Even van God los

Een Vener laat zijn traditie niet afpakken

Hardwerkend en godvruchtig zijn ze, de inwoners van Veen. Maar één keer per jaar, rond Oud en Nieuw, springen ze uit de band. Dan wordt er 'gestookt'.

Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Normaal zit in La Te Ja anderhalve man, een paardenkop en een verdwaalde hond. Een droevig café is het, zeker sinds Lange Teun, getrouwd met Janny - La Te Ja - zijn tent van de hand deed. Meestal is de deur dicht.

Veen, kerkdorp aan de Afgedamde Maas in het noorden van Noord-Brabant lijkt sowieso niet geschikt voor een café. Angstvallig aangeharkte tuinen, de rust van een begraafplaats, een bevolking die leeft in de vreze des Heren.

Op Wikipedia krijgt het dorp van tweeenhalf duizend inwoners acht lemma's. Trefwoord nummer 6 vermeldt waarom Veen op bescheiden schaal nationale aandacht verdient: 'Nieuwjaarsrellen'.

In de late avond van 30 op 31 december vorig jaar zat opeens honderd man in La Te Ja. Nooit vertoond. Buiten in de Grote-straat stond een auto in lichterlaaie. Stoken noemen de Veners het. Tot verdriet van het gezag is het tot traditie gemaakt, het in brand zetten van oude barrels, bij de overgang van het oude naar het nieuwe jaar.

Dit is het procedé: vul een sloopauto met oude banden, overgiet het geheel met afgewerkte olie, sluit af met afval van allerlei aard dat zorgvuldig in benzine is gedrenkt. Draag een bivakmuts. Rij met die auto in vliegende vaart naar de beoogde plek, houd een lucifer bij je belading en maak dat je wegkomt.

De ME kwam eropaf, er werd met flessen en vuurwerk gegooid, de meute, vrouwen en kinderen inbegrepen, vluchtte La Te Ja binnen. Eén voor één moesten de mensen naar buiten komen. Ze werden gearresteerd en overgebracht naar gevangenissen in Breda, Tilburg en Zeist. Daar zijn ze drie nachten vastgehouden, tot na de jaarwisseling. Er waren meisjes bij in glittertopjes en op hoge hakken.

Dwars dorp

Het dorp Veen ligt dan wel 'onder de rivieren', aan de Afgedamde Maas, maar de ruim 2.500 inwoners zijn overwegend protestants. De traditie om met Oud en Nieuw auto's in brand te steken bestaat al zeker enkele decennia.

Orde

Er moest een voorbeeld worden gesteld. Opdat Veen het stoken zal laten. Maar in Veen maakt men zelf wel uit in welke orde men wenst te leven.

Het was voor de oorlog een van de armste gemeenten van het land. Men was landarbeider, in dienst van enkele herenboeren die de lakens uitdeelden. De ontsnapping voor de Veners school in de handel, eerst in de eieren, later zijn daar planten, fruit en auto's bij gekomen, vooral dikke tweedehands Mercedessen die als ze te voos zijn voor de binnenlandse markt, op de boot gaan naar Afrika. Er wordt hard gewerkt in Veen, nooit gekreund en dik verdiend.

Je hebt een aantal grote jongens, de Vossen, de Den Dekkers, de Timmermansen. Zij vieren hun welstand in ruime landhuizen, nieuw gebouwd in klassieke Engelse stijl. Maar iedereen in Veen heeft achter zijn huis wel een loods of op z'n minst een uit de kluiten gewassen schuur. Alles voor de handel.

Een echte Vener is geen vriend van de fiscus. Daar is wel rampspoed uit voortgekomen. Veners hebben überhaupt niets op met de overheid. Als stijve protestanten zijn ze van de theocratie: het zwaard van het gezag rust bij de Here. De muren worden hoog opgetrokken in Veen.

Het La Te Ja-incident is inmiddels een gezwel geworden; het woekert omdat justitie het boek maar niet wil sluiten. Er zijn nog drie verdachten over, maar hun zaak komt pas volgend jaar voor de rechter. Het is niet makkelijk om bewijs te verzamelen in Veen.

Omdat de kwestie zich maar voortsleept, komt de burgemeester van Aalburg, waaronder Veen valt, als eerst-verantwoordelijke voor orde en gezag in het nauw. 'Dit duurt allemaal veel te lang', verklaarde burgemeester Fons Naterop al in oktober. Hij doet zijn best de gemoederen te bedaren. Er is weliswaar een probleem, vindt hij, maar de oplossing moet uit de gemeenschap zelf komen.

Cafetaria La Te Ja Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Mercedessen

Veen zal 'nooit rustig' zijn tijdens Oud en Nieuw, stond in een anonieme brief aan Naterop van twee maanden geleden. 'Er gaat gestookt worden en hard. (...) Je maintiendrai.' In een andere brief uit januari stond onder meer: 'Kijk alvast uit naar een andere gemeente (...) want lang zul je het hier niet meer maken. Uw voorganger kwam met dezelfde arrogantie en ging weg met de staart tussen de benen.'

Dwars en trots zijn ze. Het verhaal wil dat in Veen het grootste aantal Mercedessen rijdt van heel het land, per hoofd van de bevolking dan. Wie goed boert in Veen rijdt doorgaans in een Mercedes. Niet in zo'n zielige 190, maar in eentje met het halve alfabet achterop. Een paar maanden geleden kocht Frans Timmermans, die in het tuingoed zit, een nieuwe S500. Zijn neef Pieter ging naar de dealer van Frans. Hij zei: ik wil dezelfde auto, maar met meer toeters en bellen dan Frans aan zijn Mercedes heeft hangen.

Alles in Veen is handel. Sneller dan in de handel kun je het niet verdienen. Bij de Kamer van Koophandel staan zo'n negenhonderd ondernemingen uit Veen ingeschreven. Mensen met een bijstandsuitkering, losers, zijn er nauwelijks in Veen.

Er was op het Willem van Oranjecollege, een vmbo-school uit het naastliggende Wijk en Aalburg, een probleem met een 15-jarige jongen uit Veen. Hij kwam almaar niet opdagen. Het bleek dat hij geen tijd had voor schoolbezoek. Hij had een eigen vrachtwagen met handel rijden, hij was alvast zijn eigen bedrijf begonnen.

Een afgebrande auto in Veen, vorig jaar. Beeld ANP

Klein stadion

Vorig jaar is aan de rand van het dorp een schitterende nieuwe accommodatie geopend voor voetbalvereniging Achilles. Noem het gerust een klein stadion. Vorige maand heeft jeugdig Oranje er gevoetbald tegen de junioren van België - dat zegt toch iets. Lenny van Zandwijk, de dochter van de juwelier, zong de volksliederen, het Wilhelmus en de Brabançonne. Veen glom van trots.

Op de begroting voor het complex kwam men een aantal tonnen tekort. Het werd prompt afgedekt door zes, zeven Veners, geen probleem. Het hoofdveld is omzoomd met reclameborden, drie rijen hoog. Achilles heeft bijna tachtig sponsors. Timmermans & Zn, in groenten en fruit, meldt op hun reclameschild: 'Een vloek mist ieder doel.'

Er wordt gezwegen in Veen. Uit saamhorigheid of vanwege intimidatie. Voor het resultaat maakt het niet uit. Er wordt gezwegen over wie het zijn, de stokers. Op het hoogtepunt van de traditie, in 2003, hebben ze op één avond misschien wel twintig auto's afgebrand; elke volgende auto reed in op de voorafgaande, die dan al brandende fakkels vormden. Het was linke soep.

Als in oktober de eerste autobanden in de fik gaan, zeggen de mensen in het dorp: ze zijn weer begonnen. Het gaat altijd over 'ze'. Men zegt niet te weten wie 'ze' zijn. Men heeft er geen behoefte aan te weten wie 'ze' zijn.

Er wordt gefluisterd dat een aantal welgestelde dorpelingen de zaak financiert. Hun binnen- en achterzakken zitten altijd vol flappen, zij organiseren. Drie mille, vijf mille? Geen probleem, regel maar een paar wagentjes. Wie zijn het? Glazige blikken, lange stiltes.

Beeld Marcel van den Bergh

Drie kerken

Er zijn zat Veners die bij dominee en burgemeester op bezoek zijn geweest met de bede: help ons toch om het vuur in onze harten in goede banen te leiden.

Wat is dan dat vuur? Het is de andere kant van de aangeharkte godvruchtigheid. Er zijn drie kerken in Veen. Je hebt de Gereformeerde Gemeente, de Hervormde Gemeente die weliswaar tot de brede kring van de Protestantse Kerk Nederland (PKN) behoort, maar wel aan de loepzuivere, gestrenge kant ervan en je hebt de Hersteld Hervormde Gemeente die Gods woord niet voor zoiets als de PKN te grabbel wenst te gooien.

In het openbare leven dicteert de kerk de omgangsvormen. In koopcentrum Duijzer ('de zaak waar u het prettigst koopt') is achtergrondmuziek uit den boze. Het vrouwelijk personeel draagt rok of jurk, absoluut geen broek. Over Eggebeen, de interieurzaak aan de Van der Loostraat die failliet ging, wordt gezegd dat het gekomen is doordat de zoon des huizes in een band is gaan spelen. Daar gaat een godvrezend Vener niet meer winkelen.

Veen hoort met dorpen als Genderen en Aalburg tot Brabant, een vergissing die in 1815, na de Napoleontische tijd, is gemaakt. Brabanders hebben hun carnaval, maar wat heeft Veen? Oud-burgemeester Frans Buijserd kreeg eens een ansichtkaart toegestuurd van een brandend wrak. Er stond op: 'Je blijft van ons feestje af.'

Ook de dominee heeft er geen greep op. Op die ene dag, in die ene nacht zijn wij even van God los. Tot iets dat goed is in Zijn ogen zijn wij toch überhaupt niet in staat?

Jarenlang werd gestookt op het 'kruis', op het snijvlak van de Van der Loostraat en de Witboomstraat, het saaiste kruispunt van West-Europa. Voordat het tot stoken kwam, was er op het kruis gewoontegetrouw vreugdevuur, dat brandend werd gehouden met pallets uit de appelschuur van Timmermans.

Zo is het stoken begonnen: er was op het kruis een gast die een grote bek met een dikke Mercedes uitdaagde: gij durft hem niet eens in het vuur te zetten. Drank zal een rol hebben gespeeld, maar de dikke Mercedes ging het vuur in. Dat is Veens, dat is nou helemaal Veens.

Toen het stoken op het kruis hoger en hoger oplaaide, heeft toenmalig burgemeester Buijserd, bang dat op een kwade dag doden zouden vallen, de lange lat erbij geroepen. Hij heeft pantserwagens en pelotons ME'ers naar binnen gehaald, hij heeft het kruis met zeecontainers laten afzetten - het was paarlen voor de zwijnen. Weliswaar is het kruis van stoken bevrijd, nu gebeurt het elders in het dorp. Zo is in de Grotestraat een keer een caravan met 200 liter thinner in de hens gezet.

Een afgebrande auto in Veen, vorig jaar. Beeld anp

Godfather

Buijserd noemde Veen 'een Siciliaans dorp waar mensen onder de knoet worden gehouden met bedreigingen'. Hij houdt van oldtimers. Hij had een oude Pontiac voor zijn deur staan, naast zijn gewone auto, een Chrysler. Op een zomerse dag in 2004, om vijf uur in de ochtend stonden beide auto's zomaar in de fik.

Met Oudjaar is het kruis tegenwoordig van een burgercomité dat gezelligheid organiseert in de plaats van grimmigheid. Het comité bestaat bijna uitsluitend uit vrouwen. Het zijn vrouwen met ballen. Hun initiatief kan snel begrepen worden als een actie tegen het stoken.

Martien Timmermans, die in het fruit zit, noemt men de Godfather van Veen. Er worden lelijke dingen over hem gefluisterd. Hij heeft het breed. En laat het breed hangen. Hij heeft een fort laten bouwen, een prachtige glooiing in het landschap is het. Hij gaat er wonen.

In Veen wil niemand hardop praten. Aan de telefoon zegt Martien Timmermans dat hij niets te zeggen heeft: 'Aan niet-Veensen is dat toch niet uit te leggen wat dat is, Veens. De lezer zal het niet begrijpen, de burgemeester begrijpt het niet, de politie ook niet. Ik kan een uur praten, ik kan twee uur praten, maar het is een gevoel. Dat er iets van een zigeuner in ons leeft. Wij zijn onrustig, het is de bloedsoort in onze aderen. Ik ben een Veense en daar blijven ze vanaf.'

'Wij hebben de drang in ons om van 10 cent 20 cent te maken. Hoe, dat maakt niet uit. Het hoeft niet door een econoom te zijn voorgerekend. Toen wij op school economieles kregen, zaten we achterstevoren in de bank. Iemand die op school niet zijn best doet, dat is een echte Veense.'

Zijn zoon Henno zit in de gemeenteraad. Aan de telefoon kondigt hij aan dat hij eruit stapt: 'Ik heb over het stoken voldoende geprobeerd tot het midden te komen. Maar men luistert niet. Wie niet horen wil, moet dan maar voelen. Zolang als Veen bestaat, zolang kan men weten: bemoei je niet met ons.'

Het beschadigde wegdek van 'het kruis', de plek waar traditioneel auto's in brand worden gestoken met Oud en Nieuw. Vorig jaar liep dat uit de hand. Beeld Marcel van den Bergh / De Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.