Eyeliner op de stormbaan

Zowel in de schutters putjes als op de carrireladder zijn de obstakels voor vrouwen in het leger niet altijd even zichtbaar....

tekst Nell Westerlaken

Hofstede, pak effe mee aan!'

Twee uur in de middag op de Generaal Spoor Kazerne in Ermelo; een groepje militairen sjouwt met verbandtrommels en een brancard. Een oefening in gewondenverzorging. Soldaat Hofstede komt aanrennen op commando van sergeant Hus.

Na half vijf, als het gevechtspak uitgaat, heten ze Nicole en Maaike, in werktijd gelden alleen hun rangen en de kale achternamen die op de rechterkant van hun uniform zijn te lezen.

Terwijl leeftijdgenotes in de burgermaatschappij dumpstores afstropen voor trendy kleren, staan enkele soldaten en sergeants van het derde peloton genezerikken uit Er me lo elke werkdag in camouflagepak op het kazerneterrein. Paardenstaart onder de gevechtspet, wat mascara, een streepje eyeliner misschien, geen franje. 'Maar je moet wel jezelf zijn. Als je net doet als een kerel, lig je eruit', zegt sergeant Van Nieuwburg (32, Yvonne). De rest knikt instemmend.

Ze hebben er bewust voor gekozen of ze zijn erin gerold: 'Het was eigenlijk een grapje. Met een vriendin en een nichtje had ik afgesproken dat we ons zouden opgeven voor de landmacht', vertelt soldaat Pompies (20, Tamara). De vriendin werd afgekeurd, het nichtje 'kreeg een vriend en wilde toen niet meer'. Pompies zelf is bezig aan haar laatste dag op de kazerne. Ze vertrekt naar de vredesmissie in Bosnië, als ambulancechauffeur en gewondenverzorgster bij sfor15.

'In deze baan kun je lekker actief bezig zijn op de hindernisbaan en kun je tenminste op uitzending', zegt Van Nieuwburg, die in kleermakerszit heeft plaatsgenomen op de tafel in de werkloods. 'Vriendinnen thuis zitten zich druk te maken over zoiets als een gebroken nagel.' Voor de deur staan een paar militaire ambulances waarmee de vrouwen en hun mannelijke collega's van de ziekenautocompagnie trainen. Plunjebalen langs de wanden, een stapel groene brancards naast de materiaalkasten. Alsof ze in een wervingsspotje van de landmacht zitten, noemen de jonge vrouwen de afwisseling, het avontuur en het 'lekker fysiek bezig zijn' als pluspunten van het militaire leven. Sergeant Hus (22): 'veel vrouwen kunnen er niet tegen om de hele week van huis te zijn en je doet nu eenmaal ook wat minder eh, vrouwelijke dingen.'

IJzervreters

Het is nog niet zo heel lang geleden dat meiden werden toegelaten tot de stoere wereld van 'onze jongens'. De gescheiden vrouwenafdelingen van de krijgsmacht werden in 1980 opgedoekt, vrouwen konden vanaf die tijd het 'gewone' leger in. Dat was niet alleen slikken voor doorgewinterde ijzervreters, voor leden van het old boys network der officieren en (toen nog) dienstplichtige militairen. Echtgenotes van marinemannen klommen in de hoogste boom om vrouwen te weren van het scheepsdek, lees: de kooien van hun partners. Inmiddels heeft de marine met ruim 10 procent iets meer vrouwen in haar gelederen dan de landmacht, de luchtmacht en de marechaussee. Niet zo vreemd, de marine kan immers 'in kostuum' vechten, zoals een medewerker van het Ve te ranen instituut het uitdrukt. Oorlog op zee bestaat voor een groot deel uit technisch geavanceerd werk.

Maar 23 jaar na de integratie van vrouwen staat de krijgsmacht nog steeds te boek als het laatste blanke mannenbolwerk, en wie de cijfers ziet, kan er moeilijk omheen: slechts 8,6 procent van het militaire personeel is vrouw. Te weinig, vindt minister Kamp van Defensie, in 2010 moet dat 12 procent zijn. Vrouwen zullen daarom worden ontzien tijdens de op handen zijnde ontslag rondes.

De komst van vrouwen in de kazerne verliep in de beginjaren niet altijd even gelukkig, en dat lag niet alleen aan de mores in een organisatie die sinds eeuwen een macho-bastion is. Luitenant-kolonel Henny Snellen heeft ze binnen zien komen, de meiden van de middelbare school met in de ene hand een plunjebaal en in de andere een beautycase. 'Halverwege de jaren tachtig werd bij de aanname van vrouwen in tijdelijk dienstverband wel eens te weinig gekeken naar wat men in huis haalde. Als het maar een vrouw was. Een aantal kon fysiek niet meekomen of had niet de juiste mentaliteit. Ik kreeg wel eens de indruk dat sommigen vooral het leger ingingen om een officier aan de haak te slaan. Het werkte vooroordelen in de hand. Gelukkig is daar snel verandering in gekomen.'

Overste Snellen (41, geen make up, 'alleen in mijn vrije tijd') spreekt vanuit haar functie als voorzitter van het Defensie Vrouw en Netwerk, een belangenorganisatie van voornamelijk officieren. In het dagelijks leven is ze hoofd van het bureau strafen tuchtrecht van de bevelhebber der landstrijdkrachten. Nadat ze in 1978 koos voor een legercarrire 'de woeste Russen waren nog een bedreiging' doorliep ze vlot de verplichte stadia van de militaire hiërarchie. Ze was de eerste vrouwelijke batterijcommandant de verantwoordelijke voor een compagnie artilleristen en hiermee waarschijnlijk ook internationaal een unicum. Met de commando's (geen vrouwen) en de Luchtmobiele Brigade wordt de infanterie beschouwd als de meest 'mannelijke', want fysiek zware, afdelingen van de krijgsmacht.

Hoewel in een aantal legerfuncties nog altijd harde labeur moet worden verricht, is de afgelopen tien, vijftien jaar veel verbeterd, zegt Snellen. De infanterie oorspronkelijk het 'voetvolk' verplaatst zich tegenwoordig vooral per pantserwagen. Viertonners, vroeger met de hand geladen, zijn mede op initiatief van het Defensie Vrouwen Netwerk uitgerust met laadkraantjes. Zo zijn meer aanpassingen gedaan 'waar ook mannen blij mee zijn', aldus Snellen. 'De werkgroep Vrouw en Ergonomie werd al snel omgedoopt in Mens en Ergonomie.'

Vredesmissies

Ze hebben geen van allen het postuur van Martina Navratilova, en wat technisch inzicht betreft 'gaat bij ons wel eens wat eerder het licht uit', maar de meiden van de Ermelose ambulancedienst horen eigenlijk zelden klachten van hun mannelijke collega's. Omgekeerd hebben ze ook geen klagen. Althans op de kazerne niet. Tijdens vredesmissies is dat wel anders, zegt sergeant Hus, 'maar hier zijn ze gewend aan onze aanwezigheid. Als we met vier vrouwen een brancard moeten tillen, helpen de mannen vaak uit zichzelf een handje'. Buiten op het grasveld verbinden twee vrouwen een gefingeerde wond die met een balpenstreep is aangegeven op het bovenbeen van een mannelijke collega. Instructies: 'Nee, nee, niet zo: het is een pulsérende wond!'

Collegiaal en amicaal tijdens werkuren, na half vijf blijken in de woongebouwen van Ermelo verschillende werelden te bestaan. Soldaat Houkamp (Corine, 21) is met een aantal andere vrouwen een knutselclubje begonnen. 'We zetten een potje thee en kijken lekker samen naar Goede Tijden.' De kamer die soldaat Hofstede deelt met drie andere vrouwen is spic en span. Knuffelbeesten, ansichtkaarten en foto's vullen de bedden en de bureautjes, die door halfhoge schotten zijn gescheiden. Waar in de mannenkamers foto's uit de Playboy en de Hustler zijn opgeprikt, hangt op de 'pornolat' bij de vrouwen een poster van de Simpsons.

Met geile praatjes zeggen de vrouwen wel raad te weten. 'Als het weer eens over bier en tieten gaat, zeg ik er wat van en meestal luisteren ze wel', zegt Hus. 'Maar het maakt wél verschil, met hoevéél vrouwen je bent'. Collega Van Nieuwburg: 'Toen ik in 1993 kwam, was ik een van de twee vrouwen op de hele kazerne. Ze keken naar je alsof je een stuk rosbief was. Daar werd je echt niet blij van.' Over de seksuele incidenten waardoor de 'Generaal Spoor' in opspraak is geraakt, zijn ze kort: incidenten w ren het, 'en daar wordt dan de hele kazerne op aangekeken'.

Seksuele intimidatie

Drieëntwintig jaar na de integratie van vrouwen in het leger blijkt nauwelijks gedegen onderzoek voorhanden naar sekse-onderscheid onder militair personeel. In 2002 hield kpmg in opdracht van Defensie een enquête naar ongewenst gedrag onder 10 procent van de hele krijgsmacht, inclusief het burgerpersoneel. Ongeveer de helft van de aangeschreven personen reageerde. Op de vraag waar men 'aanzienlijk tot veel last' van had, noemde 4 procent geslachtsdiscriminatie. Tussen de 1 en 4,3 procent van de respondenten was in de voorgaande twaalf maanden slachtoffer geworden van respectievelijk seksuele intimidatie, lichamelijk lastigvallen, stalking, chantage en discriminatie. Maar wie waren die slachtoffers? Onderscheid tussen mannen en vrouwen, toch cruciaal wat dit soort klachten betreft, is in het onderzoek niet gemaakt. Hoge en lage functies, etnische minderheden, homo's: ze zijn niet terug te vinden in de uitkomsten.

Niettemin concludeerde de staatssecretaris van Defensie dat uit soortgelijk onderzoek onder de hele vaderlandse beroepsbevolking blijkt dat bij Defensie 'over de gehele linie minder vormen van ongewenst gedrag worden waargenomen.'

Maar Defensie, en zeker het militaire deel ervan, is nog lang geen afspiegeling van de burgerberoepsbevolking. Niet in cijfers en niet in werkklimaat. Inmiddels bestaat in de krijgsmacht wel een netwerk van vertrouwenspersonen en een meldpunt voor ongewenst gedrag, overigens niet speciaal voor vrouwen.

Hoe de verhoudingen liggen in de praktijk, wordt vrij snel duidelijk bij het bekijken van verschillende vakbladen voor Defensie per soneel. Geen twijfel mogelijk: It's a man's world. In een aantal bladen is anno 2003 zelfs niet één vrouw te vinden, met uitzondering van het blad Xrcise, van de vakbond voor Beroeps Bepaalde Tijders militairen die voor een beperkte periode van enkele jaren hebben getekend. Op de cover van het blad staat een burgermeisje, type lekker wijf. Binnenin begeleidt nationale beroeps-pin up Monique Sluyter haar column 'Op een dag had ik borsten' met een foto van zichzelf in wat je werkkleding zou kunnen noemen.

Gepantserd plafond

Zowel in de schuttersputjes als op de carrireladder zijn de obstakels voor vrouwen in legergroen, luchtmachtgrijs en marineblauw niet altijd even zichtbaar en benoembaar. Het is geen groot geheim in militaire kringen dat het old boys network van officieren nog altijd veel meer invloed heeft dan soortgelijke netwerken in het bedrijfsleven. Eerder dit jaar zei gedragswetenschapper Jolanda Bosch in een toespraak ter gelegenheid van 25 jaar vrouwen op de Koninklijke Militaire Academie (kma), de hoogste militaire opleiding: 'De doorstroom van de vrouwelijke officieren naar de hogere functies wil nog niet zo vlotten. () Het spreekwoordelijk glazen plafond lijkt bij Defensie eerder op een gepantserd plafond.'

Ze gaf in haar speech ook een veelzeggend voorbeeld van legerhumor: op de kma hangt een gedenksteen voor de cavalerie met de tekst: 'Aux femmes, aux chevaux à ceux qui les montent', 'Op de vrouwen, op de paarden, op hen die ze bestijgen'. De tekst dateert niet uit de negentiende eeuw, maar uit 1988, tien jaar nadat de eerste vrouwelijke cadetten hun intrede maakten op de academie.

En hoe zit het met de eerste vrouwelijke generaal, waarvan minister Kamp dit jaar zei dat die in 2010 zou kunnen aantreden? 'Die kan er al zijn in 2005, want er zijn zeer geschikte kandidaten', zegt overste Snellen gedecideerd. 'Daarvoor hoeft zo'n vrouw alleen maar een verkort carriretraject af te leggen wat ook gebeurt in andere militaire functies.' Een officier die anoniem wil blijven 'ik wil nog even door hier' spreekt van 'stukken antiek' en 'macho's' in de hogere regionen van 's lands legerleiding. Wie als officier naar de hoogste rangen wil, kan niet zonder de officeuze instemming uit deze antiekwinkel.

Defensie lijkt er niettemin veel aan te doen om vrouwen te werven en te behouden. Op de regelingen voor deeltijdwerk, zorgen ouderschapsverlof en herintreding is niets aan te merken. Behalve dat je op de werkvloer niet voor vol wordt aangezien als je er gebruik van maakt. 'Het hangt natuurlijk sterk af van de leidinggevende persoon, maar als je in deeltijd wilt werken, tel je eigenlijk niet mee', zegt een onderofficer. Ze besloot het krijgen van kinderen uit te stellen. 'Het is ook moeilijk om als moeder te worden uitgezonden. Je bent een halfjaar van huis.' Vrouwen kunnen uitstel krijgen van vredesmissies, totdat de kinderen vier jaar zijn.

Sergeant Hus uit Ermelo is er uitgesproken over: 'Als ik kinderen krijg, wil ik niet hier op de hei blijven rondhuppelen, dan stop ik.' Haar vriend is ook militair. M/v-problemen te velde zijn vaak scherper dan in de relatief 'veilige' omgeving van de kazerne. Hus: 'In Bosnië kreeg ik de hele dag opmerkingen naar m'n hoofd. Ze zijn echt niet blij als ze de hele dag met jou door de heuvels moeten sjouwen, ook al doe je het net zo goed als zij. Helemaal in het begin waren er geen aparte toiletten voor vrouwen. Kwam je in de wc, lag er weer een kwakkie. Niet leuk.'

In 1999 en 2000 sloot de antropologe Liora Sion zich aan bij twee Nederlandse vredesmissies, in Bosnië en Kosovo, om (onder meer) onderzoek te doen naar de positie van vrouwen tijdens vredesmissies. Met haar achtergrond als infanterie-instructeur in het Israëlische leger had ze een stevige voorsprong op haar onderzoeksgroep. De vrouwelijke soldaten die ze ontmoette waren meestal niet bepaald feministen. 'De meesten zagen hun militaire tijd als een levenservaring, maar waren niet van plan lang in het leger te blijven', concludeert ze. Vrouwelijke militairen werden herhaaldelijk door hun collega's buitengesloten. Soms gebeurde dit met als argument dat de lokale bevolking de aanwezigheid van blonde vrouwtjessoldaten niet zou tolereren. Andere keren werd door de mannen verondersteld dat vrouwen het fysiek niet aan zouden kunnen. Ze citeert een infanterie-officier: 'Ik ben tegen vrouwen in gevechtseenheden. In mijn ogen verslechteren ze de kwaliteit van de krijgsmacht.' Vrouwen zijn minder sterk, meent hij, daar kunnen ze toevallig niks aan doen. Echter: 'Ze zeggen ook dat vrouwen mentaal sterker zijn, maar daarover heb ik mijn twijfels.' In vrouwelijke Nederlandse officierskringen worden die twijfels grinnikend ontvangen. 'De infanterie? Die mannen zien zichzelf als gevechtsbikkels. Komt er een vrouw die net zo goed is als jij, dan ben jij ineens geen bikkel meer.' Overste Snellen benadrukt het belang van 'vrouwelijke' eigenschappen: 'Tij dens vredesmissies is het belangrijk dat je goed kunt communiceren, bijvoorbeeld als er een stel oproerkraaiers naar jouw controlepost komt. Vrouwen praten makkelijker, mannen willen wel eens wat sneller naar de luchtbuks grijpen.'

Lekker mutsen

De vrouwen tijdens de vredesmissies, zag Sion tijdens haar veldonderzoek, waren sterk geneigd gewoonten en normen van de mannen aan te nemen. Ze koesterden soms hun zelfveroverde plaats tussen de mannen ten koste van elkaar. Onderlinge vrouwelijke solidariteit was vaak ver te zoeken, ook al werden ze niet helemaal door mannen geaccepteerd. De mannen daarentegen voelden zich bedreigd: door de aanwezigheid van vrouwen verwaterde hun unieke status en hun machocultuur.

Sergeant Van Nieuwburg was twee perioden in Bosnië en één in Kosovo: 'Die kerels vonden het toch wel gezellig hoor, dat wij er waren. Wij gingen in onze vrije tijd bijvoorbeeld muffins bakken of onze haren kleuren lekker mutsen. Ze zijn daar best wel jaloers op. Zij zoeken altijd elkaar op, terwijl wij ons ook wel eens alleen terugtrokken om een boek te lezen of een brief te schrijven. Man nen zijn nu eenmaal wat minder zelfstandig.'

Hus: 'Maar niet alle vrouwen zijn aardig voor elkaar. Er zitten ook kattige tussen, en vrouwen die per se met de mannen willen meedoen.' Van Nieuwburg: 'Dat moet je natuurlijk nooit doen. Als ze zien dat je je best doet, word je geaccepteerd, maar je moet wel zorgen dat je vrouw blijft.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden