Interview Femke Halsema

Femke Halsema is burgemeester van Amsterdam: ‘Ik moet het oliemannetje of zo u wilt het olievrouwtje zijn in Eberhards grote schoenen’

Ze heeft zo haar mening over de bijkans agressieve aanvallen die haar, ver voor haar benoeming, ten deel vielen. Maar Femke Halsema is sinds donderdag burgemeester van Amsterdam. ‘Ja, ik bezit de stevigheid en de kalmte om de stad te helpen in moeilijke perioden.’

‘Ik ben heel bewust, na opgegroeid te zijn in Enschede, naar Amsterdam gekomen. Deze stad is hét symbool van alles wat ik wilde worden. Vrij zijn’ Foto Jiri Buller

Femke Halsema was in haar politieke memoires nog zo stellig: ‘Ik ga niet in de wachtkamer van het politieke bestuur zitten om een paar jaar later weer tevoorschijn te komen en een senaatszetel te beklimmen of een burgemeestersketting om te hangen.’ Dat schreef ze pas twee jaar geleden. Toch is Halsema (52) vanavond beëdigd als burgemeester van Amsterdam. In de bijna 750 jaar dat de hoofdstad nu bestaat, is zij de eerste vrouw die het ambt bekleedt.

Ze had geen seconde gedacht dat ze ooit burgemeester van Amsterdam zou worden, zegt Halsema nu. ‘Eigenlijk had er nog een zin achter moeten staan: tenzij het om Amsterdam gaat. Maar dat was natuurlijk wel een tikkie aanmatigend geweest.’

Femke Halsema wordt tijdens een buitengewone raadsvergadering door Commissaris van de Koning Johan Remkes beëdigd Foto ANP

Maandenlang heeft Femke Halsema moeten zwijgen over haar burgemeestersambities. Terwijl er in de stad fel gediscussieerd werd over haar geschiktheid en er een felle tegencampagne op gang kwam, onthield zij zich van commentaar.

In besloten kring woog zij haar kansen en op 28 april, een dag voor de deadline, stuurde zij uiteindelijk de brief die begint met een korte persoonlijke alinea over de stad waarin zij nu 23 jaar woont. ‘Nog vaak overvalt mij een groot gevoel van trots als ik door de Pijp of langs de Amstel fiets of ’s avonds laat de pont over het IJ neem. Amsterdam is magisch, een sprankelende plek, en vooral de stad van de vrijheid die Spinoza al zo treffend beschreef.’ En dan: ‘Graag solliciteer ik naar het ambt van burgemeester van Amsterdam.’

Sinds donderdagavond is zij het.

Wat is er zo bijzonder aan het Amsterdamse burgemeesterschap dat het u verleidde terug te ­keren in de politiek?

‘Dat ik een Amsterdammer bén. Ik ben heel bewust, na opgegroeid te zijn in Enschede, naar Amsterdam gekomen. Deze stad is hét symbool van alles wat ik wilde zijn. Vrij.’

U bent toch eerst naar Utrecht gegaan?

‘Daar heb ik gestudeerd. Ik durfde eerst niet. Ik vond Amsterdam te wild. Op mijn 14de ging ik met drie schoolvriendinnen vanuit Enschede met de trein voor het eerst naar Amsterdam. Ik weet nog hoe we over het Damrak liepen en op een bankje gingen zitten. We zagen de punkers, het was viezer dan nu, er hing een geur van spanning en vrijheid in de lucht. Wij waren volstrekt betoverd, maar ook panisch. We hebben daar uren gezeten, foto’s gemaakt en zijn ­teruggegaan. Dat dat meisje nu burgemeester wordt van die stad, dat vind ik echt geweldig.’

Dat Halsema een goede kans maakte om Eberhard van der Laan op te volgen, was al maanden duidelijk. Het begon zelfs al toen hij nog leefde. Paul Witteman vroeg haar ernaar in het tv-programma Buitenhof. Ze reageerde verontwaardigd. ‘Ik ben nog steeds blij met mijn reactie. Het was zo onsmakelijk om die vraag te stellen terwijl we allemaal verdrietig waren dat Van der Laan zou sterven. En het bracht mij ook echt in een onmogelijke positie.’

Intussen was het natuurlijk wel duidelijk dat er een nieuwe burgemeester moest komen. En dat u ook wel besefte: misschien kan ik dat worden.

‘Daar heb ik nooit op durven vertrouwen. Rutger Groot Wassink, de leider van GroenLinks in Amsterdam, benaderde me al een tijd geleden. Ik heb er ook een paar keer met Jesse Klaver over gepraat en hij steunde me ook nadrukkelijk. Maar het is voor mij nooit een partijpolitieke afweging geweest. De overtuiging om te solliciteren is heel langzaam gegroeid.

‘Ik weet dat ik eind vorig jaar tegen mijn vriend zei: ik denk dat we hier toch serieuzer over moeten gaan praten. En de eerste belangrijke vraag voor mijzelf was: bezit ik de stevigheid en de kalmte om de stad te helpen in moeilijke perioden. Dat is volgens mij namelijk de belangrijkste taak van een burgemeester.

‘Toen ik daar voor mezelf ja op kon zeggen, ben ik het serieus gaan overwegen of ik mijn fijne leven als vrijgevestigde wilde opgeven voor deze kans. Ik was daar aanvankelijk een beetje piekerig en zwaar op de hand over. Totdat mijn vriend zei: ‘Het is heel simpel. Of je bent enthousiast, dan staat het hele ­gezin achter je. Maar als het trekken en ­duwen is, dan doen wij het niet.’

Toen bent u de studeerkamer in­gegaan en na een tijdje met een big smile naar buiten gekomen?

‘Ja! Daarna heb ik een clubje om me heen verzameld van strategen uit alle politieke partijen en een journalist. Ik heb met de politie gepraat, met oud-bestuurders, de ombudsman en met oud-ambtenaren om mij voor te bereiden op mijn sollicitatie.’

En wat heeft burgemeester Halsema de stad te bieden?

‘Dat zit ten eerste in die houding. Ik ben mijn hele leven vanaf mijn studie en alle tijd daarna steeds beziggeweest met de rechtsstaat: als wetenschapper, politicus, bestuurder. Zeker de komende jaren, als de politieke verhoudingen misschien nog wat verharden, wil ik over de rechtsstaat en onze vrijheden waken.

‘Ten tweede zie ik de verdeling in de stad, tussen de wijken buiten de ringweg of de Transvaalwijk waar ik zelf woon en de veel welvarender delen. Waar de wethouders met beleid voor onderwijs, ­woningmarkt en arbeidsmarkt proberen ervoor te zorgen dat iedereen er bij blijft horen, moeten mensen ook gekend worden. Ik wil graag voor die verbinding zorgen. In de Volkskrant schreef historicus Geerten Waling: de burgemeester moet een ombudsman zijn met een ketting om. Dat vind ik mooi gezegd.’

De burgemeester – die in uw sollicitatiebrief grappig genoeg steeds een ‘hij’ is – staat boven de partijen. Dat trekt u enorm aan.

‘Ik houd niet zo van emancipatie via de taal. Dat leidt snel tot politieke correctheid en dat moet je niet hebben. Het ambt burgemeester vervoegt zich mannelijk, ook al is het nu een vrouw.

‘Wat dat boven de partijen betreft. ­Natuurlijk ben ik lid van GroenLinks en vooral een progressief. Maar ik heb me, als Kamerlid en later bij diverse organisaties, steeds gericht op ­samenwerking en op het zoeken van oplossingen voor maatschappelijke problemen. Ik heb daarbij een hekel aan jargonspeak als dialoog…’

Het woord ‘verbinden’ is anders ook behoorlijk jargonspeak.

‘Ja verbinding is eigenlijk ook een rotwoord. Dat is infrastructuur. En ik, nou ja…’

Wat wilde u zeggen?

‘Nee, dat slik ik lekker even in.’

‘Met Mark Rutte heb ik het ook altijd heel goed kunnen vinden’ Foto Jiri Buller

Iets dat u een week geleden nog wel had kunnen zeggen waarschijnlijk.

‘Ja, precies. Daaraan ben ik nu wel een beetje aan het wennen. Want het is heel jammer dat je door onnadenkende uitschieters veel minder effectief bent. Als twee seconden stil zijn helpt, dan kies ik daar toch even voor.

‘Ik wil in elk geval niet vluchten in ­lege-hulstermen zoals dialoog of verbinden. In Amsterdam moet je elkaar echt de nieren kunnen proeven. Wij hebben hier Bij1 van Sylvana Simons, maar ook Forum voor Democratie, Denk, de Partij van de Ouderen. Dat zijn heel waardevolle bewegingen, die het verlangen vertegenwoordigen van specifieke groepen in de stad om gehoord te worden. Ik heb lang in zulke discussies zelf het hoogste woord gevoerd. Dat hoef ik niet meer.’

