Femme fatale met flaporen

Wie inspireert de kunstenaar als hij schrijft, componeert, schildert, filmt? (Bijna) iedere kunstenaar heeft een muze. Fotograaf William Wegman hield boven alles van de viervoetige vamp Fay....

Pablo Cabenda

CHUNDO is altijd enthousiast maar heeft geen zitvlees. Chip heeft geen bezwaar tegen hoeden. Batty valt steevast in slaap als ze poseert en Crooky is weliswaar een beetje hyper, maar god wat ziet ze er onweerstaanbaar uit in een blonde pruik. Toch: niemand, niemand is als Fay.

Fay kon alles. Fay was koel, ongenaakbaar, een viervoetige zuster van Joan Crawford en Greta Garbo en bovenal William Wegmans lievelingshond. De Amerikaanse fotograaf die bijna zijn hele carrière heeft gebouwd op de dociele verdiensten van een goed nest Weimaraners (Duitse staanders). Honden die zich als was in vele poses laten kneden en gelaten de inhoud van een rekwisietenkist over zich heen laten komen.

Hoeden, jurken of rolschaatsen, ze dragen ze alsof het hun tweede natuur is. Met een ondoorgrondelijke blik, steevast recht vooruit in een soort sublieme non-anticipatie. Een beetje suf, een beetje dommig met tegelijk die verwarrende suggestie van een stoïcijnse alwetendheid. Wegmans honden zweven altijd tussen Buster Keaton en een raadselachtige sfinx. En onvermijdelijk genoeg is Fay Ray ook als sfinx op een strijkplank geportretteerd. Maar net zo makkelijk deed ze de boze stiefmoeder uit Assepoester, dame in avondkleding, odalisk, Shiva, Joni Mitchell of een eland.

Ze was niet de eerste maar wel de grootste liefde van Wegman. En ook een onverwachte. Want de New Yorkse fotograaf had na de dood van zijn eerste hond Man Ray (genoemd naar de surrealistische fotograaf) nog zo gezworen geen hond meer te nemen. Maar alle voornemens ten spijt, in 1984 in Memphis Tennessee viel de fotograaf voor de femme fatale met flaporen. 'Ze had de ogen van een junglekat, rond, schitterend, geel en ondoorgrondelijk, een jonge leeuwin van Rousseau', aldus Wegman zelf in zijn boek Fay, geheel gewijd aan zijn leven met zijn lieveling.

Maar toen hij de beige beauty mee nam naar New York, bleek haar nerveuze inslag niet bestand tegen de onophoudelijke drukte in de wereldstad. Fay raakte al in paniek van kletterende vuilnisvaten en ooit rende ze als een op hol geslagen paard met schuim rond de bek terug naar huis om zich onder de schrijftafel te verschuilen. Wegman wilde haar terugsturen naar haar vorige eigenaar, maar ontdekte toen dat Fay opbloeide als hij haar fotografeerde.

Fay werd trots, majestueus met een dwingende présence. Ze was de verzenuwde actrice die een podium nodig had om zich zeker te voelen. En anders dan bij Man Ray die zelfs met zwemvliezen aan onmiskenbaar als Man Ray aanwezig was, leek Fay volgens Wegman een ster die met elke pruik een nieuwe rol aannam.

Was Man Ray doodongelukig als hij niet werd betrokken in Wegmans werk, het was Wegman zelf die de verleiding niet kon weerstaan Fay te fotograferen. 'Haar lichaam voelde warm en kneedbaar aan. Als klei met huid bedekt. Het was verleidelijk haar aan te raken. Mijn handen, mijn ogen en mijn hoofd vulden zich met haar.'

Hij plaatste de fluwelen beauty met de vragende ogen op een stoel, kleedde haar, en gaf haar armen. Foto's van Fay verschenen in musea en galeries. En zoals het een supermodel betaamt, sierde haar voorkomen bladen als Vanity Fair, New York Times Magazine en Artforum. In een real life versie van het sprookje van de Gelaarsde Kat leverde de Geklede Hond roem en fortuin, uitnodigingen voor talkshows, een astronomische ansichtkaartenverkoop en covers van glossy's.

En het was niet de eerste keer. Man Ray betekende destijds voor Wegman al een ontsnapping uit de anonimiteit toen hij als 'minimalistische conceptualist' van voedselbonnen moest leven. Prachtig was het en een beetje pijnlijk. Want Man Ray werd kort na zijn overlijden in 1982 door het New Yorkse tijdschrift the Village Voice tot man van het jaar uitgeroepen, terwijl Wegman in talkshows maar gekscherend verhaalde over voorbijgangers die zich altijd afvroegen wie toch die man met die bekende honden was.

Het succes van Fay benadrukte maar weer eens dat Wegmans schilderijen en tekeningen nooit die interesse konden opwekken als de hondenhype. Maar Wegman verkondigde in menig artikel een gelukkige gijzelaar te zijn van zijn eigen muze.

Erg lang duurde het geluk niet. Op 7 juni 1995 overleed Fay Ray aan leukemie. Toen het moment daar was, draaide ze haar rug naar Wegman toe die naast haar in de kooi lag. Ze had hem niets meer te zeggen. Maar ze liet haar baasje wel goed verzorgd achter met een forse levensverzekering in de vorm van een nest Weimaraners die de rol van hun moeder zouden overnemen.

Chundo, Batty, Crooky en later kleinzoon Chip. Allemaal topmodellen die aan instructies als 'zit' of 'lig' al genoeg hebben. Maar toch, geen van allen is zo sophisticated, zo veelzijdig en zo mooi als Fay.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden