Expeditie Robinson: Bekende Nederlander wordt bespot, Onbekende Nederlanders laten kijker koud

Ze staan in sterk contrast met de BN'ers: de hardwerkende burger versus de liederlijke elite

In Expeditie Robinson doen nu ook niet-BN'ers mee: echte Nederlanders versus Randstedelingen.

'BN'ers zijn gewend dat alles voor ze verzorgd wordt, ze hoeven niet na te denken, ze worden rondgereden, eten staat klaar in hun kleedkamers.' Het zijn woorden van Marlé, kandidaat van Expeditie Robinson. Dit jaar laat de realityhit voor het eerst zowel bekende als niet-bekende kandidaten meedoen, een twist in een beproefd maar wat sleets geworden concept: zet twee groepen elk op een eigen eiland, laat ze met testen tegen elkaar strijden, het verliezende team stemt iemand weg. Bij de start in 2000 kon iedereen zich inschrijven, sinds 2010 deden er uitsluitend BN'ers mee. 'BN'ers zijn de Nutella van de tv: iedereen ergert zich eraan', schreef collega-recensent Haro Kraak al.

Maar er lijkt een kentering gaande. Onlangs werd bekend dat er aan het winterseizoen van De Slimste Mens acht niet-BN'ers meedoen. In Expeditie Robinson (donderdagavond, RTL5) is de verandering al ingezet: dit jaar zijn er twee eilanden met BN'ers en daarnaast 'het Eiland van de Onbekenden'. Die naam is even sprookjesachtig als sardonisch, alsof het gaat om naamloze of machteloze mensen. Dat is niet het geval. Imke, Herold, Carlos en Marlé bouwen na aankomst meteen een sterke bamboehut, terwijl de BN'ers op hun eilanden nog wat halfslachtig aan bananenboombladeren sjorren.

De Onbekenden zijn gedreven kandidaten, doorgewinterde survivalliefhebbers en fanatiek fan van het programma. Daar zijn ze ook op uitgekozen. Nu staat dat fanatieke blok Onbekenden in sterk contrast met de BN'ers: oprechte fans versus toevallige deelnemers, doorzetters versus diva's. Opvallend is dat de niet-bekende Nederlanders met een dialect of accent spreken, in tegenstelling tot de BN'ers, die, op een enkele Amsterdamse tongval na, ABN aanhouden als televisietaal.

Echte Nederlanders versus beroemde Randstedelingen; die beeldvorming heeft iets weg van de manier waarop sprookjes en de meer gepolariseerde media klassenverschillen neerzetten: de authentieke, hardwerkende burger versus de liederlijke elite, losgezongen van de realiteit. Zo zien we musicalster Carolina, na een verloren proef verbannen naar het eiland van de Onbekenden, klagen over haar slaapplek; kan iemand die scheve bamboestengels rechtzetten? Haar eilandgenoten weten genoeg: die BN'er snapt niet hoe de wereld werkt. Als cabaretier Soundos na een stemming ook op het eiland van de Onbekenden terechtkomt verzucht Carolina: 'Ik ben zo blij dat er een BN'er bijkomt.'

Op Twitter woedt een andere oorlog. Na elke aflevering krijgen de BN'ers uit Expeditie Robinson schofferend, seksistisch, soms ronduit racistisch commentaar. Ook wordt hun status betwist: 'Ik kén haar niet eens!', klinkt het. Uit die boosheid spreekt een begrijpelijk gevoel van onrechtvaardigheid: de BN'er kreeg een ticket naar een expeditie waarvan de kijker al jaren is uitgesloten. De kijker komt daartegen in opstand, zij het niet door de onbekende kandidaten te omarmen; die krijgen vooralsnog nog maar weinig bijval op de sociale media. Zo blijft een wrang gegeven in stand. Bekende Nederlanders worden bespot, maar Onbekende Nederlanders laten de kijker koud.