Fascinerend en intiem festival

Meeslepend festival met grote namen als de oude Pressler en Prégardien.

Voor de tiende maal is violiste Janine Jansen neergestreken in Utrecht, in het gezelschap van en stoet aan kleine en grote muzikale coryfeeën. Omdat Muziekcentrum Vredenburg nog altijd wordt onderworpen aan radicale make-over, is haar jaarlijkse Internationaal Kamermuziekfestival als een fragmentatiebom uitgespat over meer dan twintig kleinere locaties, wat wel zo feestelijk is en goed past bij het intieme genre dat kamermuziek in wezen is.


De Geertekerk was vrijdag maar net groot genoeg om alle belangstellenden een plaatsje te bieden. Naast Jansen zelf was de grote trekpleister Menahem Pressler, voormalig pianist van het wereldberoemde Beaux Arts Trio en ondanks zijn 89 jaar nog altijd soepel in de vingers. Hij bewees het in Schuberts Vioolsonate, die hij samen met Jansen een gedenkwaardige vertolking gaf. Jansen is twee hoofden groter en meer dan vijftig jaar jonger, maar de twee zaten volstrekt op één lijn. Vooral in het geheimzinnige derde deel, een Andantino was hun communicatie fascinerend.


Bij het nieuwe werk van de Nederlandse componist Michel van der Aa, Miles away, ging er een dimensie verloren doordat de tekst niet in het programmaboek stond en ondanks de levendige voordracht van Christianne Stotijn niet goed verstaanbaar was. Dat gold ook voor het voorgaande And how are we today?, dat eveneens gebaseerd is op een tekst van de Britse dichteres Carol Ann Duffy. Deze twee bondige stukken moeten samen met een derde, nog te schrijven compositie een Duffy-trilogie worden.


Verrassend is het motorische, jazzy en Amerikaans aandoende idioom dat Van der Aa hier exploreert in de piano- en de contrabaspartij, hier vertolkt door bespeeld door Jendrik Springer en Rick Stotijn. In het op verzoek van Jansen geschreven Miles away heeft hij aan deze bezetting een viool toegevoegd. Het nieuwe werk is verstilder dan het openingsdeel, maar bevat ook een paar ritmische uitspattingen, mooie contrapuntische passages tussen viool en bas en schitterende akkoorden, die door Stotijns gevoileerde stem een heel speciale kleur krijgen.


Pianist Pressler verplaatste samen met tenor Christoph Prégardien met Schuberts Winterreise zijn gehoor naar een andere wereld. Prégardien is al net zo'n topmuzikant, en heeft in weerwil van zijn expressieve huidplooien een stem waar nauwelijks een groefje op te bekennen is en die van hoog tot laag even genuanceerd en expressief is. De 24 liederen vormen een traject vol mistroostigheid en nostalgie waarin de kilte allengs toeneemt. Samen met Pressler, die akkoorden laat klinken als klankkussentjes, weet hij ook bij stormachtige passages tinten te mengen en alom subtiele nuances op te diepen.


In Mahlers Das Lied von der Erde, uitgevoerd in de door Rainer Riehn voltooide bewerking van Arnold Schönberg voor veertien instrumenten, werd die magie niet geëvenaard, al etaleerde het ensemble, met Jansen als eerste violiste, een verbluffende klankrijkdom. Tenor Toby Spence kwam er met zijn heldere, strakke voordracht met moeite bovenuit, wat gezien de uitbarstingen die Mahler tot stand brengt geen schande is. Het aandeel van Christianne Stotijn was doorleefd en intens, maar af en toe sloeg haar vibrato even wijd uit als dirigent Pablo Heras-Casado. En in het laatste lied, het uitgerekte Das Abschied, wreekt zich dat het arrangement, ondanks het kaliber van de musici, toch de panoramische werking ontbeert van een groot orkest.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.