Felderhof ontmaskert niet

Na zes jaar excentrieke Nederlanders in De Stoel wilde Rik Felderhof wel weer eens iets anders maken. In zijn nieuwe programma Villa Felderhof nodigt hij bekende Nederlanders uit voor een korte vakantie in St Tropez....

DE OGEN van Rik Felderhof zijn onweerstaanbaar. Hij krijgt er verhalen mee boven tafel. Hij heeft dat trucje wel eens proberen uit te leggen aan zijn voormalige pupil Ursul de Geer toen deze moest worden klaargestoomd als NCRV-presentator - het is Felderhof nooit gelukt. De Geers ogen werden eerder minder oprecht door al dat gefrons, zijn presentatie krampachtig.

Oogcontact is niet te leren, een creatieve blik is uniek. Felderhof geeft zijn gasten ermee het gevoel dat hun verhaal het allerbelangrijkste op de hele wereld is. Zijn ogen zijn het geheim van zijn succes.

Wisten ze jarenlang excentrieke Nederlanders opmerkelijke verhalen te ontlokken in het NCRV-programma De Stoel, bij bekende Nederlanders als Jan des Bouvrie, Frank Govers en Willeke van Ammelrooy hebben ze andermaal het beoogde effect.

Na zes jaar De Stoel wilde Felderhof wel weer eens wat anders. 'Ik wil niet dat men mij automatisch koppelt aan excentrieke Nederlanders.' In zijn nieuwe programma Villa Felderhof nodigt Felderhof steeds twee bekende Nederlanders uit voor een korte paradijselijke vakantie in St. Tropez. Tijdens het verblijf in een luxueuze villa worden opmerkelijke gesprekken gevoerd.

In het 'gastenboek' van Villa Felderhof hebben alle logés een persoonlijk woordje aan hun gastheer gericht. Hoewel Herman Brood erin schrijft dat 'Wij U aksepteren zoals ik ben', zwaaien de andere gasten Felderhof niets dan lof toe.

'Dag Felderhof, Gij was TOF', schrijft Willeke van Ammelrooy. 'Dank voor het scheppen van voorwaarden waarin mensen van jou mogen bloeien', schrijft Adelheid Roosen. En zo gaat het maar door. 'Het lijkt wel of de mensen gehypnotiseerd waren', zegt Felderhof. 'Dat heeft me verbaasd.'

De eenvoudige analyse dat we hier met een ras-charmeur te maken hebben is niet voldoende. Felderhof is meer. Ook al is het soms louter onbeschaamd schmieren wat hij doet, zijn gasten schenken hem blind hun vertrouwen. Ze geven hem graag dat mooie verhaal waarnaar hij altijd op zoek is.

'Er lag een prachtige begraafplaats aan de overkant van de villa, op een heuvel', herinnert Felderhof zich. 'Als de zon op een bepaalde manier scheen 's ochtends, dan zag je de witte zerken. Het gesprek kwam daardoor soms op de dood. Kitty Courbois vertelde dat ze niet bij de begrafenis van haar vader aanwezig mocht zijn omdat ze daarvoor te jong werd geacht. Daardoor ontstond bij haar de fantasie dat haar vader door de wormen werd opgegeten. Dat heeft haar lang achtervolgd.'

Het mag soms lijken of Felderhof zijn gasten enkel laat uitspreken zonder daarin een structuur aan te brengen, toch is hij wel degelijk naar iets op zoek. 'Ik wil achterhalen waar de drive vandaan komt die deze mensen de top heeft doen halen. Of dat alleen maar de zucht naar geld of mooie huizen is geweest, of dat er iets of iemand achter zit die ze gestuurd heeft. Eigenlijk was er bij iedereen zo'n moment of zo'n figuur aan te wijzen.'

Maar op de vraag wat dan het mysterie achter Herman Brood is, een van de gasten in Villa Felderhof, moet de gastheer het antwoord schuldig blijven. 'Wie ben ik om dat te bepalen? Confronterende interviews houd ik niet, drammen doe ik nooit.'

Op wat hij wél loskrijgt, is hij trots. Ontboezemingen koestert hij. 'Ik dacht aanvankelijk dat het niet gemakkelijk zou zijn om Herman Brood te interviewen. Hij bleek echter een enorme behoefte te hebben aan gezelligheid, gearmd samen naar de stad, dat soort dingen. Ook had hij voor ons allemaal en zichzelf cadeautjes meegenomen. Zijn eigen cadeautje pakte hij uit als een kind.

'Hij was nog geen twee minuten binnen of hij vroeg al aan majoor Bosshardt of ze nog maagd was. Er ontspon zich een gesprek waarvan ik dacht: die twee redden zich wel, ik ga zwemmen.'

Wiegel had Felderhof ook graag onder de Franse zon gehaald en Annemarie Jorritsma kon pas in de week na de laatste opnamedag in St. Tropez. Maarten 't Hart had hartklachten en vond het een beetje eng om zo ver van huis te zijn en Boudewijn Büch zei: 'Ik ga nooit uit logeren.' Adriaan van Dis wilde het eerst wel eens zien, voordat hij toezegde. En Oltmans zou aanvankelijk ook komen, maar zag de combinatie met Adelheid Roosen niet zitten.

'Adelheid zelf had daar trouwens ook weinig fiducie in', zegt Felderhof. 'Ze wilde juist een keer in een programma waarin ze zich niet schreeuwend hoefde te verdedigen. ''Zo kennen de mensen me al'', zei ze.'

'Veertien dagen voor haar aankomst was haar vader overleden. Dat had haar enorm aangegrepen, maar ze was toch gekomen. De vader was bepalend die drie dagen, hij wás daar. Ik kwam op haar kamer. Ze had daar een altaar gemaakt met zijn foto's. Ik voelde dat ze ermee bezig was geweest, dat het een goed moment was om erover te beginnen.

'Ze las de toespraak voor die ze op de begrafenis had gehouden. De tranen stroomden over haar wangen, het was prachtig. Ik dacht: ''Dit geldt niet alleen voor jouw vader, maar voor alle vaders. Hier heeft iedereen iets aan''.'

FELDERHOF kan niet ontkennen dat hij soms meer op een psychiater lijkt dan op een programmamaker. 'Het kan natuurlijk niet altijd, maar ik probeer mijn gasten soms wel eens te helpen. Dat zit wel een beetje in me. Ik hou van een happy end.'

Felderhof geeft toe dat hij af en toe onbeschaamd op zoek is naar emotie. Hij en zijn cameraman Tjeerd Broekhuizen zijn er in de loop der jaren goed in geworden. 'We communiceren via onze voeten. Hij zit altijd naast mij met de camera dus als ik denk: nu gaat het gebeuren, nú komt die confronterende vraag, dan tik ik hem even op zijn voet. Hij begint dan in te

zoomen terwijl je mij hoort zeggen: ''Maar uw móeder dan?'' Dat werkt feilloos.'

Zijn lach klinkt gemener dan Felderhof in werkelijkheid is. 'Ik bescherm mijn gasten tegen zichzelf. Je kunt je afvragen of dat de meest pure vorm van journalistiek is. Verwacht wordt toch een beetje dat je tot op het bot doorfileert. Dát past dus niet bij mij. Er zijn grenzen.

'Op een gegeven moment vertelde Bart de Graaff dat het jaren geleden is dat hij voor het laatst heeft geplast. Omdat hij zijn nieren zelf spoelt, hoeft dat ook niet. Toen dacht ik meteen: functioneert je lichaam dan nog wel in een seksuele relatie? Toch vraag ik hem dat niet, uit een soort respect. Ik wil hem daarmee niet confronteren, laat hem dat geheim zelf bewaren. Je moet ze niet helemaal uitkleden.

'Ook wil ik dat mensen na afloop met een goed gevoel terug kijken. Zeker omdat ze me veel hebben gegeven. Dat heeft ook het voordeel dat het niet moeilijk is gasten voor het programma te krijgen.'

HET VUUR bestaat nog steeds, na achttien jaar radio en zeven jaar tv. 'De voldoening zit hem in de ontmoeting', verklaart Felderhof zich nader. 'Ik vind het heel interessant te horen hoe iedereen altijd het geluk naar zich toe probeert te harken. Dan is wel eens de vraag waar de leugen eindigt en de waarheid begint.

'Maar ook een leugen kan een hele boeiende filosofie of een sprankelende gedachte opleveren. Dat is inderdaad een slechte journalistieke houding. Maar soms léven mensen in een leugen en is die leugen een hele comfortabele jas geworden.

'Ik ben er niet op uit die jas af te gooien. Ontmaskeren vind ik te negatief, ik vind blootleggen mooier. Net zoals de archeoloog met zijn schepje hoop ik dat er iets moois tevoorschijn komt - een tempel of een ruïne. Ik geef de mensen juist de kans om uit te leggen waarom ze zo willen leven. Ik plak daar geen oordeel aan. Het is aan de kijker om te oordelen.'

Hij vindt dat hij daarmee past in het profiel van de NCRV. Een omroep die, zo vindt Felderhof, mensen respecteert. Zijn geloof in een god noemt hij à la carte. Hij bezoekt soms een katholieke dan weer een grieks-orthodoxe kerk.

'Ik ben heel spiritueel ingesteld. Ik wil niet ontkracht zien dat er meer is, dat er zielen zijn die nog ronddolen, dat er voorzienigheid of een lotsbepaling is, dat tekenen bestáan.

'Laatst zag ik een schoonmaakster op het vliegveld die als twee druppels water op mijn overleden moeder leek. Ze raapte en dweilde viezigheid met een waardigheid zoals mijn moeder die ook had. Dan wéét ik gewoon dat daar een boodschap voor mij inzit. Het is niet voldoende zo'n situatie af te doen met ''vrouw lijkt op moeder'', ik wil daaraan een extra dimensie toevoegen.

'Ik denk dat mijn moeder me daarmee heeft willen vertellen dat ik beide benen op de grond moet houden, nederig moet blijven. Omdat het heel gevaarlijk is als je aandacht krijgt en succes hebt. Naïef hè? Ik vind dat heerlijk.'

Ambities heeft Felderhof nog genoeg. Bijvoorbeeld om Barbra Streisand en Meryl Streep te interviewen, ook heeft hij zijn idolen. 'Ruby Wax bewonder ik enorm. Dat vind ik een dijk van een wijf omdat ze zo ongegeneerd en ongeremd zichzelf is. Daar ben ik wel eens jaloers op. Dame Edna vind ik ook fantastisch. Dat is misschien wel de sterkste vrouw die we ooit op televisie gehad hebben.

'Thuis speel ik ook wel eens zo'n tante. Die komt op de proppen als ik commentaar wil leveren op gebeurtenissen in huis. Bijvoorbeeld als ik een fout heb gemaakt en daarover ruzie maak met mijn vrouw. Als ik dan weg loop, laat ik tante zeggen: (Felderhof vertrekt zijn gezicht en zet een hoog stemmetje op) ''Waarom word je nou zo boos op die jongen? Dat is toch helemaal nergens voor nodig. Zo erg is het toch ook weer niet, hij heeft gewoon hard gewerkt vandaag''.'

'Dan zegt mijn vrouw later: ''Goh, ik heb gehoord van tante dat je hard gewerkt hebt en dat ik niet zo vervelend tegen je moest zijn''. Ik herken dus wel wat in Dame Edna. Je kan je dingen veroorloven omdat de kijker weet dat er een rol gespeeld wordt. Daar zou ik wel plezier aan beleven.' En dan, een tikje malicieus, 'maar eigenlijk hebben we Maarten 't Hart daar al voor.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.