Uw bijdrage aan dat debat in de raad is straks: ‘Het woord is aan mevrouw Simons.’ En: ‘Mevrouw Simons u heeft een interruptie van mevrouw Nanninga.’

‘Dat is toch enig.’

In een opiniestuk schreef de voormalig politiek adviseur van Lodewijk Asscher, Julia Wouters, dat bij de sollicitatie ook meespeelde dat u ook vond dat er een vrouwelijke burgemeester moest komen.

‘Ik herken mij niet zo in dat geïsoleerde citaat. Ik vind het natuurlijk heel erg belangrijk dat vrouwen dit ambt bekleden. En dat het na al die ­jaren in Amsterdam gebeurt, is geweldig. Maar het is niet zo dat ik dat als een heilig moeten voel. Dat is wel op een ander moment zo geweest. Want de berichten over mijn kandidatuur maakte een storm van keiharde persoonlijke kritiek los. Toen heb ik wel gedacht: ik ben 52, als ik hiervoor buig, dan is dat een slecht voorbeeld voor jonge vrouwen.’

Het ging er inderdaad hard aan toe in de maanden voor de besloten raadsvergadering waarin Halsema na bijna vijf uur werd gekozen. Op internet verscheen een petitie ‘Houdt Halsema uit de Stopera’ en rechtse kranten en weblogs pakten groot uit met ondermijnende artikelen vol anonieme bronnen. Het zijn voor Halsema inmiddels bekende patronen. In haar biografie beschrijft zij een lunch met de parlementaire redactie van De Telegraaf. Paul Jansen, de huidige hoofdredacteur, vertelt haar naar verluidt ‘lachend’ dat men zich er bij De Telegraaf mee vermaakt steevast de allerlelijkste foto van Halsema te plaatsen. De redacteuren laten Halsema weten dat zij ‘dan wel een leuke vrouw mag zijn’, maar dat hun lezers nou eenmaal verwachten dat GroenLinks belachelijk wordt gemaakt. ‘En dat hun lezers heilig zijn.’

Halsema: ‘Volgens mij beschrijf ik dat allemaal best grappig.’

Dat is het toch niet?

‘Weet u, de Engelsen zeggen: het is water onder de brug. Ik begin aan een nieuwe fase. De Telegraaf is welkom en ik zou graag eens met ze praten. De krant wordt door veel Amsterdammers gelezen en ik hoop dat die informatie krijgen die een beetje gebalanceerd is.

‘Maar de Telegraaf-journalisten moeten één ding weten: er is onlangs een aanslag op hun gebouw geweest. Dat is onverdraaglijk en ze hebben groot gelijk als ze de dag daarna schrijven dat ze nooit zullen zwijgen. Als hun burgemeester zal ik als een huis voor hun vrijheid staan. Daar doet geen enkel naar stukje afbreuk aan.’

Heeft u ooit begrepen waar de agressie überhaupt vandaan komt?

‘Ik heb daar heel veel gedachten over. Maar ik ben er klaar mee. Ik hoop zij ook.’

Er was intussen ook inhoudelijke kritiek. Dat u te weinig bestuurlijke ervaring hebt. In uw sollicitatiebrief benadrukt u dat uw ervaring in de politiek, wetenschap, media en bestuur eigenlijk een ideale voorbereiding is.

‘Dat vind ik ook. Laat ik niet aanmatigend zijn. Ik sta voor een enorme uitdaging, zeker met de grote schoenen die Van der Laan heeft achtergelaten. Maar wat ik wel jammer heb gevonden aan de discussie die de afgelopen tijd zo over mijn hoofd ging, is dat bestuurlijke ervaring blijkbaar alleen geldt als je in het openbaar bestuur hebt gewerkt. En dat vlakt nogal wat geschikte mensen uit die, zoals ik, maatschappelijke organisaties hebben bestuurd. En in het bedrijfsleven.’

U zult toch zelf ook weleens twijfelen over uw ervaring?

‘Dit ambtelijk apparaat is veel groter dan de organisaties waar ik ervaring mee heb. Ik zal moeten bewijzen dat ik dat kan. Maar goddank doe ik dat niet alleen. Er is een gemeentesecretaris en een college.’

De drie onvermijdelijke vragen voor elke nieuwe burgemeester van Amsterdam

‘Ik was onder andere voorzitter van de evaluatiecommissie van de rechterlijke macht en werkte mee aan een documentaireserie over terrorisme. Maar ik ben met alles wat ik nog deed per direct gestopt.’

In de raad zijn veel fracties heel blij met uw Haagse ervaring. Ze hopen dat uw netwerk gaat zorgen voor goede verhoudingen met het kabinet.

‘En terecht. Ik moet het oliemannetje of zo u wilt het olievrouwtje zijn. Er zijn Amsterdamse belangen die gediend moeten worden in Den Haag. Om te beginnen het aantal agenten. Met de drukte in de stad, het grote aantal toeristen hebben wij gewoon te grote schaarste. Daar ga ik over onderhandelen. En ik heb natuurlijk het voordeel dat de generatie die in Den Haag regeert, nog mijn generatie is.’

Pechtold is een vriend van u.

‘Ja, en met Mark Rutte heb ik het ook altijd heel goed kunnen vinden. Dus ik verheug me daar ook op.’

Dat wordt nog een hele klus. Want het progressieve college waar u vrolijk van wordt, botst soms hard met Den Haag. Met ­name over de krakende vluchtelingen van We Are Here.

‘De relatie is gepolariseerd. Ik heb mij ook verbaasd over die motie die in Den Haag is aangenomen over We Are Here. Dat men daar problemen heeft met hoe Amsterdam met vluchtelingen omgaat, kan ik me voorstellen. Maar de Tweede Kamer moet natuurlijk wel de gemeentelijke autonomie respecteren. Ik wil dat punt ook graag in Den Haag verdedigen.’

En de republiek Amsterdam moet ook iets minder provoceren?

‘Het is een mooie omschrijving, maar Amsterdam is geen republiek. Bij alle ambities die er in Amsterdam liggen voor de komende jaren – huizen van het gas af, grote infrastructurele projecten – heeft Amsterdam de regio en het landelijke bestuur hard nodig en kunnen wij ons geen enkele arrogantie veroorloven.’

Geert Mak zei bij het aftreden van Van der Laan dat Amsterdam de laatste decennia steeds geluk heeft gehad met burgemeesters die precies pasten bij wat de stad in die tijd nodig had. Stel dat u in die traditie past. Wat zegt dat over deze tijd?

‘Dat het een vrijzinnige tijd is… En dat dit een tijd van democratisering is. Dat er nieuwe mogelijkheden komen voor de mensen in de stad om zich gekend te voelen en mee te doen. Dat hoop ik.’

AMSTERDAMSE BURGEMEESTER FEMKE HALSEMA WIL HOEDSTER VAN DE VRIJHEID ZIJN

Met een lofzang op de vrijheid heeft Femke Halsema donderdagmiddag het burgemeesterschap van Amsterdam aanvaard.

DEZE ZES MENSEN WORDEN DE GROOTSTE LASTPOSTEN VOOR BURGEMEESTER HALSEMA

Van uitgeprocedeerde asielzoekers tot de brandweer: de zes grootste problemen voor Femke Halsema aan de hand van vijf bekende Amsterdammers en één Hagenees.

INSPIRATIE VOOR FEMKE HALSEMA: IN DEZE FILMS EN SERIES ZIJN VROUWEN DE BAAS

Ter gelegenheid van de burgemeestersbenoeming van Femke Halsema vroegen we filmrecensent en columnist Floortje Smit naar films en tv-series waarin vrouwen de baas zijn.

PROFIEL: VOOR FEMKE HALSEMA KOMT IN AMSTERDAM ALLES SAMEN

Toen haar naam voor het eerst viel als mogelijke opvolger van Eberhard van der Laan, kreeg Femke Halsema van alle kanten harde kritiek. Toch wordt zij de nieuwe burgemeester van de hoofdstad. In het logge Amsterdamse stadhuis wacht haar een zware taak, maar de functie heeft álles waar Halsema al jaren gepassioneerd mee bezig is.

ANALYTISCH STERKE FEMKE HALSEMA MOET NOG WEL WAT AMSTERDAMSE HARTEN VEROVEREN

In april legden we Halsema langs de meetlat van de vertrouwenscommissie. Lees dat hier terug.

Meer over