Feestmuziek met boodschap

Op de vernieuwde ska-muziek van The Specials moest vooral gedanst worden, hoe grimmig de boodschap in de teksten ook kon zijn....

Jerry Dammers was al rocker, hippie, skinhead en punk geweest toen hij in 1978 met twee vrienden Special AKA oprichtte. Wat hij voor ogen had, was een band die ‘punky reggae’ speelde. Hij wilde er meteen ook een eigen platenlabel aan verbinden, waarop het liefst multiraciale bands een nieuwe combinatie brachten van Jamaicaanse dansmuziek met snelle naar punk neigende rock ’n’ roll.

Helemaal nieuw was het idee om punk met reggae te combineren niet. Reggae was al populair in de Londense punkkringen. Johnny Rotten van de Sex Pistols gaf er in interviews hoog over op en op het eerste album van The Clash stond een cover van de reggaehit Police And Thieves van Junior Murvin.

Maar in het Britse Coventry bedacht Dammers dat hij verder terug wilde in de Jamaicaanse muziekgeschiedenis. Naar het midden van de jaren zestig, toen reggae nog ska of rocksteady heette en hij als piepjonge mod al tussen de soulplaatjes door danste op ska van Prince Buster.

Een meesterzet, zo bleek. Meteen al vanaf de eerste single Gangsters (een bewerking van de Prince Busters hit Al Capone, verschenen op Dammers’ label 2-Tone) sloeg de mengvorm van ska en punk enorm aan. Niet alleen werden The Specials, zoals Dammers zijn inmiddels tot een zevental uitgebreide band noemde, razend populair. Er meldden zich in de vorm van Madness, The Beat en The Selecter nog andere bands bij zijn label met min of meer dezelfde muzikale ambities.

Waar de meeste postpunkbands zich in 1979 terugtrokken in naargeestige, donkere doemmuziek, bood label 2-Tone de danslustige muziekliefhebbers een alternatief. Want hoe grimmig de boodschap in de teksten ook kon zijn, op deze vernieuwde ska-muziek moest vooral gedanst worden. Ska werd een heuse dansrage. In clubs en concertzalen waren de liefhebbers meteen te herkennen aan het zwart-wit geblokte 2-Tone motief van het labellogo. Ook in Nederland hadden naast The Specials (A Message To You Rudy, Too Much Too Young), Madness (One Step Beyond, Nightboat To Cairo), The Beat (Tears Of A Clown) en The Selecter (On My Radio) behoorlijke hits.

Dammers had dit allemaal goed voorzien, ska was in de jaren 1979-1980 voor even razend populair. Maar zelf had hij er al weer genoeg van, zo leek het. In oktober 1980, een jaar na het verschijnen van het albumdebuut Specials verscheen More Specials, waarop de band veel meer muziekstijlen in zijn sound had geïntegreerd. Dammers wilde van ska naar John Barry-achtige loungemuziek, wat ook goed lukte. Alleen hield hij weinig rekening met de wensen van zijn bandleden. Die hadden nog best even door willen gaan met het spelen van feestmuziek met een boodschap.

Maar Dammers hield ook in 1980 al niet van stilstaan en terugkijken. Hij raakte snel verveeld, ook met zijn eigen muziek, en het werd steeds moeilijker The Specials bij elkaar te houden.

Hun laatste single bleek meteen de meest succesvolle. Ghost Town verscheen in juni 1981 en leverde in de steden van het Verenigd Koninkrijk de soundtrack voor een door rassenrellen geteisterde zomer.

Het was de zwanenzang van The Specials, die eigenlijk nauwelijks meer dan twee jaar actief waren geweest. Zanger Terry Hall begon met twee Specials een nieuwe band, Fun Boy Three en Dammers zelf ging door als The Special AKA.

Beiden niet zonder succes, maar The Specials konden ze er niet mee doen vergeten. Die muziek – vastgelegd op twee albums en een reeks singles – bleek met de jaren niks aan zeggingskracht te verliezen. Tot op de dag van vandaag groeien nieuwe generaties popliefhebbers ermee op. Damon Albarn (Blur, Gorillaz), Tricky, Lily Allen en Amy Winehouse geven allen toe schatplichtig te zijn aan The Specials. Een roep om een reünie kon niet uitblijven, al was het maar omdat de meeste bandleden het repertoire live nogal eens ten gehore brachten.

Wilde The Specials weer samenkomen, dan moest niet alleen zanger Terry Hall bereid gevonden worden zijn isolement te doorbreken, ook Jerry Dammers moest worden verleid zich neer te leggen bij door hem verafschuwde nostalgische sentimenten.

De rest wilde wel, maar Jerry en Terry lagen lange tijd dwars. Een opening kwam er twee jaar geleden, toen de zanger bij wijze van therapie (hij is al jaren manisch-depressief) werd aangeraden weer terug te keren naar die jaren waarin hij succesvol was. Ook Dammers, van wie decennia lang weinig werd vernomen, stemde toe.

Maar niet voor lang. Hij kon zich niet vinden in het idee van The Specials louter als een band uit het verleden en wilde ook nieuw werk of vernieuwde versies van oud werk integreren. Hier zag de rest van de band niks in. Zij gingen door als The Specials, maar dan zonder hun oprichter en muzikaal leider, Jerry Dammers.

Merkwaardig en jammer, zo op het eerste gezicht. Maar tijdens twee grote Britse tournees vorig jaar bleek dat de muziek van The Specials ook zonder Dammers nog niets aan zeggingskracht heeft verloren. De meerwaarde ten opzichte van eerdere hergroeperingen (zoals onder de naam Special Beat) zit ’m in de zang van Terry Hall. Zijn emotionele, soms overslaande stem draagt nog altijd nummers als Gangsters, Rat Race en Do The Dog. Hoe jammer het ook is dat de geestelijk vader van de band er niet bij is, zijn orgelgeluid bleek op het podium prima door een vervanger te kunnen worden gesimuleerd. De enige echt onmisbare schakel voor een uur lang opzwepende Specials-nostalgie heet Terry Hall, en die is er vrijdag op Lowlands gewoon bij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden