek zal steeds meer eender worden. Het onderscheid zal liggen in de verpakking. Het zal voor de marketingafdelingen nog een flinke uitdaging worden deze auto's te verkopen. 

En ook voor personeelsafdelingen: al die consolidaties en de komst van veel eenvoudigere elektrische technologie betekent op termijn onvermijdelijk dat veel medewerkers die nu verbrandingsmotoren en transmissie in elkaar schroeven, hun baan verliezen. De Italiaanse premier Giuseppe Conte liet donderdag alvast weten dat de fusie niet mag leiden tot sluiting van fabrieken en het verlies van werkgelegenheid in Italië. Maar dit probleem is voor later. Eerst de wittebroodsweken.

Fiat/Chrysler wilde afgelopen voorjaar nog samengaan met Renault. Dat leek toen een gouden combinatie.

Maar lang duurde de flirt niet: na een week was de prille romance alweer voorbij.

Grote autoconcerns zoeken elkaar op voor samenwerking. Staat de auto-industrie aan de vooravond van een consolidatieslag? Vier redenen waarom ‘frenemies’ elkaar omarmen. En twee redenen waarom al die mooie fusieplannen wellicht ­gedoemd zijn te mislukken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden