ReportageExoskelet

Exoskelet of augmented reality, de moderne werknemer krijgt steun van alle kanten

Is het werk zwaar? Een robotarm biedt uitkomst. Is de klus ingewikkeld? Projecteer de handleiding op het werkblad. Hoofd en lijf krijgen steeds vaker hoogwaardige technische ondersteuning bij de uitoefening van het werk.

Een stukadoor trekt zijn exoskelet uit in een testomgeving in Veenendaal.Beeld Freek van den Bergh

Proefpersoon nummer tien staat in zijn witte overall te stuken met behulp van een zwart exoskelet. Het lijkt meer op een harnas met stoffengordels dat om zijn bovenlichaam zit, dan op een futuristische robotarm. De stukadoor pakt zijn lat en strijkt over het pleistergips dat hij heeft aangebracht. Op laptops wordt live zijn spierkracht gemonitord. Hij draait zich om en knikt tevreden. ‘Het zit lekker!’, zegt hij. ‘Het is net een bodywarmer.’

Het skelet is een van de vele voorbeelden van technologie ter ondersteuning van het personeel. Medewerkers worden door innovaties zoals apps, augmented reality, virtual reality en exoskeletten sterker en productiever, signaleert TNO. Het kan daarbij gaan om cognitieve ondersteuning voor personen met een arbeidsbeperking, maar ook om toepassingen voor fysiek zwaar werk om te voorkomen dat de werknemers vroegtijdig moeten stoppen.

Het experiment vindt plaats in Veenendaal in de praktijkhal van de Nederlandse Ondernemersvereniging voor Afbouwbedrijven (NOA). Waar normaal gesproken cursisten zich bekwamen in het pleisteren, staan nu ervaren arbeiders met een exoskelet aan. TNO onderzoekt in samenwerking met exoskelettenbedrijf Skelex en Knauf (producent van gipspleister) hoe dit hightech ‘kledingstuk’ het stuken gemakkelijker kan maken.

Christjan Franken (52) is zzp’er en al dertig jaar stukadoor. Zijn rug is voor een deel versleten. ‘Dit hou je niet vol tot je 65ste.’ Hij behoort tot de meerderheid van de stukadoors die klachten hebben als rug- en schouderpijn. De onderzoekers zeggen vaker te horen dat stukadoors het werk niet tot hun pensioen volhouden door de zware belasting.

Maar hoe hoger Franken zijn armen nu beweegt, hoe minder hij zelf moet doen. Het exoskelet neemt een aanzienlijk deel over. Op de hoogste ‘armstand’ heeft Franken voor de helft minder spierkracht nodig dan normaal.

Nog voor hij weet hoeveel het exoskelet moet kosten, zegt hij dat hij het ‘waarschijnlijk wel gaat aanschaffen’. De aanschafprijs is niet kinderachtig: 3- tot 5.000 euro denkt onderzoeksleider Michiel de Looze. Het schrikt Franken niet af. Hij zou op die manier beduidend langer door kunnen werken.

Een stukadoor aan het werk met een exoskelet in een testomgeving in Veenendaal. Rechts laptops met gegevens die gemeten worden. Beeld Freek van den Bergh

Of de klachten ook werkelijk afnemen, is nog niet door het onderzoek bewezen. Het testen gaat nog even door, de feedback van de stukadoors wordt verwerkt en het exoskelet aangepast. Een suggestie die de onderzoekers kregen van de stukadoors is dat het skelet beter wit kan zijn: dan vallen de vlekken minder op.

In andere industrieën heeft het exoskelet al zijn intrede gemaakt. Automerken en vliegtuigbouwers als Ford, Audi en Airbus hebben recentelijk een aantal exemplaren aangeschaft en zetten deze in op de werkvloer. Het geteste exoskelet is vooral bedoeld voor bovenhandse werkzaamheden, bijvoorbeeld wanneer er gesleuteld moet worden. TNO kijkt in samenwerking met Universiteit Twente ook naar mogelijke toepassingen in de medische sector.

In de bouw worden voor het eerst exoskeletten gebruikt. Er zijn al meerdere tests geweest en de onderzoekers zijn vooralsnog optimistisch over de resultaten: daaruit blijkt dat de stukadoor met exoskelet tientallen procenten minder spierkracht hoeft te gebruiken. De vraag is of het zal aanslaan, deze voor de bouwers volledig nieuwe en onbekende innovatie met een behoorlijk prijskaartje?

‘Exoskeletten moeten cool worden’, lacht Rob van Groningen, algemeen directeur van Knauf. ‘Stukadoor zijn is een stoer beroep, waarin lichamelijke hulp niet makkelijk geaccepteerd wordt.’ Zeker jongeren zouden twijfelen of ze wel ‘met zo’n ding’ willen lopen. Toch ziet Van Groningen een gat in de bouwmarkt: ‘Er zijn steeds meer zzp-stukadoors, die nu nadenken over hoe ze hun pensioen halen.’

In totaal telt Nederland ongeveer achtduizend stukadoors. Volgens het CBS bereikte het aantal bedrijfsvestigingen in de bouw dit jaar een record door de grote groei van eenmansbedrijven. ‘We zagen de laatste jaren de verkoop van spuitmachines groeien’, zegt Van Groningen. Dat terwijl zo’n machine ook duizenden euro’s kost.

Dat het exoskelet cool moet worden, heeft nog een reden: het personeelstekort. ‘Jonge mensen kiezen niet meer voor dit beroep, ook omdat het ontzettend zwaar is. Door het werk te verlichten, hopen we dat meer mensen voor dit werk kiezen’, zegt Van Groningen.

De angst dat de robot de mens gaat vervangen, lijkt niet aanwezig. ‘Ze zijn juist eerder een aanvulling’, zegt hoogleraar De Looze. ‘Ze kunnen het routinematige of het fysiek zware werk weghalen. Ze veranderen het werk dus wel.’ ‘Stuken gaat over vakmanschap en precisie’, vult Van Groningen aan. ‘Dat is juist bij uitstek mensenwerk.’

Het hoofd

Behalve van nut bij lichamelijk zwaar werk, wordt er volop getest met technologie als ondersteuning bij cognitieve taken, denkwerk dus. Zo kan digitale informatie geprojecteerd op het werkblad of via een slimme bril worden toegevoegd aan de werkelijkheid. Dit kunnen geschreven instructies zijn, of foto’s, video’s, kleuren en pijlen. TNO heeft bij meerdere bedrijven dergelijke systemen getest voor mensen met cognitieve of psychosociale beperkingen.

Bijvoorbeeld bij Senzer in Helmond. Per jaar worden hier 800 duizend maxi-cosi’s geassembleerd in opdracht van Dorel door personen met afstand tot de arbeidsmarkt. ’sWerelds bekendste kinderzitje is in Helmond uitgevonden, vertelt Paul Verbakel, directeur werk en participatie bij het werkbedrijf. Lopend langs de productielijnen wijst hij op de werknemers die zij aan zij schroeven, testen en inpakken. Iedereen heeft een korte taak en wisselt om de paar uur van opdracht. Met behulp van geprojecteerde instructies kunnen werknemers ook complexere taken uitvoeren.

Bij werkbedrijf Senzer worden instructies voor de assemblage van Maxi Cosi’s op de werkbank geprojecteerd.Beeld Raymond Rutting

Zo heeft medewerker Tung tien bakjes voor zich met schroefjes, ringetjes en andere metalen en plastic onderdelen. Op het werkblad verschijnt een instructie: plaats spindle guide liner. Het bakje linksboven licht groen op. Als hij het plastic onderdeel uit het bakje heeft gehaald, kleurt het licht blauw. ‘Laat even zien wat er gebeurt als je iets fout doet’, moedigt zijn begeleider hem aan. Met lichte tegenzin gaat zijn hand naar een verkeerd bakje: gelijk wordt hij gewaarschuwd met een rood licht.

Dan snel door met de juiste gang van zaken: met een groene pijl op het werkblad wordt aangegeven waar hij het plastic onderdeel in moet plaatsen. Zo heeft hij al snel bijna twintig taken achter elkaar uitgevoerd, voordat het complete onderdeel in een grote bak verdwijnt, klaar voor de volgende stap.

TNO heeft bij Senzer twee pilots uitgevoerd met augmented reality, een zogeheten operator support systeem. Dit zijn werkinstructies die geprojecteerd worden op het werkblad om de werknemer zo door het assemblageproces heen te leiden. Het resultaat is positief: de leertijd is verkort en de inzetbaarheid vergroot. Binnen acht werksessies van 1 uur zat 75 procent van de medewerkers al op het gewenste werktempo.

Bij Senzer zijn twee pilots uitgevoerd met augmented reality.Beeld Raymond Rutting

‘We werken met een bijzondere doelgroep, onder anderen met mensen die handelingen goed kunnen uitvoeren, maar minder goed zijn in instructies onthouden’, vertelt Verbakel. Door de opdrachten te projecteren is het onthouden minder belangrijk. Daardoor kunnen meer werknemers dan voorheen voortaan complexere taken uitvoeren.

Projectleider bij TNO Gu van Rhijn ziet veel mogelijkheden om dit systeem ook bij andere bedrijven toe te passen. ‘Zodat uiteindelijk ook meer mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie aan het werk kunnen of kunnen doorstromen naar regulier werk.’

Nadat de eerste pilot was uitgevoerd, is TNO samen met leverancier Arkite een stap verder gegaan, vertelt Van Rhijn. De instructies werden hierbij aanpasbaar gemaakt aan de behoefte en het niveau van de werknemers. Het systeem heeft daarbij door hoe snel je leert.

Verbakel: ‘Het is net een computerspelletje met meerdere levels. Doe je het goed, ga je een level omhoog en krijg je minder instructies.’ Als er iets fout gaat, schakelt het systeem vanzelf weer een level terug. Veel mensen hebben niet door dat het systeem zich aanpast, legt Van Rhijn uit. ‘Het sluit aan op de behoefte van de werknemer.’

De inzetbaarheid is vergroot en het zelfvertrouwen van de werknemers ook, vertelt Verbakel. Mensen die voorheen slechts 3 à 4 onderdelen konden verwerken, zijn nu in staat om een project van 17 onderdelen in elkaar te zetten. ‘En dat smaakt bij veel werknemers naar meer.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden