Extreem en prettig gestoord

Genie en waanzin liggen in elkaars verlengde. Gekte is de poort naar verborgen werelden, de deur die toegang geeft tot een tweede wereld die doortrokken is van diepe gevoelens en fantasieën, driften, buien en vlagen....

'Het verschil tussen een gek en mij', zei Salvador Dali ¿ , een van de door Michel Braudeau in Six excentriques geportretteerde excentriekelingen, 'is het feit dat ik niet gek ben.' Dali ¿ was een dweper en ontdekte al heel vroeg een winstgevend systeem: zijn 'kritische paranoia'. Hij was de uitvinder van de zelfpromotie en van de merchandising; de grote surrealistische roerganger André Breton bedacht voor hem het anagram avida dollars, de 'dollargraaier'.

In zijn zes eerder in de Franse krant Le Monde verschenen portretten gaat Braudeau op zoek naar de wezenskenmerken van zulke grote ego's als Dali ¿ . Hoe wordt iemand excentriek, un homme bizarre? Schrijver en reiziger Pierre Loti organiseerde hallucinante feesten. De al even 'prettig gestoorde' Raymond Roussel at volgens zijn kok tussen halfeen en halfzes in volstrekte afzondering vier maaltijden 'en un seul service' (het eetgedrag van Guillaume Apollinaire was al even bizar: hij begon vaak met het dessert en eindigde met het voorgerecht); aan de 19de-eeuwse kunstenares Rosa Bonheur, die paarden en stieren schilderde, werd 'om reden van gezondheid' toestemming verleend zich een halfjaar als man te kleden.

Braudeau speurt aan de hand van karakterschetsen van zonderlinge mensen als Sarah Winchester, die voortdurend haar immens grote huis liet verbouwen, of het ongrijpbare en soms lastige schaakwonder Bobby Fischer naar de eigenaardigheden van die excentriekelingen.

Ze zijn, citeert hij de Britse neuro-psycholoog David Weeks, 'buitengewoon gezond, en ook intelligenter en gelukkiger dan de rest van de bevolking'. Maar ze zijn ook eenzamer. Weeks en schrijver Jamie James publiceerden in 1995 hun hilarische Eccentrics – A Study of Sanity and Strangeness. Britten koesteren hun excentriekelingen: ze zijn creatief, origineel, idealistisch, eigenwijs, humoristisch, geniaal, nonconformistisch én extreem.

Zulke mensen 'willen ontsnappen aan de banaliteit', zegt François Bott, lange tijd eindredacteur van de wekelijkse boekenbijlage Le Monde des Livres, in zijn onlangs verschenen Femmes extrêmes, portretten van elf opmerkelijke vrouwen. Bott schrijft over beroemde, maar ook tragische en fatale vrouwen: Zelda Fitzgerald, omgekomen in een ziekenhuisbrand; de tragische schoonheid van Ava Gardner; Milena Jesenská en haar vurige correspondentie met Franz Kafka; de drankzucht van de blueslegende Billie Holiday en de aandoenlijke liefdesgeschiedenis van Edith Piaf en wereldkampioen boksen Marcel Cerdan.

In alles, zegt Bott, zijn ze extreem, 'niet links of rechts', maar roekeloos wat hun levenswandel betreft. Ze betaalden vaak een hoge prijs voor hun eigenzinnigheid, die vaak grenst aan excentriciteit en gekte: ze raakten aan de drank, werden door hun geliefdes in de steek gelaten, en stierven soms heel jong, berooid of vereenzaamd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden