Extreme Bulgaarse wint duister dansconcours

De dans van de toekomst hult zich in duisternis. Hier en daar valt een plas licht waarin een arm kan baden, een vonk laat geschoren danserskoppen opgloeien als lucifers, de kleuren van een streng feestverlichting versterken de armoe van een tafereel....

Van onze verslaggever

Ariejan Korteweg

GRONINGEN

Wat niet wil zeggen dat de toekomst van de dans donker zou zijn. Het niveau van de deelnemers aan het Internationaal Choreografen Concours, dat dit weekeinde in de schouwburg van Groningen werd gehouden, lag wat hoger dan twee jaar geleden. Genante inzendingen ontbraken en de veertien voorstellingen van rond de tien minuten die mochten meedingen naar de hoofdprijs, waren divers genoeg om een zaal aangenaam bezig te houden.

Die diversiteit wordt door de afkomst van de choreografen in de hand gewerkt. De inbreng van Frankrijk, Nederland en België, waar de moderne dans een min of meer geaccepteerde kunstvorm is, was nooit eerder zo gering. Vijf van de zeven finalisten kwamen uit Midden- en Oost-Europa. Tien jaar geleden, toen het concours voor het eerst werd gehouden, was dat nog ondenkbaar. De techniek van het klassieke ballet wordt allang wereldwijd onderwezen. De laatste jaren raken ook de vele talen van de moderne dans steeds wijder verbreid.

Of dat voor het concours een onverdeeld gunstige ontwikkeling is, valt nog te bezien. Dans uit Midden- en Oost-Europa maakt vaak een gedateerde indruk: veel anekdotiek, veel drama, veel cabareteske invloeden ook. Deze vermenging van dans met theater lijkt in Nederland op z'n retour.

De drie Nederlandse deelnemers aan de voorronde (van wie er een de finale zou halen) zorgden voor de meest dansante inbreng.

Ederson Rodrigues Xavier, een uit Brazilië afkomstige danser van Scapino Rotterdam, stak in dat opzicht met kop en schouders boven de anderen uit. Zijn Quartert, een choreografie voor vier dansers, is een hoorn des overvloeds. Met gulle hand deelt hij uit, alsof hij zijn leven lang heeft gespaard en nu zijn zakken vol met bewegingsvondsten leegt: schouders die links en rechts even opwippen, lichamen die vervaarlijk hellen, heupen die een eigen leven leiden.

In zijn dans paart hij snelheid aan souplesse, een hechte constructie aan aandacht voor detail. Hij werd daarbij flink geholpen door de dansers van Scapino die zijn stuk vertolkten. Want al wil Groningen de choreografen belonen, de kwaliteit van de uitvoering bepaalt in niet geringe mate de indruk die de choreografie maakt.

Ook de Hongaar Istvan Juhos heeft dat begrepen. In zijn zwarte rok is hij een forse krijger van de poesta, zijn partner Panja Fladerer is een klein en fragiel meisje. Ze steken de koppen bij elkaar in een lichtstraal, rollen en buitelen en slaan de ander, of schroeven zich in elkaars ledematen, opgejaagd door de gezwollen muziek van Arvo Pärt. Aan het eind van CSendes Dal (lied in stilte) lopen ze elkaar ondersteunend weg.

In zo'n dans kun je de jaargetijden zien, of levensfasen, of scènes uit een huwelijk. Het publiek in de Stadsschouwburg had in elk geval houvast genoeg en beloonde Juhos zaterdag met de publieksprijs.

Hoe goed ook gedanst, een dergelijk duet van wieg tot graf blijft voorspelbaar. Veel onverwachter was A Never Ending Story van de Bulgaarse Galina Borissova. Onder een snoer met gekleurde lampjes wordt een feestje gebouwd, maar de stemming wil er niet inkomen. Heupen, halzen, ogen, schouders, alles spreekt van spanning. Geleidelijk ontlaadt die zich in een bizarre paniekdans, die aan Mr. Bean doet denken. Het lijkt op een ontaardend personeelsavondje. Maar als de eerste voorstellingen zijn gegeven in de Militaire Club in Sofia, dan mag je bij deze dans misschien aan een volk denken dat het verleden van zich afschudt. De jury, die onder leiding stond van Carel Alphenaar, kende haar de eerste prijs toe.

Nooit geweten dat in Bulgarije zulke extreme dans wordt gemaakt. Van Kroatië was dat al wel bekend. Emil Matesic stond per slot ook twee jaar geleden in de finale van het concours. Hadden we toen uitsluitend zicht op ruggen, dit keer krijgen we de hele danser in beeld. Twee mannen in strakke heupbroeken en met het lichaam van afgetrainde heiligen wiegen op ouderwetse rockmuziek. Popsterren zijn ze, ikonen van deze tijd die zich in de warme gloed van de schijnwerpers koesteren. Aan het slot vallen ze in de armen van hun Maria. De kruisafname is voltooid, Rock 'n' Roll laat niets te raden over, en dat is altijd jammer.

Even voorspelbaar is Intertwining van de Oostenrijker Willy Dorner. Dit fysieke mannenduet begint sterk, maar omdat de twee elkaar vakkundig op afstand houden en een keurig evenwicht bewaren, blijft de spanning uit.

Cabareteske dans was er van Karen-Margrethe Jensen, die voor haar En Postmodernistik Folkedans de tweede prijs kreeg. Vier in nuffige rode pakjes gestoken Denen updaten met handgebaartjes en vrolijk gehuppel het sprookje Roodkapje. Timing en lichte ironie doen een tijdlang hun werk, maar dans en humor leven zelden lang en gelukkig samen. Dat onderstreepte ook de Duitse Frauke Havemann met Tripping on the Tongue, een tableau vivant over twee geestverschijningen en hun trouwe helpers.

Met Borissova en Jensen heeft de jury eerder humor en presence van de uitvoerders gehonoreerd, dan choreografische kwaliteit. In workshops waar dansers van gezelschappen hun probeersels tonen, is vaak meer fantasie en vernuft te zien dan nu op het podium van de Stadsschouwburg aan de dag werden gelegd. Wanneer het concours van Groningen een rol van betekenis wil spelen, dan zal talent in binnen- en buitenland actief moeten worden gezocht en tot daden aangezet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden